Schieten, eigenlijk het enige waar hij goed in was

Tristan van der V. is gefascineerd door de school shooting op de Amerikaanse Columbine High (1999). De schutters die er twaalf mensen doodden noemde hij helden. 'Hij was anders dan andere jongens', zegt een ex-collega. 'Niemand zag hem staan', zegt een vriend over Tristans middelbare schoolperiode.

Het is zaterdag 9 april als Tristan van der V. om iets voor twaalven zijn zwarte Mercedes met grote vaart de parkeerplaats oprijdt van winkelcentrum De Ridderhof in Alphen aan den Rijn. Hij stapt uit zonder zijn auto af te sluiten. Hij draagt een zwart bomberjack, een camouflagebroek en een kogelvrij vest.


Kalm haalt hij uit de kofferbak een semi-automatisch enkelloops geweer, een Smith & Wesson. Ook steekt hij een pistool en een revolver bij zich.


Met beide handen pakt hij zijn Smith & Wesson. Dan begint hij te schieten, op de parkeerplaats. Als eerste raakt hij Nadim Youssef die net uit zijn auto is gestapt om boodschappen te doen. De man zakt in elkaar en overlijdt. Geconcentreerd verwisselt Tristan zijn magazijn.


Uiterlijk onbewogen gaat hij het winkelcentrum in. Hij loopt en schiet. Zijn volgende dodelijke slachtoffer is een vrouw die hij in het hoofd raakt. Hij schiet gericht, ook op vluchtende mensen. Zijn tocht duurt enkele minuten. In die tijd vuurt hij meer dan honderd kogels af. In totaal overlijden zes omstanders.


De zevende is hij zelf. Tristan is dan 24 jaar. Zijn daad doet onmiddellijk denken aan de school shooting op het Amerikaanse Columbine High uit 1999. Studenten Erick Harris en Dylan Klebold doodden destijds twaalf medestudenten en pleegden vervolgens zelfmoord.


Tristan is gefascineerd door deze schietpartij. 'Hij zei tegen me dat het zijn helden waren', vertelt een jongen uit Alphen aan den Rijn met wie hij veel contact had. 'Ik weet nog dat hij de namen van die twee daders noemde. Ik wist natuurlijk niet wie dat waren en vroeg door. Toen vertelde hij over filmpjes van de schietpartij op internet. Hij zei: ik wil net zo zijn als die jongens, ik wil naar de hel.'


Het onderwerp komt in meerdere gesprekken terug. 'Ik heb het er zeker vier keer met hem over gehad.' De jongen wil niet met naam genoemd worden, omdat hij zich schuldig voelt dat hij met dit verhaal niet eerder naar de politie is gegaan.


Tristan van der V. wordt in 1986 geboren als enige zoon van tekenleraar Hans. Over zijn moeder Marieke is weinig bekend. Zijn ouders wonen nog altijd samen in een flat in de Wederikstraat in Alphen aan den Rijn.


Op zijn 12de gaat Tristan naar het nabij gelegen Scala College, waar hij het vmbo afmaakt. Daarna heeft hij kortdurende baantjes als schoonmaker en orderpicker. De laatste jaren van zijn leven zondert hij zich af. Hij heeft weinig vrienden, heeft veel boze buien. Het enige waar hij echt van opleeft, zijn schietspellen en wapens.


In de brugklas is hij nog een vrolijk mannetje, herinnert klasgenote Tamara Donker zich. 'Hij was niet bijzonder populair, maar hij had wel een paar vriendjes. Daar speelde hij vooral computerspelletjes mee.' Ze heeft nog een schoolfoto waarop Tristan met een grote grijns de camera in blikt. 'Die big smile, dat is precies zoals ik me hem herinner.'


Toch gaat het de jaren daarna bergafwaarts. Tristan begint te blowen. Steeds meer, steeds vaker. De aansluiting met leeftijdsgenoten raakt hij geleidelijk kwijt.


'Hij was anders dan andere jongens', zegt André van de Werken, een collega bij distributiecentrum Brookland die later twee jaar met hem werkte. 'Hij had niks met meisjes of scooters. Eigenlijk praatte hij alleen maar over wapens. Ik had niet de indruk dat hij echt vrienden had. Hij was gesloten. Je moest het echt uit hem trekken als je iets wilde weten. Voor de grap deed hij wel eens alsof hij met een mitrailleur om zich heen maaide, maar niemand zocht daar iets achter.'


Contrast

Een van de weinigen met wie hij in zijn schooltijd wel optrekt, is Zakaria Lima, een Marokkaan die naast hem zit in de klas. Het contrast tussen de twee is groot. 'Mijn broer was een player', zegt Rachid Lima. 'Hij had twee gouden tanden, zijn zakken zaten altijd vol geld en hij droeg Gucci. Terwijl Tristan wekenlang dezelfde broek en hetzelfde vest van de dump aanhad. Hij douchte zich niet vaak. Hij was een beetje onverzorgd. Daar maakten we wel eens grappen over.'


Tristan kwam vaak bij de familie Lima thuis. Zakaria zit vast voor een gewelddadige roofoverval. Broer Rachid herinnert zich Tristan goed. 'Hij werd op school buitengesloten en genegeerd', zegt hij. 'Niemand zag hem staan. Hij maakte weinig contact en zei alleen wat als je hem iets vroeg.'


Toch ontstaat er een band tussen de populaire Zakaria en buitenstaander Tristan. 'Ze kozen allebei de richting zorg en welzijn. Dat was het makkelijkste pakket; mijn broer was lui, en Tristan ook. Ze zaten naast elkaar in een klas vol meiden.'


Zakaria neemt de jongen op sleeptouw. Rachid denkt dat Tristan niet zo geïsoleerd was geraakt als zijn broer nog in de buurt zou zijn. Zakaria regelt zelfs een keer een meisje voor hem, Melissa. 'Maar zij hield dat maar anderhalve week vol. Toen was ze hem zat. Mijn broer nam hem daarna nog mee naar de boksschool. 'Dan word je een beetje gespierd voor Melissa', zei hij. Maar Tristan zat daar alleen maar koffie te drinken.'


Ze houden beiden van blowen en computergames. Achter de joystick leeft Tristan helemaal op. Rachid: 'Als hij kon schieten, zag je hem lachen - dan werd hij actief. 'Kijk deze skill', riep hij dan. 'Niemand is beter dan ik met schieten.' Eigenlijk was dat het enige waar hij goed in was. Voetballen kon hij bijvoorbeeld totaal niet, daar was hij te onhandig voor.'


Ze speelden Call of Duty, een oorlogsspel, en Counter-Strike, een online schietspel. Tristan had daar de bijnaam Killer123. 'Ze speelden tot 2, 3 uur 's nachts. Hij was daar echt aan verslaafd.' De volgende ochtend op school zat Tristan er onderuitgezakt bij. Vervolgens stak hij maar weer een joint op.


Zijn obsessie voor wapens en geweld blijkt als hij 's nachts bij Zakaria de Rambo-film First Blood kijkt. 'Hij werd helemaal blij en wild toen hij die schietscènes zag. Hij kreeg er een soort lachkick van.'


Tristan heeft die interesse voor wapens niet van een vreemde. Zijn vader introduceert hem al vroeg in de wereld van de schietsport. 'Dat was echt zijn ding', zegt oud-collega Van de Werken. 'Hij vertelde welke guns hij wilde hebben, wist alles over merken en types. Hij wist precies hoe het zat met een wapenvergunning, dat je die vanaf je 18de kon aanvragen. Dat had hij al lang van tevoren uitgezocht.'


Tristan wordt net als zijn vader lid van Dagschutters Vereniging Nieuwkoop. In het weekend staan ze vaak samen op de schietbaan. Aan collega Wouter Molenaar, die met hem samenwerkt bij het distributiecentrum van Dirk van den Broek, laat hij filmpjes zien. 'Hij had zijn telefoon platgelegd met de camera naar boven. Je zag hoe zijn hand het geweer vasthield en hoe de kogels wegvlogen. Dat vond hij stoer.'


Eén keer komt hij met de politie in aanraking. Een jongen uit de buurt laat Tristan de luchtbuks van zijn vader uit de schuur halen. Het vriendje schiet daarmee iemand anders in zijn voet. Omdat Tristan degene is die het wapen heeft gegeven, zit hij in 2003 bijna 24 uur vast op het politiebureau.


Tristan blowt veel in die tijd, bevestigen meerdere bronnen. 'De meeste mensen halen 1 gram per keer', zegt Rachid. 'Maar hij haalde meteen 4 of 5 gram.' 'Hij rookte wiet en hasj', zegt Wouter Molenaar. 'Hij was een beetje een slome door al dat blowen.'


'Een keer had hij paddo's genomen', zegt Van de Werken. 'Hij zei tegen me dat ik daar echt mee moest uitkijken. Hij vertelde dat je zo maar boven op een flatgebouw kon gaan staan en overmoedig kon worden.'


Tristan wordt steeds depressiever. Zijn ouders maken zich grote zorgen. 'Ze waren dol op hem, maar wisten niet wat ze met hem aan moesten', zegt een bekende van de familie. 'Zijn vader kocht zelfs een zwarte Mercedes voor hem. Hij deed alles om hem nog wat plezier te geven in het leven.'


Opa Kornelis

De familie Van der V. heeft een belast verleden. Opa Kornelis was lid van de NSB en werd in de oorlog namens die partij burgemeester van Hennaarderadeel en later Franeker. Het is niet duidelijk in hoeverre de familie daarmee geworsteld heeft.


Tristans vader Hans onderhoudt contact met het Civilistisch Appèl, een conservatieve denktank. Zijn naturalistische kunst wordt op kaarten en websites van het verbond gebruikt.


Opmerkelijk is ook dat Tristans oma van moeders kant een bekende thrillerschrijfster was, die in een van haar boeken een ravage beschrijft vergelijkbaar met wat haar kleinzoon nu heeft aangericht: 'Toen ze veertig seconden later op de plaats van het drama aankwamen, troffen ze een grote menigte mensen aan, die versteend van schrik stonden te staren naar de slachtoffers in de plassen water die rood zagen van het bloed.'


Het gaat echt slecht met Tristan als hij in 2006 met spoed gedwongen wordt opgenomen. Hij is dan suïcidaal. Leeftijdgenoten herinneren zich vooral dat hij zich vreemder begint te gedragen. Rachid Lima: 'Af en toe na het blowen kwam er een schreeuwtje, gewoon vanuit het niets.' Een van de laatste keren dat hij hem ziet, draaide Tristan behoorlijk door. 'Hij sloeg zichzelf op zijn hoofd met zijn vuisten, greep zijn jas vast en deed hem uit.'


Enige tijd later wordt Tristan nog eens in zijn eentje gesignaleerd in danscafé M'n Schatje. Een zeldzaamheid, want van uitgaan houdt hij niet. Bezoekers zien hoe hij in een roes wild staat te dansen, terwijl het zweet van zijn hoofd gutst.


Werk

Ook op zijn werk vertoont hij raar gedrag. Wouter Molenaar: 'Hij was niet altijd dezelfde. Het ene moment kon je met hem lachen, even later werd hij agressief. Hij had stemmingswisselingen. Dan liep hij naar buiten en gooide hij iets kapot, een fles wijn of een pot sperziebonen.'


Zijn boosheid richt zich volgens Molenaar vooral op allochtonen. 'Er werkten in het bedrijf veel Polen. Die maakten rotopmerkingen, deden alsof Tristan niks kon. Dat maakte hem woest. Hij had racistische denkbeelden. Misschien omdat hij in zijn buurt zag dat sommige buitenlanders er een puinhoop van maakten. Ik denk dat hij daarom ook veel met mij praatte. Ik had gemillimeterd haar. Daarom had hij het idee dat ik er hetzelfde over dacht.'


Uit de bestanden die justitie op zijn computer heeft gevonden, blijkt eveneens een enorme boosheid, zegt hoofdofficier van justitie Kitty Nooy. 'Boos over hoe mensen zich gedragen, over god, over de maatschappij. Er was sprake van haat. Hij wilde laten zien dat God ongelijk had en dat liefde niet bestaat.'


Van het stukgooien van spullen in het magazijn krijgt Tristan een kick, zegt Molenaar. 'Hij vond het een rotbedrijf. Als hij iets kapotmaakte, troggelde hij ze toch mooi weer wat geld af. Zo zag hij dat.' Uiteindelijk wordt hij vanwege zijn wangedrag ontslagen. Na het ontslaggesprek schreeuwt hij door de hal: 'Ik schiet iedereen kapot hier!'


Zijn vader Hans deelt zijn wanhoop over de psychische gesteldheid van zijn zoon met collega's. Hij zegt te denken dat Tristan schizofreen is.


Uit zijn aantekeningen in schriften die justitie nu onderzoekt, blijkt in elk geval dat hij stemmen hoort. En er zijn geesten. 'Ik werd alsmaar aangetikt, dat is meerdere keren gebeurd', schrijft hij. En: 'Ik ben een paranormaal onderzoeker. Ik onderzoek de dood, want van kindsaf aan ben ik daardoor en door het onbekende gefascineerd. Ik ben meer wetenschappelijk dan gelovig.'


Het is onduidelijk of Tristan zijn doodswens de laatste maanden met anderen heeft gedeeld. Wouter Molenaar herinnert zich dat hij in het magazijn in sombere buien wel dingen verzucht als: waarom werk ik hier, waarom ben ik hier eigenlijk nog?


Het is zaterdag 9 april als Tristan zichzelf even na twaalf uur met zijn revolver Taurus kaliber .44 door zijn hoofd schiet. Politieagenten vinden hem dood bij de kassa van de Albert Heijn.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden