Schansen

Een verweerd hekwerk moet ons de toegang versperren. Tussen de spijlen van de poort staan negen roestige hoofdletters: K-R-U-I-S op de linkerhelft, D-I-J-K op de rechter....

Volgens hardnekkige geruchten ligt op deze vierkante buitenplaats in westelijk Zeeuws-Vlaanderen het 'koffertje van Hennequin': een valies vol goud en juwelen dat hier eeuwen geleden werd verstopt. Het zou er al sinds het einde van de achttiende eeuw liggen, maar niemand heeft het ooit gevonden.

Het terrein, waarop we in het midden een eenzaam herenhuis ontwaren, wordt omsloten door een drooggevallen greppeltje. Het is een meter of twee diep, zonder water erin. Geen onneembare barrière. Vijfendertig grote stappen verder ligt een tweede greppel - pardon, een binnengracht. Dit keer wel met water. Een bodempje. Gelukkig loopt er een breed pad in de richting van het herenhuis.

De opgehoogde aarden wal tussen de smalle buitengracht en de brede binnengracht, vormt samen met de grachten een verdedigingswerk, de Kruisdijkschans. Deze schans (je kon je er letterlijk achter verschansen) diende samen met de nabijgelegen Elderschans, Olieschans en Krabbeschans als verdedigingslinie voor Aardenburg en Sluis - zoals de Zaanse schans oorspronkelijk Amsterdam moest beschermen.

Dat was geen overbodige luxe. Beide vestingsteden zijn voortdurend belegerd. Sluis werd tot 1492 bezet door Philips van Kleef, tijdens de opstand van Vlaanderen tegen Maximiliaan van Oostenrijk. In 1576 verklaarde de stad zich voor Oranje, elf jaar later werd zij aan Parma overgegeven en in 1604 slaagde Maurits erin Sluis en Aardenburg te veroveren. De Spanjaarden deden daarna een aantal vergeefse pogingen om het gebied weer in handen te krijgen. In 1640 werd de Kruisdijkschans aangelegd om de verdediging van Sluis en Aardenburg te versterken. Een eeuw later waren het de Fransen die Sluis binnentrokken. In 1762, raakte de Kruisdijkschans als verdedigingswerk in onbruik.

Dit jaar hebben de Stichting Landschapsbeheer Zeeland en natuurbeschermingsvereniging 't Duumpje de twee grachten zo veel mogelijk in hun oorspronkelijke vorm teruggebracht. Nu moet de natuur haar werk gaan doen. De Kruisdijkschans is ecologisch interessant omdat er veel boomkikkers leven. Aan hun vingers en tenen zitten kleine zuignapjes, waarmee ze in bomen en struiken kunnen klimmen.

De Kruisdijkschans werd na 1762 omgevormd tot een fraaie buitenplaats. Inmiddels oogt het huis nogal verwaarloosd: de verf bladdert, gras en brandnetels staan hoog opgeschoten voor de deur. Op de strook tussen de grachten staan twee schuren nagenoeg op instorten.

Hoewel de opgehoogde wal tussen de binnen- en buitengracht in de loop der tijd een beetje zal zijn ingezakt, geeft de schans nog steeds een strategisch uitzicht over de vier windrichtingen. Vier wegen door het vlakke polderlandschap komen bij de Kruisdijkschans bij elkaar; je moet om de hoekige schans heen rijden om je tocht te kunnen vervolgen. Op de velden staan rogge en vlas.

De boomkikkers laten zich vandaag niet zien. En ook het koffertje van Hennequin houdt zich schuil.

Bart Dirks

Dit is de elfde aflevering in een serie over kunstmatig reliëf in het vlakke land.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden