Schapen hoeden in de oude Randstad

In het grootste archeologische reservaat van Nederland kiest Staatsbosbeheer voor cultuurhistorie boven natuur...

‘Kijk, dit is de A1 van de Middeleeuwen.’ Historisch geograaf Theo Spek wijst op een breed bospad en op het met struweel overwoekerde verlengde daarvan tussen de bomen. ‘In die tijd was dit de belangrijkste verbinding tussen Coevorden en Groningen.’ Spek, hoogleraar landschapsgeschiedenis in Groningen, weet het nog sterker te vertellen: ‘Dit is de Randstad van de prehistorie. Tot aan het begin van onze jaartelling was dit het belangrijkste woongebied van Nederland.’

Sommige deelnemers aan de door Staatsbosbeheer georganiseerde excursie per huifkar kijken verwonderd om zich heen. Het is moeilijk om een metropool te vermoeden achter de bospaden, het productiebos, de heuveltjes met gras, de stukjes heide en de wat grillige, struikachtige bosjes waarop we uitkijken. De dynamiek in dit gebied, genaamd De Strubben Kniphorstbosch, wordt zo op het oog alleen gevormd door een enkele hondenuitlater uit het naburige dorpje Schipborg en door het gezelschap in de huifkar.

Maar schijn bedriegt. De Strubben Kniphorstbosch, onderdeel van het Nationaal beek- en esdorpenlandschap Drentsche Aa, is niet voor niets het enige archeologische reservaat van Nederland. Met enige hulp van kenners is te zien waarom. Het gebied is een knooppunt van karrensporen, er bevinden zich urnenvelden, grafheuvels en hunebedden. Een gebied met, in het jargon van historisch geografen, een ‘enorme tijdsdiepte’. Over een lange periode is de invloed van mensenhanden terug te vinden.

De Strubben Kniphorstbosch is dan ook een gebied met verhalen over mensen. Mensen die werden opgehangen bij de bewaard gebleven Galgenberg, mensen die conflicten uitvochten over territoriumgrenzen.

Het inrichtingsplan dat vandaag wordt gepresenteerd heeft als doel de cultuurhistorische elementen in het gebied zichtbaarder te maken. Dus roept verantwoordelijk landschapsarchitect Berno Strootman op sommige plekken: ‘Kijk, hier worden de bomen gekapt.’ Of: ‘Hier moet de begroeiing weg.’

Dat was tot voor kort vloeken in de kerk, maar nu knikken de aanwezige medewerkers van Staatsbosbeheer en de buurtbewoners instemmend. ‘Als je het verhaal maar inzichtelijk maakt’, aldus Strootman. ‘Dit was vroeger een half open, heideachtig landschap, waarin al die verschillende elementen goed te zien waren. Dat landschap willen we terugbrengen. Evenals de schapen die de begroeiing laag moeten houden.’

Het ambitieuze project in het gebied, dat tot 2006 deels in gebruik was als defensieterrein, illustreert de trendbreuk in het beleid van Staatsbosbeheer, aldus projectleider Anoesjka Volkerts. ‘Tot voor kort speelde cultuurhistorie bij ons nauwelijks een rol. Maar dat is veranderd. We kijken nu per gebied wat de belangrijkste waarde is en die proberen we te versterken. Dat is vaak natuur, maar hier is dat cultuurhistorie.’ En dus blijven ook de schietbaan, de stormbaan en de bunkers van defensie als ‘nieuwe cultuurhistorie’ in het terrein staan.

Volkerts: ‘Dingen kunnen ook samengaan. Een van de bunkers kan misschien geschikt worden gemaakt voor vleermuizen.’ En de strubben, de voor het gebied karakteristieke kruipeiken, zijn niet alleen gebaat bij het laag houden van overige begroeiing, ze worden er ook zichtbaarder door.

Zo kan het straks gebeuren dat de bezoeker middenin een boomkring staat met wel zes ‘stammen’ en zicht heeft op een reeks grafheuvels in hoefijzervorm. ‘Het is prachtig,’ aldus Theo Spek. ‘Voor het eerst is hier gekozen voor de historisch-ecologische benadering. En het mooie is: iedereen staat erachter.’

‘Dat komt doordat buurtbewoners en andere belangstellenden vanaf het begin konden meepraten’, vermoedt Anoesjka Volkerts. Nog zo’n trendbreuk bij Staatsbosbeheer. Vandaar misschien de aanwezigheid van twee ‘gevoelskundigen’, die blij zijn dat Staatsbosbeheer respect heeft getoond voor de spirituele waarde van het gebied.

Een van hen, Marco Kooijinga, geoefend wichelroedeloper, mag zelfs een praatje houden bij een van de twee hunebedden. Hij spreekt over het taboe op spiritualiteit, over natuur en energie en over energiebanen.

‘Energiebanen, dat zijn leilijnen,’ helpt boswachter Cees van Zon. ‘Ik weet dat, want ik zat ook in die werkgroep.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden