Schaatsen op vliesdun ijs Debutant Sammi Landweer schrijft schrale en sobere verhalen

Schrappen, zegt de schrijver in negen van tien gevallen als hem wordt gevraagd waaruit zijn ambacht bestaat, en hij trekt er een strak gezicht bij....

Intussen vat alleen die schrijver die nooit tot een eerste boek komt, de gevleugelde stelregel in ernst op. Sammi Landweer (1960) die met Woestijn debuteert, lijkt een auteur die net niet even ver wil gaan als de volleerde schrapper, maar die bijna géén boek heeft uitgebracht, zo dun zijn de tien verhalen die door een hard bandje moeten worden vastgehouden. Het titelverhaal was vorig najaar al te lezen in een bloemlezing waarvan de lompe titel, Sterke verhalen Verzonnen reizen verborg dat het een verzameling imaginaire reisverhalen betrof. Landweers bijdrage bedroeg krap zes bladzijden. Voor zijn debuut heeft hij zelfs daar nog het mes in weten te zetten. 'Ze zei dat ik naar haar had zitten loeren' is 'Ze zei dat ik had zitten loeren' geworden. Naar wie had hij anders moeten loeren? Aan het slot zit de hoofdpersoon met autopech en van iedereen verlaten (de toeriste die hij heeft rondgereden, ligt onder het zand) in de woestijn, waar hij met vaste regelmaat lichtkogels afvuurt. 'Het licht verblindt me', heette het vorig jaar nog, 'het donker verduistert het bewustzijn van mijn daden'. Nu is het: 'Hun licht verblindt me.' Punt. De vergelijking tussen de twee versies van 'Woestijn' leert dat Landweers ijlheid niet voortkomt uit armoede, maar het resultaat van een streven is.

Die werkwijze is riskant. Het is schaatsen op vliesdun ijs. Onder een minder gunstige belichting ziet ijlheid er al gauw als schraalheid uit, en Landweers verzorgde maar nergens buitengewone stijl kan voor kreukloos worden aangezien.

Voor zo'n oordeel hoeft de lezer niet eens dom of malicieus te zijn. Kortzichtigheid is genoeg. Landweer wekt soms de indruk dat hij niet alleen weinig vertelt, maar ook niet bijster veel te vertellen heeft. In 'Waar ik u ontmoet' houdt een personage een gesprek met zijn spiegelbeeld. Door constant te vousvoyeren, is het alsof het woord ook tot de lézer wordt gericht. Ons wordt onze hang naar sensatie ingewreven. Het is een beproefd maniertje, veel te licht om een verhaal te dragen. In 'Het bad' (viereneenhalve bladzij) wordt datzelfde spelletje beter gespeeld, omdat de lezer daar wordt ingepakt: zonder dat u zich kunt verzetten, gaat u in een lekker bad zitten. Maar een personage heeft het zo makkelijk niet. En dat zal hij laten voelen ook, aan u daar in uw badje. Desnoods kwaadschiks.

In Woestijn staan verhalen waarin de personages vastzitten in hun leven als in een vacuüm. Op de betere momenten versterkt Landweers sobere stijl, verstild maar niet kil, de inhoud: dáár gaat het hem dus om. Het openingsverhaal 'Kermisdag' is een tot clip ingedikte film. De man die pas op zijn motor vrij is, zoals zijn vrouw in het reuzenrad, het zijn beelden die inderdaad geen uitleg behoeven. 'Nachtlicht' is goed. Wat er precies in het verleden is gebeurd tussen de gesloten notaris Simon en zijn vrouw Martha wordt niet verteld, maar even voor het eind stapt de notaris zijn kantoor binnen, dat ooit als woonhuis voor hun tweeën was bedoeld. De slaapkamer is nu archiefruimte, de 'nooit gebruikte kinderkamer' is wachtkamer geworden. Moet Landweer nog meer zeggen, of hebben we het drama zo wel begrepen?

Ook in 'De erfenis' ontkomen de figuren niet aan de zuigkracht van het verleden. In de Franse Jura waar een verjaardag aanleiding is voor een reünie, strandt een echtpaar onderweg en wordt opgepikt door een langsrijdend stel, dat hen ook onderdak verleent. Het is een merkwaardig paar, wonend in een afgelegen huis op grond die nog steeds tastbare herinneringen bewaart aan de Eerste Wereldoorlog. Er hangt een sinistere sluier over 'De erfenis' die niet in bloedstollende acties uitmondt, maar als dreiging intact blijft.

In 'De bruid' doet Landweer een poging tot voorzichtig surrealisme, maar surrealisme en voorzichtigheid verdragen elkaar niet goed. De gedachtenkronkels die wij moeten meevolgen, zijn ontsproten aan het door alcohol ontspoorde brein van de hoofdpersoon. Had Landweer die drank maar terloopser genoemd, dan was de vervreemding (een droge tong die naar buiten wordt gestoken en de hele inwendige mens waar hij toe behoort met zich mee naar buiten trekt, het middenpad van een treincoupé over, richting deur kronkelend) reëler geworden.

Een oeuvre zie ik Landweer niet bouwen, maar een aanvallender opvolger van Woestijn moet in zijn pen zitten. Schrijven is méér schrijven dan het beruchte gebod tot schrappen suggereert.

Sammi Landweer: Woestijn. Verhalen.

Contact, ¿ 36,90 (geb.)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.