SCHAKEN:Flitsende start olympiadeploeg

Eerlijk gezegd had ik niet verwacht dat de Nederlandse olympiadeploeg het zo goed zou doen. Een paar dagen voor het vertrek naar Moskou moest, voorzichtig uitgedrukt, de stemming nog groeien....

GERT LIGTERINK

Wat 'doorzetten' in de praktijk betekende, zagen we in de eerste ronden. Van de 4-0 tegen Tadzjikistan en de 3-1 tegen de Filippijnen nam het thuisfront met instemming kennis maar na de 4-0 tegen Frankrijk werden de glazen uit de kast gehaald voor een oprechte toast. Het was een uitzonderlijke prestatie. Een ploeg die een wereldtopper als Lautier op kan stellen en aan de lagere borden beschikt over internationaal zeer ervaren spelers wordt zelden of nooit met lege handen naar huis gestuurd.

Helaas is een flitsende start op de olympiade niet meer dan een spaarcentje. De dagelijkse indeling wordt bepaald door het Zwitserse systeem dat de sterkste (en de zwakste) teams aan elkaar koppelt. Nederland kreeg het in de volgende ronden zwaar te verduren. Driemaal kwam de ploeg niet verder dan 2-2 en tegen Bosnië/Herzegovina werd een kleine nederlaag geleden. Het zegt nog niets. De beslissing valt pas in de laatste week waarin uithoudingsvermogen even belangrijk zal zijn als grootmeesterlijk inzicht.

Uit de gloriedagen van de Nederlandse ploeg geef ik de hoogtepunten:

Torre - Timman

Filippijnen - Nederland

Moskou 1994

1. e2-e4 e7-e5 2. Pg1-f3 Pb8-c6 3. Lf1-c4 Pg8-f6 4. d2-d3 Lf8-c5 5. 0-0 0-0 6. Lc1-g5 h7-h6 7. Lg5-h4 Lc5-e7 8. Lc4-b3 d7-d6 9. h2-h3

Een vreemde zet. Standaard is 9. c3 om het loperpaar te behouden.

9 . . . Pc6-a5 10. Lb3-a4 c7-c5 11. Pb1-c3 Lc8-e6 12. Pf3-h2 a7-a6 13. Lh4xf6 Le7xf6 14. Ph2-g4 Lf6-g5 15. La4-b3 Pa5xb3 16. a2xb3

We hebben de laatste tijd weinig gehoord van Torre. Rond 1980 was hij een gevreesd grootmeester maar de laatste jaren kwam hij alleen in het nieuws als secondant van Fischer tijdens diens match met Spassky in 1992. In deze partij blijkt niet dat de samenwerking met een levende legende een positief effect heeft gehad op Torre's eigen spel. Na zestien zetten is wit het loperpaar kwijt en staat zwart klaar om op de koningsvleugel in de aanval te gaan.

16 . . . g7-g6 17. Pg4-e3 f7-f5 18. e4xf5 g6xf5 19. Dd1-f3 Dd8-d7 20. Pe3-d5 Ta8-e8 21. Df3-h5 Dd7-g7 22. f2-f4?

Een pionoffer dat niet werkt. Beter is 22. Tae1.

22 . . . e5xf4 23. Ta1-e1

Natuurlijk niet 23. Pxf4 Dd4+.

23 . . . Le6-f7 24. Dh5-f3 Dg7-d4+ 25. Kg1-h1 Te8-e5 26. Pd5-b6 Tf8-e8

Beslissende centralisatie. Wit moet nu met een akelige ruil genoegen nemen en wordt finaal onder de voet gelopen.

27. Te1xe5 d6xe5 28. Df3xb7 e5-e4

(...)

29. d3xe4 f5xe4 30. Tf1-d1 Dd4-e3 31. Pb6-c4 Lf7xc4 32. b3xc4 f4-f3 33. Db7-d5+ Kg8-h8 34. Td1-f1 f3xg2+ 35. Kh1xg2 Lg5-f4

Wit geeft op.

Deze klassieke overwinning zal Timman plezier hebben gedaan. Maar nog aanzienlijk tevredener zal hij zijn geweest over de prestatie die hij een dag later leverde.

Lautier - Timman

Frankrijk - Nederland

Moskou 1994

1. d2-d4 Pg8-f6 2. c2-c4 e7-e6 3. Pb1-c3 Lf8-b4 4. Dd1-c2 d7-d5 5. a2-a3 Lb4xc3+ 6. Dc2xc3 Pf6-e4 7. Dc3-c2 Pb8-c6 8. e2-e3 e6-e5

Een oude variant die de laatste tijd weer in de mode is. Voor Lautier en Timman is het de voortzetting van een onderlinge discussie die tijdens het Donner-toernooi in Amsterdam begon. Toen koos Lautier de kritieke variant 9. cxd5 Dxd5 10. Lc4 Da5+ 11. b4 Pxb4 12. Dxe4 Pc2+ 13. Ke2 De1+ 14. Kf3 Pxa1 15. Lb2. Hij won in 35 zetten maar uiteraard kon hij erop rekenen dat Timman een versterking had voorbereid. Na de volgende slappe zet heeft zwart de openingsproblemen opgelost.

9. Pg1-f3 Lc8-f5 10. Lf1-d3 e5xd4 11. 0-0

Een pionoffer dat zwart beter niet kan aannemen. Na 11 . . . dxe3 12. Lxe3 0-0 13. Tad1 heeft wit mooi spel.

11 . . . Lf5-g6 12. e3xd4 0-0 13. b2-b4 Tf8-e8 14. c4-c5 a7-a6 15. Lc1-b2

Wits laatste drie zetten zijn discutabel. Hij had ook zijn loper op f4 kunnen posteren.

15 . . . Pe4-g5 16. Pf3-e5 Lg6xd3 17. Dc2xd3 Dd8-f6 18. Ta1-e1

Nu of een zet later is 18. Pxc6 verstandiger.

18 . . . Ta8-d8 19. Dd3-d1 Pc6xe5 20. d4xe5 Df6-f5 21. f2-f4 Pg5-e4 22. Lb2-d4 Te8-e6 23. Te1-e3 Te6-g6 24. Dd1-e1

Met een strategie à la Nimzowitsj heeft Timman de witte stelling lamgelegd. Ooit zal hij met , . . b7-b6 gaan breken maar voorlopig heeft hij geen haast.

24 . . . Td8-c8 25. De1-e2 h7-h5 26. Kg1-h1 Tc8-a8 27. Te3-d3 b7-b6 28. Ld4-e3 b6-b5

Nu staat zwart klaar voor . . . a6-a5. Lautier denkt hem voor te zijn en maakt een tactische fout.

29. a3-a4? b5xa4 30. Tf1-a1 Ta8-b8 31. Ta1xa4 (...)

31 . . . d5-d4!

Nu stort het witte centrum ineen.

32. Le3xd4 Df5xf4 33. Td3-f3 Df4-g4 34. Tf3-e3 Dg4-d7 35. Ta4-a2 Tb8xb4 36. Te3xe4 Tb4xd4 37. Te4xd4 Dd7xd4 38. Ta2-d2 Dd4-g4 39. De2xg4 Tg6xg4 40. Td2-d8+ Kg8-h7 41. Td8-d7 Tg4-c4 42. Kh1-g1 Tc4xc5 43. Td7xf7 Kh7-g6 44. e5-e6 a6-a5 45. Tf7-f8 Tc5-e5 46. Tf8-a8 Kg6-f6 47. Ta8-a6 g7-g5 48. Kg1-f2 c7-c5 49. Kf2-f3 c5-c4 50. Ta6-c6 a5-a4 51. Tc6-a6 a4-a3 52. g2-g3 a3-a2 53. h2-h4 g5-g4+ 54. Kf3-f4 Te5-e2

Wit geeft op.

Dit goede voorbeeld vond navolging. Aan het tweede bord won Piket een bekwaam gevoerde positiepartij tegen Renet en aan bord drie was Van der Wiel ouderwets op dreef:

Santo Roman - Van der Wiel

Frankrijk - Nederland

Moskou 1994

1. e2-e4 c7-c5 2. Pg1-f3 d7-d6 3. d2-d4 c5xd4 4. Pf3xd4 Pg8-f6 5. Pb1-c3 Pb8-c6 6. Lc1-g5 e7-e6 7. Dd1-d2 a7-a6 8. 0-0-0 h7-h6 9. Lg5-e3 Lf8-e7 10. f2-f4 Pc6xd4 11. Le3xd4 b7-b5 12. Lf1-d3 Lc8-b7 13. Th1-e1 0-0 14. Kc1-b1 b5-b4 15. Pc3-a4 Lb7-c6 16. Pa4-b6 Ta8-b8

Allemaal bekend uit eerdere partijen. Cruciaal is nu 17. Pc4, een zet waarmee wit in de praktijk heel succesvol is geweest. Wat Santo Roman doet, komt minder in aanmerking.

17. e4-e5 Tb8xb6!

Een gedwongen maar ook zeer sterk kwaliteitsoffer,

18. e5xf6 Le7xf6 19. Ld4xb6 Dd8xb6 20. Dd2-e3 Db6-a5 21. Ld3-e4

Op weg naar een slecht veld. Op d3 dekte de loper pion c2.

21 . . . d6-d5 22. Le4-f3 Tf8-c8 23. g2-g4 Lc6-a4 24. Te1-e2 La4-b5 25. Te2-g2 (...) 25 . . . Lf6xb2

Niet al te moeilijk. Wit moet de loper laten leven want na 26. Kxb2 Tc3 27. Df2 Da3+ 28. Kb1 Lc4 is het meteen uit.

26. Lf3-e2 Lb2-c3 27. g4-g5 d5-d4 28. De3-c1 Lb5-c6

Wit geeft op.

Dat was 3-0. Aan het vierde bord had Sosonko een pion geofferd voor actief stukkenspel. De investering was verantwoord al zal wit in de volgende stelling niet hebben gedacht dat de partij nog slechts één zet zou duren: (...)

Sosonko - Bricard na 27. Lg2-h3. Goede raad lijkt duur voor zwart. Graag zou hij 27 . . . g6 spelen om zich te verdedigen tegen de dreiging 28. Lxf5 maar het is begrijpelijk dat Bricard in tijdnood geen vertrouwen had in die zet. Wit antwoordt immers met het gevaarlijk uitziende 28. Pd5, gevolgd door 29. Pf6+. Toch valt het mee. Na 27 . . . g6 28. Pd5 Dg7 29. Pf6+ Kf7 gaat wits actie niet goed ver-

der.

Bricard koos een andere zet die het dreigende slaan op f5 verhindert:

27 . . . Kg8-f8?? 28. De5xc5 . . .

En zwart gaf met een rood hoofd op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden