Schroom van een polyglotte minnaar

In vele talen bedreef George Steiner de liefde. Zijn opvallende bevindingen bleven een van de ongeschreven boeken van zijn leven....

Paul Depondt

Misschien heeft ieder van ons wel eens een onderwerp in gedachten en laten we ons al te gemakkelijk en pedant ontvallen ‘er een boek over te kunnen schrijven’. Veel blijft ongeschreven – gelukkig maar. Het oeuvre van een auteur bestaat uit geschreven en ongeschreven boeken.

‘Het grootste deel van mijn bibliotheek’, zegt Geert Lernout in Een beknopte geschiedenis van het boek, ‘bestaat uit boeken die gekocht zijn om er later zelf een boek over te schrijven.’ Alles wat je lezend bij elkaar harkt, genereert weer nieuwe boeken. Naar eigen zeggen heeft Lernout er nog een tachtigtal in de steigers staan.

Steeds langer wordt de lijst van de ongeschreven boeken. Naarmate je ouder wordt, groeit het besef van je overmoed.

Het ene boek roept het andere op, mijmert George Steiner in zijn autobiografie Errata, ‘de steen treft het wateroppervlak en concentrische kringen golven uit naar open gezichtseinders’. In My Unwritten Books heeft de inmiddels bijna 80-jarige cultuurfilosofische essayist het over zeven boeken die hij had willen schrijven. Het moesten beschouwingen worden over de meest uiteenlopende onderwerpen: over de teloorgang van het universitaire onderwijs, de rivaliteit tussen schrijvers en kunstenaars, over de door hem zeer bewonderde China-kenner Joseph Needham, over het zionisme en zijn afkeer van partijpolitieke standpunten, over zijn honden, maar ook over de taal van de liefde, ‘the tongues of Eros’. In tijdschriftartikelen, lezingen, colleges en in zijn autobiografie heeft hij het vaker over die onderwerpen gehad, ook over de seksuele retoriek waarover hij in zijn nieuwe boek openhartig schrijft. Dat boek hadden we graag willen lezen, maar uit discretie heeft Steiner het nooit willen schrijven.

We weten, zegt hij, haast niets van ‘het psychosomatische mechanisme waardoor spraak en seks tot gezamenlijk optreden komen’. Steiner vraagt zich af of er connecties zijn tussen spraakcentra, synapsen in de cortex en het parasympathisch zenuwstelsel. Hij heeft door zijn eigen praktijk als polyglotte minnaar veel ervaring opgedaan inzake ‘het vrolijk argot van het erotisch spraakgebruik’. Zonder schroom vertelt hij hoe hij ‘in de talen die hij vloeiend spreekt’ de liefde bedreef en hoe hij gaandeweg ontdekte dat de seksuele retoriek van taal tot taal radicaal verschilt. ‘Geen twee talen houden identieke cartografieën van het menselijk lichaam en zijn selecte beslotenheden bij.’

Het liefdesbedrijf in het paradijs moet erg monotoon zijn geweest, meent Steiner. Pas na de Babylonische spraakverwarring werd het bedplezier spannender en gevarieerder. Nauwkeurig hield hij bij wat zijn Franstalige en Duitstalige, Italiaanse of Engelse bedgenotes uitriepen bij hun orgasme. Over die erotisch-linguistische eigenaardigheden had hij als taalwetenschapper nog een heel boek kunnen schrijven, echter, zegt Steiner aan het slot van zijn essay, ‘indiscretion must have its limits’.

Ook wiskundige en filosoof Jean Paul Van Bendegem wil ooit nog eens een heel boek over erotiek en pornografie schrijven, maar vreest dat hij zijn bevindingen door zijn vele werk nooit zal kunnen opschrijven. Hij heeft nog een tiental andere onderwerpen in gedachten, waarin hij – zoals bij Steiner over taal en seks – markante of verborgen samenhangen wil aantonen omdat ‘alles met alles samenhangt’. Maar de tijd ontbreekt om het uit te werken.

Over wat ik nog wil schrijven, luidt de titel van een heel bijzondere verzameling van die ‘nog niet geschreven boeken’ (met op de omslag L’origine du monde, het beroemde schilderij van Gustave Courbet). Hij maakte een lijstje van al de geleerde geschriften die hij als academicus nog wil publiceren, zoals over Strict Finitism as a Philosophy of Mathematics, maar tegelijk ook een lijstje van de boeken waar hij door het vele werk als hoogleraar filosofie en decaan aan de universiteit vermoedelijk niet meer aan toekomt.

Hij was enkele jaren geleden begonnen aan een boek over zijn rariteitenkabinet: zijn verzameling wiskundige spielereien, feitjes en curiositeiten, uitzonderlijke en nooit vermoede verwantschappen en dies meer. Uiteindelijk besloot hij al die onderwerpen samen te brengen in een overzicht van nog te schrijven boeken over literatuur en wiskunde, over zijn strijd tegen pseudo-wetenschappen, over zeer gevarieerde onderwerpen als vrijmetselarij, Sherlock Holmes, stripverhalen, muziek, architectuur, geloof en humor, én seks.

Het is een schitterende opzet, maar – anders dan bij de taalvirtuoos Steiner – lijkt Van Bendegem al snel te verzanden in een chaotische bric à brac van resumeetjes, notities, artikelen, opsommingen en wiskundige spelletjes. Hij schrijft zoals Kamagurka tekent, in een kwajongensstijl, met overbodige geestigheden en flauwe grappen. Hij verliest de greep op zijn tien mogelijke boeken. Steiner evenwel maakt van zijn zeven ‘ongeschreven boeken’ zeven essays, kleine briljant opgeschreven boekjes .

Paul Depondt

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden