PostuumHafid Bouazza

Schrijver Hafid Bouazza (1970-2021) zag migratie als een kans op hergeboorte

‘Wie zich nooit onsterfelijk heeft gevoeld, is nooit jong geweest’, zei Hafid Bouazza ooit in een interview. En daar opgewekt achteraan: ‘Ik heb roekeloos geleefd.’ De schrijver overleed donderdagochtend op 51-jarige leeftijd in een ziekenhuis in Amsterdam. Dat maakte zijn uitgeverij Querido bekend.

Hafid Bouazza Beeld Joost van den Broek
Hafid BouazzaBeeld Joost van den Broek

Bouazza was al ‘geruime tijd ziek’, de precieze doodsoorzaak werd niet vermeld.

Hafid Bouazza werd in 1970 geboren in Marokko. Op zijn 7de verhuisde het gezin naar Nederland; vader werkte als gastarbeider in het Zuid-Hollandse Arkel, waar Bouazza opgroeide. Als 13-jarige jongen op het atheneum werd hij gegrepen door de Middeleeuwse literatuur. De ballade Heer Halewijn kende hij helemaal uit zijn hoofd (Bouazza was bijzonder goed in het memoriseren van gedichten, doordat hij als kind dag in dag uit het rijmproza van de Koran in zijn hoofd had moeten stampen).

Later vertrok hij naar Amsterdam, om Arabische taal- en letterkunde te studeren – een keuze die voortkwam uit zijn passie voor poëzie en oude literatuur. Hij wilde graag Duizend-en-één-nacht in het origineel kunnen lezen, maar werd evengoed gegrepen door de Nederlandse canon, zoals het lange gedicht Mei van Herman Gorter.

Hij stelde tijdens zijn leven verschillende bloemlezingen samen en vertaalde ook. Soms eeuwenoude klassieke Arabische poëzie, soms Shakespeare, zoals diens lange gedicht Venus en Adonis. Dit najaar zou zijn vertaling verschijnen van Het Parijse spleen, van de Franse dichter Charles Baudelaire.

Bouazza stond bekend als virtuoos schrijver, als islamcriticus én als onverbeterlijke alcoholist. Hij won in 1996 de E. du Perronprijs met zijn debuut, de verhalenbundel De voeten van Abdullah, vol herinneringen aan zijn kindertijd in een Marokkaans dorpje. Het boek kreeg direct het predicaat ‘migrantenliteratuur’, al had Bouazza zelf helemaal niets met die term. In 2001 schreef hij in het boekenweekessay Een beer in bontjas dat je migratie ook kunt zien als een kans op hergeboorte. Last van heimwee naar zijn geboorteland had hij niet; hij hield innig van zijn stad Amsterdam, waar hij de kroegen en hun stamgasten kende.

Zijn doorbrak bij het grote publiek kwam in 2003, met de roman Paravion, over drie generaties mannen in een Marokkaans dorp. Het boek werd geroemd om de experimentele, lyrische taal; het leverde Bouazza de Gouden Uil op en een nominatie voor de AKO Literatuurprijs.

Ondertussen schreef Bouazza talloze essays en opiniestukken, waarin hij zich kritisch uitliet over de islam. Hij vatte de religie met de vele regeltjes ooit samen als ‘you can’t do this, you can’t do that’. In De akker en de mantel, een essay (‘woedekreet’, zei hij zelf) uit 2015, haalt hij hard uit naar de mensonterende positie die de islam toebedeelt aan de vrouw. ‘Er is in essentie iets mis met de islam: de islam is reactionair. En de reactionaire reactie op de vrouw, de onderwaardering van en de angst voor de vrouw komen in deze eeuw, na de bewonderenswaardige strijd die vrouwen hebben gestreden (via de pen, in fabrieken, op straat) harder aan dan ooit – het is alsof je een bewoond huis ziet branden en niets kunt doen.’

Door gekwetste zieltjes liet hij zich niet remmen. Polemiek moet tergen, vond hij. ‘Als woorden je kunnen ontroeren, kunnen ze je ook pijn doen’, zei hij in een interview. ‘Als schrijver ben je geen knip voor de neus waard als je vindt dat woorden niet mogen kwetsen.’

Als Bouazza niet schreef, dan dronk hij. Gemiddeld één fles absint en twintig bier per dag, zo wil het verhaal. Drinken was een bevrijding: blijkbaar wás er helemaal geen god die hem zou straffen. Wel werd het hem bijna fataal: hij belandde meerdere keren in het ziekenhuis met een levercirrose en een delirium. Het leverde genoeg stof op voor een roman, Meriswin (2014). Het is het verhaal van een doodzieke man, wiens geest juist opleeft. Niets minder dan een lofzang op de alcoholroes. Het zou zijn laatste roman blijken; Bouazza laat – naast twee zonen – het manuscript van een nieuwe roman na. Onvoltooid.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden