SBS zou voetbalsocialisme moeten koesteren

De VS zijn het land van het ongebreidelde kapitalisme, waarin iedereen zijn talenten optimaal te gelde kan maken. Maar als het op sport aankomt, is het een socialistische heilstaat. In de drie grote sportcompetities (American football, basketbal en ijshockey) gelden salarisplafonds en beperkende transferregels waardoor niet alle topspelers bij slechts een handvol clubs terechtkomen, zoals in het Europese topvoetbal het geval is.

Vanavond begint de laatste ronde van wat bijna een verplicht nummer is geworden: de poulefase van de Champions League. Elf ploegen hebben zich al geplaatst, veelal moeiteloos. De begrotingen van de rijkste en armste clubs lopen zo uiteen dat de wedstrijden net zo goed schriftelijk hadden kunnen worden afgedaan. Real Madrid en Barcelona halen 500 miljoen euro aan inkomsten, Bayern, Paris Saint-Germain en Chelsea zitten rond de 400 miljoen, Ajax 65 miljoen en Malmö FF 16 miljoen. Deze enorme verschillen maken zeker in een poulesysteem verrassingen vrijwel onmogelijk.

In de VS is het ondenkbaar dat de zes beste aanvallers ter wereld zijn geconcentreerd bij slechts twee clubs, zoals nu het geval is bij Barcelona en Real Madrid. De Amerikaanse competities zijn juist zo opgezet dat de clubs aan elkaar gewaagd zijn. De rijkste clubs worden niet bevoordeeld, zoals in de Champions League waar zij het leeuwendeel van het televisiegeld krijgen, maar moeten een stapje terugdoen.

De National Football League (de American football-competitie) huldigt juist de herverdeling. Zo is er een salarisplafond van 50 procent van de omzet van een club. In het Europese voetbal geven clubs 70 tot 80 procent van hun omzet aan spelerssalarissen uit. Verder moeten clubs 40 procent van hun ticketomzet afstaan aan de bezoekende club en worden de televisie- en merchandisinginkomsten gelijk verdeeld over alle 32 NFL-teams. Het interessantst is de zogenoemde draft: de clubs die het laagst eindigen, krijgen het eerste recht om de grootste talenten uit de college football league (de tweede divisie) aan zich te binden met een contract voor vier jaar.

Ook de National Hockey League (de Amerikaanse ijshockeycompetitie) kent een hard salarisplafond. Daarnaast is er een gereguleerde transfermarkt waardoor spelers niet voor geld van club wisselen maar meestal via een spelersruil. De National Basketball Association hanteert een zogenoemde 'soft salary cap': er is een salarisplafond maar er zijn uitzonderingen mogelijk voor spelers die bij de eigen club bijtekenen. Economen die de vrije markt voorstaan, doen laatdunkend over het stalinistisch keurslijf in de VS. Het belang van een aantrekkelijke competitie gaat echter voor dat van de individuele clubs of spelers.

SBS, dat nu de rechten krijgt voor de Champions League, zou het voetbalsocialisme moeten koesteren. Anders kijkt direct niemand meer naar de poulefase. Elke keer 3-0 na een kwartier verveelt al gauw.

Reageren?

p.dewaard@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.