Wahabisme

Saoedi-Arabië preekt in eigen voet

Met steun uit Saoedi-Arabië werd een hele generatie in een buitenissige vorm van islam gedrenkt. Nu strijdt het rijk van Salman Al-Saud tegen zijn radicaalste discipelen: IS. Gaat hij ook hun ideologie - die van zijn geestelijkheid - bevechten?

Van boven naar beneden: koning Salman, kroonprins Mohammed bin Nayef en vicekroonprins Mohamed bin Salman.Beeld Corbis, AFP, EPA

Wie wahabisme zaait, zal jihadisme oogsten. Deze bittere waarheid moeten de nieuwe leiders van Saoedi-Arabië onder ogen zien, nu Islamitische Staat (IS) hun noordgrens bedreigt en voet aan de grond krijgt in het zuidelijke buurland Jemen.

Dinsdag werd bekend dat de Saoedische autoriteiten de afgelopen maanden 93 mensen hebben opgepakt die banden hebben met IS. Volgens het ministerie van Binnenlandse Zaken wilden de verdachten een reeks aanslagen plegen, waaronder een op de Amerikaanse ambassade in Riyad.

De volgende dag kwam er opnieuw opmerkelijk nieuws uit de Saoedische hoofdstad. Met een reeks verrassende benoemingen in de top van het regime werd de invloed van de hardliners vergroot. De 79-jarige koning Salman bin Abdulaziz al-Saud, eind januari aangetreden na het overlijden van koning Abdullah, heeft daarmee meteen zijn stempel gezet op vooral de buitenlandse politiek van Saoedi-Arabië.

De wissel is er een voor de langere termijn. Salman benoemde de 55-jarige Mohammed bin Nayef, een neef, tot kroonprins en de circa 30-jarige (precieze leeftijd onbekend) prins Mohamed bin Salman als de daaropvolgende in de lijn van troonopvolging.

Beiden gelden als haviken, met name op buitenlands terrein. De nieuwe mannen in de top beschouwen terrorisme en Iran als de grootste bedreigingen voor het land. Saoedi-Arabië streefde het afgelopen jaar India voorbij als 's werelds grootste wapenimporteur. Onder koning Salman werd de Saoedische luchtmacht ingezet tegen de sjiitische Houthi's in Jemen, die door Riyad worden beschouwd als handlangers van Iran.

Mohamed bin Salman.Beeld epa

Democratische of ingrijpende maatschappelijke hervormingen hoeven van Salman niet te worden verwacht. 'Hij heeft veel betere banden met de conservatieve geestelijkheid dan zijn voorganger', zegt Toby Matthiesen van de Universiteit van Cambridge. 'Veel meer dan koning Abdullah is Salman bereid het wahabisme te verspreiden.'

Dat terwijl de ideologie van IS, de vijand die zo hard wordt bestreden, juist wortels heeft in het wahabisme, een vorm van islam die decennialang en met miljarden dollars door de Saoediërs over de wereld is verspreid. Het extreme salafisme van Islamitische Staat vormt daarvan een uiterst gewelddadige variant, maar de genetische link is onmiskenbaar.

'IS is de tovenaarsleerling van het wahabisme', zegt Paul Aarts, arabist aan de Universiteit van Amsterdam. Ed Husein van de Council on Foreign Relations gebruikte in The New York Times een andere beeldspraak: 'Saoedi-Arabië heeft een monster gecreëerd.'

'Er zit een kolossale ironie in', zegt Gary Sick van Columbia University in New York. 'De Saoediërs hebben wereldwijd andere, meer gematigde vormen van islam weggedrukt en vervangen door salafistische ideeën, die nu in extreme vorm bij hen op de stoep staan. Het radicalisme bijt de hand waarmee het is gevoed.'

Kalifaat

De doctrine van IS is niet identiek aan het wahabisme, min of meer de Saoedische staatsgodsdienst. De wreedheid van de strijders is zonder precedent. Anders dan bij IS speelt in het wahabisme de Apocalyps geen rol. Het kalifaat is voor wahabisten hooguit een vage toekomstdroom. Zij hebben trouw gezworen aan het Saoedische koningshuis.

Toch is het te simpel om een tweedeling te maken tussen gewelddadig jihadisme en het 'vreedzaam' salafisme van vrome moslims die slechts doen aan individuele geloofsbeleving. De werkelijkheid is complexer.

Het wahabisme is in de kern intolerant en antidemocratisch en staat vijandig tegenover sjiieten en andere beoefenaars van 'afgoderij'. Concurrerende heiligdommen zijn in de ruim 200-jarige geschiedenis van de stroming veelvuldig vernield. Takfir, het tot ketter verklaren van andersdenkende moslims, is met het wahabisme verweven geraakt, schrijft de Britse islamkenner Karen Armstrong.

Het wahabisme werd in de 18de eeuw gesticht door Muhammad ibn Abd al-Wahhab. Net als andere salafisten bepleitte hij een terugkeer naar de islam uit de tijd van de profeet, ontdaan van nieuwlichterij. Al spoedig raakte het wahabisme nauw verbonden met het Saoedische koningshuis, waaraan Al-Wahhab trouw zwoer. Die verstrengeling van regime, geestelijkheid en religieuze filosofie bestaat tot op de dag van vandaag.

Lange tijd kende het wahabisme zijn vaste plaats op het Arabisch schiereiland. Tot aan de jaren zestig van de vorige eeuw, toen de Saoediërs een offensief begonnen om hun godsdienstige leer over de gehele islamitische wereld te verspreiden, van Indonesië tot aan West-Afrika. Zo groeide Saoedi-Arabië uit tot wat Samir Amghar van de Vrije Universiteit Brussel omschrijft als een 'religieuze supermacht'.

De Saoediërs konden dit doen dankzij het zwarte goud: hun plotselinge olierijkdom. Maar er was ook een politieke reden. Als opkomende macht moest het conservatieve koninkrijk opboksen tegen Arabische regimes die samenwerkten met de Sovjet-Unie, zoals het Egypte van president Gamal Abdel Nasser. Saoedi-Arabië stond in de Koude Oorlog in het andere kamp, dat van de VS. Later kwam er sjiitische concurrentie, toen de Iraanse ayatollahs zich uitriepen tot mondiale aanvoerders van de islamitische revolutie.

Studenten

De ideologische missie van Riyad werd vanaf begin jaren zestig uitgevoerd door een wereldwijd religieus en semidiplomatiek netwerk. De Islamitische Wereldliga, met kantoren in alle moslimlanden, speelde hierin een centrale rol, naast de Islamitische Ontwikkelingsbank en de Wereldassemblée van Moslimjeugd.

Overal werden moskeeën opgericht, islamitische banken, liefdadigheidsorganisaties, ziekenhuizen, weeshuizen en andere sociale instellingen. Kranten, uitgeverijen, tv-kanalen en imamopleidingen verspreidden het salafistisch gedachtengoed. Priesters werden eropuit gestuurd.

De educatieve poot van de religieuze multinational stichtte islamitische madrassa's en hogescholen. Invloedrijk was het programma waarmee de Universiteit van Medina (later ook andere universiteiten) studenten uit moslimlanden liet overkomen, uiteraard voor een wahabistisch curriculum. Geld speelde geen rol.

Amghar: 'Als je als student uit bijvoorbeeld Senegal kunt kiezen tussen een studie op eigen kosten in Caïro en een opleiding met studiebeurs in Medina of Riyad, dan is de keuze snel gemaakt. Zeker als je elk jaar een retourticket naar huis krijgt.'

Geïndoctrineerd keerden de studenten terug naar eigen land om er de strikte islamitische leer te verkondigen. 'De verwerping door het wahabisme van alle andere vormen van islam en van andere godsdiensten', aldus Armstrong, 'drong door tot in Bradford (Engeland), Buffalo (VS), Pakistan, Jordanië en Syrië. Overal werd het traditionele pluralisme van de islam ondermijnd.'

Een tweede ontwikkeling was de politisering van het wahabisme. Die is toe te schrijven aan de Moslimbroederschap. Omdat de organisatie in veel Arabische landen werd vervolgd, kregen kaderleden in de jaren zestig onderdak in Saoedi-Arabië. Ze werden geacht zich gedeisd te houden, maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Ze begonnen hun boodschap te verkondigen, die van de politieke islam.

Het bracht de Saoedische regering uiteindelijk in conflict met de Moslimbroeders, zeker toen de laatsten in de Golfoorlog van 1991 de kant kozen van de Iraakse heerser Saddam Hussein. Ook de succesvolle deelname van Moslimbroeders aan verkiezingen, zoals in Egypte, boezemt de Saoediërs afkeer in. Als autoritaire monarchisten hebben ze liever niet dat moslims zelf hun leiders kiezen.

Maar het kwaad was reeds geschied. Het internationale salafisme was geïnfecteerd met een sterke politieke component, die sindsdien alleen maar belangrijker is geworden. De Taliban, Al Qaida, fundamentalisten in Indonesië - allemaal dronken ze uit de ideologische mixbeker die mede met wahabisme is gevuld. (De Saoediërs zelf droegen trouwens in de jaren tachtig hun steentje bij, door jongeren aan te moedigen zich bij de mujahedin in Afghanistan aan te sluiten. Een zekere Osama bin Laden speelde daarin een grote rol.)

Houthi-supporters schreeuwen anti-Saoudische leuzen in Sanaa, Jemen.Beeld epa

Steenrijk

Na de aanslagen van 9/11 zagen de Amerikanen in waartoe het religieus imperialisme onbedoeld had geleid. Onder hun druk werden geldstromen vanuit Riyad naar suspecte doelen gestaakt, al is onduidelijk in hoeverre dit effectief was. Saoedi-Arabië telt genoeg steenrijke burgers op wie een beroep kan worden gedaan.

Ook begon de Saoedische regering een grootschalig programma van 'preventie, heropvoeding en nazorg' (PRAC) voor lieden die neigen naar gewelddadig jihadisme. Ruim tienduizend deelnemers zijn al door de molen gegaan. De denktank Carnegie Endowment stelde vast dat met PRAC 'veelbelovende resultaten' zijn geboekt.

Maar het is dweilen met de kraan open, want buiten Saoedi-Arabië bestaat geen PRAC. Door de wahabistische prediking, aldus Armstrong, 'is een hele generatie moslims opgegroeid met een buitenissige vorm van islam' die heeft geleid tot 'intolerant sektarisme'. Dat is een wereldbeeld 'waarin radicalisme zich kan ontwikkelen'.

Het onderscheid tussen vreedzaam en gewelddadig salafisme is vervaagd en wordt zinloos zodra staten ineenstorten en politieke conflicten geweld vanzelfsprekend maken, zoals in Irak en Syrië. In de eerste drie jaar van de Syrische burgeroorlog sluisde de Saoedische prins Bandar bin-Sultan, een havik, geld en wapens naar radicale rebellen zonder al te kieskeurig te zijn. 'Pas vorig jaar besefte de Saoedische regering dat die steun contraproductief zou kunnen zijn', zegt Aarts.

De gevolgen zijn indringend duidelijk in het door IS uitgeroepen kalifaat, aan de inmiddels gebarricadeerde voordeur van het Saoedische koningshuis.

'De Saoediërs hebben een groot dilemma', zegt Sick. 'De legitimiteit van het bewind is gebaseerd op samenwerking tussen de geestelijkheid en de koninklijke familie. Ze zien het jihadistisch gevaar, maar ze vinden het moeilijk de ideeën van de jihadisten tegen te spreken, want het is echt hún ideologie. Als ze die afvallen, krijgen ze problemen met hun eigen geestelijkheid. Die zal zeggen: we houden niet van IS, maar met hun ideeën is niets mis.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden