Schijterigheid

In de Zuid-Limburgse stadsregio Parkstad is één op de vijftig gezinnen op de een of andere manier betrokken bij de teelt en productie van cannabis (kweek, drogen, levering van elektriciteit en potgrond, inpakwerkzaamheden, testroken). Dat zei burgemeerster Luc Winants (CDA) van Brunssum dit weekend. Hij baseerde zich op voortreffelijk journalistiek onderzoek van Dagblad De Limburger.


'Maar in Den Haag zijn ze doof', zei Winants op Radio 1.


Jaarlijks verdient de Parkstadse wietsector een kwart miljard euro. Minder dus dan de florerende wietindustrie van Tilburg. In januari meldde NRC Handelsblad dat die jaarlijks 800 miljoen euro omzet. Met 2.500 werknemers is de branche de grootste werkgever van Tilburg.


Dat is mooi, met al die werkloosheid, alleen betreft het hier illegale werknemers die geen belasting betalen.


De casestudy's uit Tilburg en Parkstad tonen waar decennia van besluiteloosheid in het cannabisbeleid toe hebben geleid: een florerende illegale tuinbouwsector.


Volgens Winants corrumpeert de brede betrokkenheid van de bevolking bij de wietproductie de economische en juridische infrastructuur. Jaarlijks besteden we een half miljard aan dweilen met de kraan open.


In januari pleitten 35 burgemeesters maar weer eens voor regulering en legalisering van de wietproductie. Ze kregen steun van VVD-coryfee Frits Bolkestein. 'De minister steekt zijn kop in het zand', zei hij over partijgenoot Opstelten.


Ivo Opstelten mag dan klinken alsof hij zojuist een vensterbankje eigen kweek heeft geconsumeerd, hij moet niks van legalisering hebben. Er staan internationale verdragen in de weg, zegt hij, en bovendien gaat van de Nederlandse productie 80 procent de grens over.


In diverse buitenlanden wordt bewezen dat het eerste argument niet klopt - lees bijvoorbeeld het in maart verschenen rapport The Rise and Decline of Cannabis Prohibition van het gerenommeerde Transnational Institute. Het tweede deugt vermoedelijk ook niet: volgens het Korps Landelijke Politiediensten is die 80 procent 'niet aannemelijk'.


In Den Haag dragen ze veel verantwoordelijkheid over aan de gemeenten, maar het cannabisbeleid hoort daar niet bij. Dat is jammer. Het stugge conservatisme van Opstelten werkt misschien in de Haagse wandelgangen, maar niet in de rauwe werkelijkheid van de burgemeesters. In de VVD woedt een oorlog tussen conservatieven en liberalen - blijkt ook uit het cannabisdossier. De liberalen in de partij zien dat we een doodlopende steeg zijn ingeslagen - achter Opstelten aan die manmoedig 'hierheen!' blijft brommen.


Het kromme gedoogbeleid werkt niet meer - behalve dan voor de drugsbendes en de Brunssumse wietgezinnen.


Ivo Opstelten is de zoveelste minister van Justitie die krankzinnigheid in beleid probeert te vangen.


In Groningen riepen de jongerenpartijen van D66 en VVD het links-liberale bestuur van hun stad vorige week op zo snel mogelijk vergunningen voor de legale wietteelt te gaan uitdelen en zich niks meer aan te trekken van Opsteltens gedateerde opvattingen. Uitstekend plan: er moet één schaap over de dam. Uit de wietbelasting kunnen de gemeenten straks mooi de tekorten op de zorgbegroting aanvullen.


Regulering en legalisering vormen de enige oplossing. Dat begrijpt iedereen die vijf minuten over de kwestie nadenkt, en Ivo Opstelten dus ook. We hebben alleen te maken met angsthazen - misschien helpt harde gemeentelijke ongehoorzaamheid de Haagse schijterigheid te doorbreken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden