Interview

'Schrijven is het allermooiste'

Eerst was er het boek van journalist Ad van Liempt (66). Nu volgt, tot zijn blijdschap, de tv-dramatisering: De Maliebaanmonologen, over verzetsmensen die tijdens WOII griezelig dicht bij elkaar zaten in Utrecht.

null Beeld Frank Ruiter
Beeld Frank Ruiter

VTV 5 of FC Utrecht? 'VTV 5! Ik beleef daar zo veel plezier aan. Er is niets mooiers dan met drie man in de auto naar een uitwedstrijd te rijden en een tafeltenniswedstrijd te spelen in een gymzaal die naar zweet stinkt. Het komt voor dat de laatste wedstrijd pas om kwart over twaalf begint. Daarna douchen en bier drinken. Soms ben ik pas om twee uur weer thuis. Vroeger was ik vaak de hele week brak na een wedstrijd, dat is nu geen probleem meer. Ik kan uitslapen.

'Ik had veel aanleg als jongen, was al snel een van de besten van Nederland. Met een paar onderbrekingen ben ik altijd blijven spelen. Mijn sterke punt? Mijn service, die is nogal lastig. Ja, zeggen tegenstanders soms, jij wint alleen maar dankzij je service. Ja, nou en?

'Naar FC Utrecht ga ik vooral vanwege de rituelen, al bijna vijftig jaar. Ik ben geen fanatieke supporter. Het maakt me niet veel uit of Utrecht wint of verliest. Als de tegenstander een mooi doelpunt maakt, klap ik. Ja, dat is tamelijk ongebruikelijk.'

Marie-Anne Tellegen of aartsbisschop Jan de Jong? (1)

'Ze spelen allebei een rol in de Maliebaanmonologen. Ik heb grote bewondering voor Tellegen, ze was een vrouw die in het verzet een vooraanstaande rol speelde, maar ik kies voor De Jong. Hij verzette zich ook tegen de Duitsers, maar hij had vreselijk veel twijfels. Dat vind ik het mooie aan hem.

'Hij is de enige man van wie ik ooit heb gelezen dat hij spijt had van zijn eigen dapperheid. Hij heeft gezegd dat hij sommige dappere dingen niet had moeten doen, omdat hij de last op de schouders van anderen legden. Als hij bijvoorbeeld opriep om de nieuwe vakbond van de nazi's te boycotten, werd hij niet gearresteerd, maar bijvoorbeeld vakbondsmensen of kapelaans wel. En van hen hoorde je nooit meer wat. Daar lag hij wakker van.

'Het is geweldig dat mijn boek Aan de Maliebaan tot leven is gekomen. Theatergroep Aluin heeft er een stuk van gemaakt. Op 3 mei vorig jaar is het opgevoerd in de panden aan de Maliebaan. Iedereen deed mee, behalve de crèche waar de NSB zijn hoofdkwartier had. En nu zijn er dus zes afleveringen voor televisie gemaakt. Het is heel bijzonder dat de NPO het uitzendt, ik ben er heel blij mee, ook omdat de vorm nieuw is.

'Laatst heb ik het nog eens opgezocht. Jessica Durlacher zei in de Nationale Herdenkingsrede in 2001 in de Nieuwe Kerk dat het verhaal van de oorlog nu voor de kunstenaars is. Het dendert de wereld van de fictie binnen, zei ze letterlijk; de schrijvers, de zangers en theatermakers moeten het werk overnemen. Dat is nu aan het gebeuren.'

Sébastien Haller of Tonny van der Linden?

'Tonny van der Linden, zonder een seconde te aarzelen. Als midvoor van DOS was hij geniaal, maar geen publieksheld. Hij maakte geen slidings en liep niet op onmogelijke ballen. Hij spaarde zich. Dat viel bij het publiek niet in goede aarde. Publiek in Utrecht wil dat een spits beukt en met een sliding een ingooi forceert. En hij was ook nog eens wisselvallig, net zoals Haller nu bij FC Utrecht.

'Van der Linden was onwaarschijnlijk goed. Hij was tweebenig, kon goed koppen en alle vrije trappen vanaf de rand van het strafschopgebied gingen erin. Ik heb in het seizoen dat DOS kampioen van Nederland werd één wedstrijd van hem gezien, Ajax-thuis in 1958. Mijn zusje had verkering, maar dat mocht nog niet. Ze ging met haar vriendje en ik mocht mee als dekmantel. De uitslag was 5-1, met een briljante Van der Linden.'

Marie-Anne Tellegen of aartsbisschop Jan de Jong? (2)

'Ik ben als enige van het gezin na de oorlog geboren. Tijdens het eten kwam de oorlog weleens ter sprake. Mijn vader zei soms, als iemand langsliep: hé, daar heb je die vuile NSB'er ook weer. Zo ging dat in die tijd.

'Ik ben vernoemd naar mijn vader, mijn eerste voornaam is Adolph. Mijn vader was van 1907, toen was het nog een gewone naam. In 1949 beschouwden de mensen de oorlog als afgelopen, ze keken vooral naar de toekomst. De naam heeft mij verder nooit dwarsgezeten, hij wordt nooit gebruikt en ik had een bijzonder fijne vader, die bepaald niet fout was.

'Het verhaal dat de meeste indruk op mij maakte, gaat over de razzia op 7 oktober 1944 in Utrecht. De Duitsers gingen van huis naar huis om mannen op te pakken en te werk te stellen. Twee van mijn zusjes kregen de opdracht om met betraande ogen in de vensterbank te gaan zitten en te zeggen dat papa al weg was. Mijn vader lag intussen ergens verborgen onder de grond. Het lukte, de Duitsers liepen door. Pas veel later realiseerde ik me hoe bijzonder en heldhaftig het was. Het ene zusje was destijds pas 4 jaar.

'Het verhaal van de oorlog is verrassend actueel en universeel, daarom spreekt het zo veel mensen aan. Het gaat over de menselijke waarden. Sinds een jaar of dertig wordt ook de geschiedenis van de gewone mensen interessant gevonden. Het is omgeslagen. Iedereen kan zich identificeren met de lotgevallen van gewone mensen.

'Dat leidt tot veel publicaties, ja, ook van mijn hand. Als je mijn boeken over Indonesië meerekent, heb ik tien boeken over de Tweede Wereldoorlog geschreven. En ik blijf me verbazen.'

Zzp'er of loonslaaf?

'Ik was 60 toen ik vervroegd uit dienst ben gegaan, dat was in 2010. Het bestaan als zzp'er beviel meteen goed, ik was verlost van de druk. Mensen vonden het over het algemeen prettig om onder mijn leiding te werken, maar ik vond het chef-zijn niet echt leuk. Bij de televisie werd ik overvallen door de opwaartse sociale druk. Jij moet het worden, zei iedereen. Toen heb ik het maar gedaan, eerst bij Studio Sport, later bij NOVA.

'Toen ik hoofdredacteur van NOVA was, werd ik op een dag wakker met de gedachte: ik stop. Dat heb ik meteen gedaan. Ik werd redactiechef, zodat ik me weer kon bezighouden met de inhoud van het programma. Iedereen vond dat dapper, maar ik was klaar met managen. Nu zeg ik altijd: het was een ontzettend mooie baan om gehad te hebben.

'Het genot van het schrijven had ik al eerder ontdekt. Om Kopgeld te schrijven, het boek over de betaalde jacht op Joden in de Tweede Wereldoorlog, nam ik bij NOVA voor de eerste keer van mijn leven atv op, een jaar lang. Elke maandagmiddag kon ik schrijven. Daar verheugde ik me de hele week op. Heerlijk, prutsen met woorden. Schrijven is het allermooiste.'

Zwartboek of Soldaat van Oranje, de musical?

'Die tweede valt af, ik behoor tot de drie Nederlanders die de musical niet hebben gezien. Met Zwartboek had ik moeite. Het mag van mij allemaal wel een paar slagen subtieler. Hans Blom, de vorige directeur van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie, zei op de radio iets geweldigs: alles wat in de film wordt getoond is echt gebeurd, alleen niet in anderhalf uur. Het is een cascade van spectaculaire gebeurtenissen, gepropt in één film.

'Wat die oorlog nou zo interessant maakt, die dunne scheidslijn tussen goed en kwaad, zit er ook in. Maar ik vind het mooier als het langzamer wordt getoond, beter uitgewerkt, zodat je je kunt identificeren met de mensen. En zonder bommen en granaten die je aandacht wegtrekken.'

Aan de Maliebaan

De Maliebaanmonologen, vanaf zondag op NPO 2, zijn gebaseerd op het boek Aan de Maliebaan van journalist-schrijver Ad van Liempt (66). De hoofdpersoon is een statige Utrechtse straat. Utrechter Van Liempt koos de Maliebaan vanwege de veelheid aan Duitse instellingen die hier in de oorlog waren gevestigd, inclusief het hoofdkwartier van de NSB. Er woonden ook twee prominente verzetsmensen, aartsbisschop Jan de Jong en Marie-Anne Tellegen.

NOVA of Andere Tijden?

'Lastig. Ik ben een enorme fan van Nieuwsuur, het vervolg op NOVA. Andere Tijden heb ik samen met Gerda Jansen Hendriks en Carla Boos bedacht en opgezet. Televisie en geschiedenis zijn voor elkaar gemaakt. Televisie is ideaal om verhalen te vertellen en de geschiedenis is een onuitputtelijke bron. Nog steeds kijken 500 à 600 duizend mensen naar Andere Tijden. Het bestaat al zestien jaar en het is me zeer dierbaar.'

Ere-Nipkowschijf of eredoctoraat Universiteit van Amsterdam?

'Het verraste me allebei zeer. Het was meer dan waar ik dacht aanspraak op te kunnen maken. Of mijn verdiensten nou echt zo groot zijn? Toen ik had gehoord dat ik een Nipkowschijf zou krijgen, was ik plotseling een man met een oeuvre, heel gek. Dat wist ik voordien niet, zeker niet waar het mijn televisiewerk betrof.

'Ik las ooit een wetenschappelijke definitie van geluk. Waardering en erkenning worden als belangrijke factoren gezien. Het geldt voor alle niveaus, voor alle leeftijden en alle volken. Zo'n prijs of eerbetoon draagt bij aan je geluk, ik kan het niet ontkennen.'

De Maliebaanmonologen, vanaf zondag t/m 6/5 op NPO 2, 22.30 uur.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden