Schroom, schaamte en sadisme

De laatste aflevering alweer van deze rubriek over de roman in wording. Is liefde-is-voor-vrouwen.nl dan af? Het laatste hoofdstuk geschreven, de definitieve punt gezet?...

Dat van die buiging wil ik alsnog proberen, al ben ik bang dat de halfslachtigheid ervan af te zien zal zijn. Want welke zanger, die op drie kwart van de liederencyclus stopt, lukt het tevreden te grijnzen als hij weet dat de moeilijkste loopjes er nog aan staan te komen?

Schrijven is herschrijven. Dat laatste is essentieel, maar ook een bezigheid die voor derden het aanzien nauwelijks waard is. Zinnen die met een druk op de knop naar elders verhuizen, hele stukken tekst die voor je ogen in de stofzuiger van de delete-toets verdwijnen. Het was geloof ik Bakoenin, die zei dat het belangrijkste van 'scheppen' (de 19de eeuw gebruikte onbekommerd grote woorden) de vernietigende kracht was die de schrijver of schilder wist te mobiliseren. Ongelukkig genoeg zag deze anarchist de politicus ook als een 'schepper' en zijn er uit zijn naam heel wat bommen gegooid en - zoals dat heet - noodzakelijke slachtoffers gemaakt.

De ravage was er niet minder om en alleen degene die weet wat ongeveer uit deze puinhoop moet verrijzen, kan met droge ogen aanzien hoe de bestaande sociale of tekstuele structuur uit elkaar wordt gerukt, zonder dat er op het eerste gezicht ook maar iets beters voor in de plaats komt. Sloopwerk, en geen duidelijk plan voor wederopbouw onder handbereik: noemden we dat tegenwoordig niet zinloos geweld?

Schrijven, ik heb het nu mogen ervaren, is heel goed mogelijk met een muisstil publiek van meekijkende internetters op de achtergrond, wanneer

a: de schrijver afscheid neemt van het idee dat hij alleen maar Definitieve Teksten zal produceren, en

b: de meelezers voor ogen willen houden dat zij met werk in wording van doen hebben. Klad, waarbij de mogelijkheid van mislukking en catastrofe niet uit te sluiten valt. Om het wat psychologischer te formuleren: de auteur probeert zijn schroom en schaamte te overwinnen, en zijn voorbarige excuses in te slikken ('Vorsicht, nog niet af'), terwijl de internetters hun straffende, sadistische impulsen in toom trachten te houden. Want niets wakkert de agressie zozeer aan als evidente tekortkomingen en inconsistenties, die de meelezer als een triomfantelijke rechercheur op heterdaad weet te betrappen.

Ik herinner me nog de mail van Lex en Petra, die zich afvroegen of ik nu wel zeker wist dat ik zat te wachten op kritiek, wellicht zelfs meedogenloze kritiek van de lezers? More tears are being shed over answered than unanswered prayers schoot mij meteen te binnen: het prachtige motto, dat Truman Capote aan zijn gelijknamige roman meegaf, die uiteindelijk nooit geschreven zou worden. Jaren heeft die man met het idee gespeeld, een hoofdstukje hier en daar verkocht, altijd voor astronomische bedragen. Capote was van jongs af aan overtuigd van zijn marktwaarde, alsof hij niet geleid werd door een onzichtbare hand, maar door een onzichtbare manager die normaal gesproken in prijsboksers deed.

Over geen boek is zoveel ophef gemaakt, ontelbare keren heeft Capote interviews afgegeven waarin het mysterie enkel werd vergroot, maar waarin ook altijd de belofte gedaan werd dat de grote, alles omvattende Amerikaanse Roman nu op een oor na was gevild. Afijn, bij zij dood vonden ze naast de al gepubliceerde hoofdstukken wat kladjes, waar zelfs de meest ervaren redacteur geen lijn in kon ontdekken.

Capotes wanhopige snoeverij geldt inmiddels als hèt voorbeeld van de schrijver die zijn mond voorbij praatte en daarom zijn eigenlijke werk frustreerde. Want dit is de ongeschreven wet: 'Gij zult zwijgen over uw boeken die nog niet persklaar zijn; gij zult noch uw publiek, noch uw naasten enigerlei mededeling doen over handeling, voortgang en verloop. Zo niet, dan zal de vloek van het Voorbarige Spreken u treffen.'.

Dat magische, want door niets of niemand te onderbouwen gebod heeft mij altijd gestoord; juist vanwege de oncontroleerbaarheid. Altijd een voorkeur gehad voor transparantie, voor werk waarin de constructie niet aan het oog wordt onttrokken, maar waar het juist de inzet vormt van het geheel. Dus liever Bauhaus dan de Amsterdamse School, liever de psychoanalyse dan hynpose-technieken, liever een lelijke eend dan een Maserati, liever verschil van mening en een bakkeleiende directie dan New Age Management.

Maar werkt democratie in de kunsten, bij het schrijven van

een boek? Uiteindelijk maar zeer ten dele, want ondanks alle goede en minder goede raadgevingen is het de auteur die personage A. afvoert en mijnheer B. naar het middelpunt van het verhaal dirigeert. Het eerste, leesbare, volledig collectief geschreven boek, moet mij nog bereiken.

Internet biedt wel de mogelijkheid om al tijdens het schrijven over meelezende redacteuren te beschikken die de blinde vlekken zien van je eigen schaduw. En dat is winst voor iedereen die niet voor zichzelf schrijft, of van zich af schrijft, maar naar zich toe (problemen, personages, het publiek - hoe klein en select dat ook mag zijn).

Nu heb ik toch gedaan waar drie internetters me om vroegen. Ik neem de mail van Christine omdat daarin het bondigst staat verwoord wat ook Bart en Lillian wilden weten: 'Voor herhaling vatbaar, zo'n internet-roman? Heeft het nu iets extra's opgeleverd, al die reacties van internetters? En wat dan, precies'.

Het is de evaluatievraag die, is mijn indruk, steeds sneller en dwingender wordt gesteld. Tussentijds, mid-term, voorlopig: we zijn onderhand bedreven geraakt in het terugkijken, ook als er nauwelijks tijd is verstreken om melancholiek van te worden. En 'extra's'? Dat klinkt als een aanbieding uit de supermarkt, iets waar je recht op hebt, mits in het bezit van een bonuskaart. Ik ben al blij dat internet geen valkuil, maar een dienstbare aanvulling is gebleken.

'En wat dan, precies?'

Preciezer kan ik het niet zeggen en voor de rest heb ik het in dit stukje al verwoord.

Dank voor het weerwerk en het weerwoord, ik schrijf nog even enkelvoudig verder.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden