Schaf de vrijheid van onderwijs nou eens af [1]

Elke week schrijven Amanda Kluveld en René Cuperus een reactie op een actuele stelling...

‘Wat betekent de Bijbel voor jou’, luidde in de brugklas een repetitievraag voor het vak catechese. Uit vier antwoorden kon gekozen worden. Voor mij kwam antwoord b. het dichtst bij de waarheid: een verzameling prachtige verhalen en wijsheden.

Fout.

Dit terwijl de vraag door de manier waarop deze gesteld was, niet verkeerd beantwoord kon worden.

Een briefwisseling met de rector volgde. Ik had kunnen weten dat het antwoord fout was, want het was nu eenmaal een rooms-katholieke school, stelde hij. Mijn punt was dat de vraag dan had moeten luiden: wat denk jij dat wij willen dat je zegt als wij vragen wat de Bijbel voor jou betekent? Op een school waar het kroost van de bestuurlijke elite rondliep, verkoos men de leugen boven de waarheid.

Het volgende jaar ging ik naar een openbare middelbare school die niet zo goed bekend stond en waar de mislukte en onhandelbare kinderen van de bestuurlijke elite een plek hadden gevonden. Tussen mij en het bijzonder onderwijs kwam het nooit meer goed.

Christelijke partijen zijn erop uit om zo snel en veel mogelijk de persoonlijke vrijheid van burgers in te perken. Wanneer het over het bijzonder onderwijs gaat, ontpoppen zij zich evenwel tot ware strijders voor de vrijheid. Het treurige is dat de verdediging van het bijzonder onderwijs uit christelijke hoek weinig voorstelt. Zij gaat doorgaans niet verder dan een verwijzing naar artikel 23 van de Grondwet. Werkelijke argumenten waarom schoolvakken in een levensbeschouwelijke context moeten worden aangeboden en waarom de staat dat moet financieren, worden niet gegeven. Het is ook moeilijk hard te maken dat er zoiets bestaat als rooms rekenen of gereformeerde aardrijkskunde. Hoewel, afgaand op mijn eigen ervaringen kan ik bevestigen dat er wel degelijk iets als rooms rekenen bestaat. Het is alleen niet iets waarvan je moet willen dat het kinderen geleerd wordt.

De vrijheid van onderwijs moet beperkt worden tot de vrijheid in keuze naar welke openbare school ouders hun kinderen willen sturen. Vrijheid van onderwijs is nu dat elk levensbeschouwelijk clubje een school kan stichten en kinderen kan weigeren omdat zij thuis televisie kijken of geen statenbijbel bezitten. Wie werkelijk segregatie en discriminatie wil voorkomen en waarlijk de vrijheid wil verdedigen, pleit voor de afschaffing van het bijzonder onderwijs.

Amanda Kluveld

Men moet geen vrijheden afschaffen

Onderwijsvrijheid is één van de onaanraakbare taboebegrippen uit de Nederlandse politiek. De vrijheid van onderwijs, het recht van ouders om voor hun kinderen een eigen school te stichten of te kiezen, verwijst naar de schoolstrijd van onze voorouders en naar de Pacificatie van 1917. Toen dwong het bijzonder christelijk onderwijs financiële gelijkstelling met het openbaar staatsonderwijs af.

Onderwijsvrijheid werd zo’n heilig begrip omdat we in een land leven dat gedomineerd is door de protestants-christelijke en rooms-katholieke zuilen. Bijna een eeuw lang waren zij bij regeringsvorming betrokken. Het begrip is voor confessionelen net zo heilig als het algemeen kiesrecht voor sociaal-democraten of de vrijheid van meningsuiting voor liberalen. In artikel 23 van de Grondwet werd het confessioneel verlangen om kinderen binnen de eigen confessie te mogen onderwijzen in lood vastgegoten.

Toch is de praktijk van de onderwijsvrijheid minder mooi dan de leer. Ik heb die onderwijsvrijheid altijd een fata morgana gevonden. Nog nooit ben ik ouders tegengekomen die een eigen schooltje zijn begonnen. En zelf ben ik met mijn kinderen in het basisonderwijs op alle voorkeursscholen uitgeloot of afgewezen. Dus vrijheid, hoezo vrijheid?

Daarnaast heb ik het altijd wat curieus gevonden, die voorliefde voor een permanente onderdompeling van kinderen in de normen en waarden van thuis. Daar gaat een hele ouderwetse ‘soevereiniteit in eigen kring’-angst voor de omringende samenleving achter schuil. Juist in het geval van islamitisch onderwijs pakt die segregatie-versterkend uit.

Ook de impliciete suggestie die van het confessioneel onderwijs uitgaat, alsof het openbaar onderwijs waardenloos zou zijn, en christenen moreel betere mensen, wordt niet alleen veelvuldig in de werkelijkheid gelogenstraft, maar is ook kwetsende nonsens.

En toch: vanwege Dijsselbloemeritis moet men zich wel tien keer bedenken voordat men de strijdbijl van de schoolstrijd weer opgraaft. Sowieso moet men geen grondwettelijke vrijheden van burgers afschaffen, tenzij ze die misbruiken. Dat is bij het confessioneel onderwijs niet het geval. Integendeel. Dat is en blijft gemiddeld het allerbeste onderwijs dat we in Nederland hebben. Zolang het openbaar onderwijs niet minstens zo goed wordt als het bijzonder onderwijs, zolang kun je mij niet warm krijgen voor aantasting van de onderwijsvrijheid.

René Cuperus

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden