Schönberg/ Brahms * * * *

Schönberg/Brahms. Berliner Philharmoniker o.l.v. Rattle. EMI

Er is waarschijnlijk geen componist die zo veel unica op zijn naam heeft als Arnold Schönberg - en daarmee bedoel ik stukken die geen enkele pendant in zijn oeuvre hebben.


Schönbergs afkeer van de herhaling gaat zo ver dat hij zelfs binnen een werk nog hoorbaar een eind kan oprukken. Bijvoorbeeld in de Kammersinfonie Nr.1 uit 1906. Het stuk begint ongeveer in de stijl van Richard Strauss, maar halverwege stapelt Schönberg de kwartsprongen die aldoor al in de melodie voorkwamen op tot een akkoord dat lijkt te spotten met de normale gang van zaken in de harmonieleer.


De bijna dertig jaar later vervaardigde orkestversie van dit stuk is nu door Simon Rattle en de Berliner Philharmoniker op de plaat vastgelegd, samen met nog twee van die typische Schönberg-unica.


De Begleitmusik zu einer Lichtspiel-szene uit 1930 is filmmuziek zonder film - maar dan wel met een veel te grote spanningsgraad, voor de cinema althans. Even bijzonder is de orkestbewerking die Schönberg in 1937 maakte van Brahms' Eerste Pianokwartet. Aanvankelijk volgt hij trouw de stijl van de componist, maar allengs spreekt hij toch meer en meer zijn eigen palet met tinten aan.


Rattle brengt zowel de traditionele als de meer tegendraadse aspecten van deze muziek op briljante wijze aan het licht.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden