Reportage

Scheermesdraden in Melilla houden Afrikanen uit de EU

Vluchtelingencrisis

De Spaanse enclave Melilla ligt zowat in Marokko. Vier hekken met scheermesdraad moeten migranten uit de Europese Unie houden. Lang werd Spanje om de methode verguisd: inhumaan, barbaars. Maar nu staan EU-landen in de rij. Het Spaanse hek als exportproduct.

Enkele tientallen meters van twee Spaanse hekken (midden) bouwt Marokko aan nog een hek (rechts) dat migranten uit Melilla moet houden. . Foto Hollandse Hoogte

'De eerste keer probeerde ik de grens over te komen verstopt in een auto. Ik was samen met een vriendin. We zaten zo krap dat zij begon te huilen. Toen werden we ontdekt door de Marokkaanse grenspolitie. Ze brachten ons naar Agadir, in het zuiden van Marokko. Daar heb ik een tijdje in de bouw gewerkt om geld te verdienen.

'De tweede keer werd ik weer ontdekt terwijl ik opgepropt in een auto zat. Ze brachten me opnieuw naar het zuiden van Marokko.

'De derde keer lukte het me. Ik had me verborgen bij de motor. Ze laten een kleine ruimte over zodat je kunt ademen. Maar de gassen van de motor zijn zo sterk, ik was bijna gestikt. In Spanje brachten ze me naar het ziekenhuis zodra ze me ontdekten. En daarna kwam ik hier.'

Elhadj Diallo heet hij - zo staat het op het pasje waarmee hij het asielzoekerscentrum in en uit kan. Een donkere jongen van een jaar of 20 uit Gambia. Een maand geleden bereikte hij Melilla, het stukje Spanje in het noorden van Marokko. Sindsdien verveelt hij zich, want hij houdt niet van voetballen en de taalles kan hij niet volgen omdat hij geen Frans spreekt. Hij zit bij de poort van het asielzoekerscentrum, waar hij uit zichzelf begint te vertellen.

De nieuwste manier om via Marokko naar Spanje (en dus: de Europese Unie) te reizen, is verstopt in een auto. Bij de Guardia Civil in Melilla laten ze hun fotocollectie zien. Donkere jongens opgekruld op de plek van het reservewiel. Of met het lichaam in de rugleuning van een stoel en de benen eronder. Met touwen vastgebonden aan de binnenkant van de achterbumper. Het zijn taferelen die doen denken aan ontsnappingen uit de voormalige DDR, uit Oost-Berlijn. De jongens werden ontdekt toen de Guardia Civil een apparaat dat hartslagen detecteert op zo'n auto plaatste, een behandeling waaraan niet al het grensverkeer wordt onderworpen.

De grensovergang voor auto's is een van de laatste openingen waardoor een migrant ongezien Melilla kan binnenglippen. Nog niet zo lang geleden werd er vanuit Europa misprijzend naar dit hermetisch afgesloten stuk Spaanse grens gekeken. Maar Spanje schaamt zich er allang niet meer voor dat het vluchtelingen weert. Sterker, de Spaanse minister van Binnenlandse Zaken spreekt met zelfvertrouwen over 'een model dat exporteerbaar is naar de rest van Europa'. 'We doen de dingen zoals we ze moeten doen', zei hij onlangs in een interview.

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

Foto Getty Images

Metershoge hekken

De Spaanse enclave staat bekend om haar kilometerslange en metershoge hekken op de grens met Marokko. Vier hekken in totaal. Het Marokkaanse hek is bekleed met rollen ijzerdraad met scherpe mesjes eraan. De drie Spaanse hekken zijn zo ontworpen dat de Guardia Civil op tijd is om immigranten tegen te houden. Zodra iemand het hek aanraakt, gaat het alarm af. Nog maar heel af en toe dringt een groepje immigranten door deze barrière. De grens tussen Marokko en Spanje zit potdicht.

Althans voor mensen met een donkere huidskleur. 'De honger drijft hen voort, door hun huidskleur vallen ze op, door hun lichaamstemperatuur worden ze ontdekt, door hun hartslag verraden', schreef een journalist met gevoel voor poëzie onlangs in dagblad El País.

Voor mensen met een lichtere huid, uit Noord-Afrika, geldt dat minder. 'We maken onderscheid tussen twee groepen: de zwarten en de witten', zegt Arturo Ortega Navas, de commandant van de Guardia Civil in Melilla - een serieuze man die niet bang is duidelijke taal te spreken. Iedereen die niet zwart is, is wit, verduidelijkt hij. Het betreft dan vooral Syriërs, Algerijnen en Palestijnen. Zij kunnen voor een paar duizend euro de Marokkaanse grenswacht omkopen. Of ze steken de grens over met een vals Marokkaans paspoort. Marokkanen uit de grensregio mogen vrij in en uit Melilla reizen. Zelfs de mogelijkheid een paspoort te huren bestaat. Voor deze 'witte' groep werd vorig jaar een asielloket geopend in de Spaanse enclave.

De zwarten komen er, kort gezegd, niet in. De ervaring heeft de bestuurders in Melilla geleerd dat deze groep toch geen asiel aanvraagt. 'Een land als Mali is in oorlog', zegt Ortega Navas. 'Een Malinees zou dus best om asiel kunnen vragen. Maar de zwarten willen dat niet.'

Het zijn de Marokkanen die het vuile werk opknappen en de donkere Afrikanen tegenhouden. In de eerste plaats door het hek dat zij in 2014 plaatsten. 'Alleen een olympische atleet komt daaroverheen', zegt Ortega Navas. Bij de grensposten worden donkere Afrikanen simpelweg niet doorgelaten door de Marokkanen, vertelt een van zijn agenten.

Waarom zou een land zo veel moeite doen migranten binnen zijn landsgrenzen te houden?

Vooral omdat Marokko rijkelijk wordt beloond voor deze dienstverlening. Van 2014 tot 2017 ontvangt het tussen de 728- en 890 miljoen euro uit het Europees Nabuurschapsinstrument. Geen enkel buurland krijgt zo veel geld. Ook Spanje betaalt. In 2012 gaf de Spaanse regering 32 miljoen euro aan Marokko voor de integratie van immigranten en de economische ontwikkeling in het noorden van het land. Ondertussen werd de Europese markt opengesteld voor groenten en fruit uit Marokko. En kijkt de Europese Unie wel uit kritiek te hebben op de Marokkaanse bezetting van de Westelijke Sahara.

'Bloedhandel'

'Ze hebben geen olie, maar ze hebben negers', zegt José Palazón cynisch. De activist uit Melilla heeft een gerimpeld gezicht en rookt onophoudelijk biologische shag zonder additieven. 'Hun tomaten en sinaasappels gaan naar Spanje in ruil voor het leven van heel veel immigranten. Het is handel waar bloed aan kleeft. Spanje betaalt geld en deze mensen worden weggebracht. Als dat geen mensensmokkel is.' Hij wijst erop dat het verboden is asielzoekers een procedure te weigeren. 'Dit is een fascistische rassenpolitiek.'

Daar denkt de Nederlandse ambassadeur in Spanje, Matthijs van Bonzel, anders over. Hij schreef onlangs in een blog dat 'de Spaanse inzichten Italië en Griekenland, maar ook Nederland zouden kunnen helpen'. Je zult je aandacht moeten richten op de landen van oorsprong en doortocht, vindt Van Bonzel. 'Spanje investeert nu tien jaar in die samenwerking. Niet alleen in grensbewaking, maar ook in economie (bedrijven helpen opzetten), onderwijs, openbare orde en het tegengaan van fraude en mensenhandelmaffia.'

Op de Nederlandse ambassade kennen ze de verbazing bij Spaanse ambtenaren over het akkoord dat de EU met Turkije heeft gesloten. Waarom moet het allemaal zo openlijk? Spanje houdt liever vaag welke afspraken precies zijn gemaakt met Marokko.

Tekst gaat verder onder de kaart.

Ook de afgevaardigde van de Spaanse regering in Melilla, Abdelmalik El Barkani, doet alsof hij van niets weet over voorwaarden die Marokko stelt aan de samenwerking. Wel zegt hij dat 'we het hier op de best mogelijke manier hebben geregeld'. En iedereen die wil komen kijken hoe Spanje de migranten tegenhoudt, is welkom. De regiopremier van Melilla, Juan José Imbroda, vindt eveneens dat 'Spanje het heel goed doet'. 'De esthetiek van het hek bevalt me niet, maar het verloopt hier nu geordend. Er is geen druk van migranten meer.'

Palazón gruwt ervan dat Spanje tegenwoordig geldt als een goed voorbeeld. 'Elke dag vertrekken er hier bootjes, omdat de grens dicht zit. Is dat goed? Er gaan hier veel mensen dood. Noem je dat goed?' Dit jaar kwamen al meer dan 300 mensen om bij het oversteken van de Middellandse Zee. 'Er is veel geweld aan de grens en er raken veel mensen gewond. Het Marokkaanse leger is verschrikkelijk. Er verdwijnen mensen en ik denk dat ze dood zijn. Is dat goed?' En dan, in de taal van de hulporganisaties: 'Het is een humanitaire ramp. Het hek moordt.'

Buitenlandse bezoekers lieten zich daar niet door afschrikken. De Guardia Civil nam er al heel wat mee langs het hek. De Duitse staatssecretaris voor Europese Zaken, ambassadeurs en diplomaten. 'De oplossing van Melilla kun je extrapoleren naar andere plekken', gelooft Ortega Navas.

Te koop: radars en prikkeldraad

En dat biedt kansen voor Spaanse bedrijven. Zij verkopen hun radars en prikkeldraad in heel Europa. Zo schepte de Spaanse onderneming European Security Fencing in 2015 na een grote bestelling van 'scheermesdraad' door Hongarije op: 'Van hieruit naar de rest van Europa. Honderd procent van het scheermesdraad in Europa komt uit onze fabriek.' Het leidde tot veel verontwaardigde reacties in Spanje, omdat er mensen zijn doodgebloed nadat ze zich hadden gesneden aan het scheermesdraad.

Op de Spaanse ambassade in Den Haag wordt met trots gesproken over Indra, een groot technologiebedrijf dat onder meer radars fabriceert waarmee de Spaanse kust wordt bewaakt. 'Spanje is daarmee als eerste begonnen en loopt nu voorop', zegt José Manuel Pérez-Pujazón, directeur-generaal van de afdeling defensie en veiligheid van Indra.

Hij herinnert zich hoe in 1996 de lichamen in zee dreven bij Gibraltar. 'Een jaar geleden was er dat dode jongetje in Griekenland. Dat hadden we hier twintig jaar geleden al. Toen kon het de rest van Europa niet schelen. Spanje heeft toen gezegd: dit mag nooit meer. We wilden ook de illegale drugshandel aanpakken. Het zijn vaak dezelfde maffia's die personen en drugs overvaren: eerst de mensen, zodat de Guardia Civil hen komt helpen, en op dat moment komen de bootjes met drugs langs.'

Indra verkocht zijn radartechnologie verkocht inmiddels aan Portugal, Roemenië, Letland en Hongkong. 'Ik weet zeker dat ook de Griekse kustwacht efficiënter zou kunnen werken als ze onze manier van kustbewaking zou overnemen', zegt Peréz-Pujazón. Hij bedoelt: er zouden minder doden vallen.

Het is de januskop van Europa: het vriendelijke gezicht naar binnen, het afschrikwekkende naar Afrika gekeerd. Eenmaal binnen worden de migranten omringd met goede zorgen. Maar tegelijkertijd wordt uit alle macht voorkomen dat ze het Afrikaanse grondgebied verlaten.

Neem het Spaanse grenshek in Melilla - een ontwerp van Indra uit 2005. 'Destijds was het idee om de draden die tussen de hekken waren gespannen in te smeren met vet, zodat het een soort lianen uit het oerwoud werden', zegt Peréz-Pujazón. De draden zijn roestig geworden. Het Marokkaanse hek, van een veel agressiever ontwerp, houdt de migranten tegen.

Maar de wedloop tussen de Afrikaanse migranten en de Europese grensbewakers gaat door. In juni probeerde vier jongens Melilla te bereiken door het riool. Een van hen overleefde de tocht niet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.