Sanés voorwoord als nawoord bij de oorlog

DE OORLOG om Kosovo werd een jaar geleden beëindigd. Milosevic, murw gebeukt, zag eindelijk het onmogelijke van zijn positie in en capituleerde....

Rob Vreeken

De eerste oorlog in de geschiedenis die werd begonnen om wille van de mensenrechten en van de mensenrechten alleen: met die kwalificatie werden de luchtacties van de NAVO van meet af aan uitgetild boven het niveau van de gebruikelijke conflicten om invloedssferen, grondgebied, binnenlands prestige, olievoorziening, militaire geloofwaardigheid.

Het zou daarom niet idioot zijn geweest wanneer in dat gedenkwaardige voorjaar van 1999, naast NAVO's eigen cheer leader Jamie Shea, ook de internationale mensenrechtenbeweging victorie had gekraaid.

Maar daarvan was geen sprake. De individuen en groeperingen die altijd zeer begaan zijn met de rechten van de mens, waren op zijn minst verdeeld over de Kosovo-oorlog. Opinieleiders als vredeshavik Mient Jan Faber (die vond dat de NAVO zelfs te wéinig militaire middelen had ingezet) stonden tegenover lieden die het geneesmiddel erger vonden dan de kwaal. Veel volkenrechtskundigen stuitte het buiten-wettelijk karakter van de humanitaire agressie, die immers niet door de Veiligheidsraad van de VN was toegestaan, tegen de borst.

En wat was de mening van het elitekorps van de beweging, de hoeder bij uitstek van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens? Wat vond, met andere woorden, Amnesty International?

Amnesty hield zich stil.

'Amnesty heeft lange tijd geweigerd een standpunt in te nemen over het al dan niet inzetten van buitenlandse troepen in mensenrechtencrises', schrijft Pierre Sané, secretaris-generaal van Amnesty International, in het vandaag verschenen Jaarboek 2000 van de organisatie.

Ja, Amnesty betoogde onlangs in een rapport dat de NAVO de conventies van Genève heeft geschonden - dat wil zeggen: oorlogsmisdaden heeft gepleegd - door met opzet burgerdoelen in Servië te treffen. Maar dat is slechts commentaar op de wijze van oorlog voeren, niet op het oorlog voeren als zodanig.

Sané doorbreekt in zijn voorwoord het zwijgen. Hij kondigt aan het standpunt van Amnesty over humanitaire interventies te verduidelijken. Maar wie vervolgens hoopt met terugwerkende kracht een antwoord te krijgen op de vraag 'Wel of geen bommen op Joegoslavië?' komt bedrogen uit. Sané weigert uitsluitsel te geven.

Voor die vaagheid kiest de secretaris-generaal welbewust. Amnesty voelt er niets voor zich te schikken in de gebruikelijke termen van het debat. 'Ingrijpen of passief toekijken zouden niet de enige opties moeten zijn.' Dus gaat Sané in zekere zin door met zwijgen: 'Wij steunen dergelijke interventies niet, noch verzetten wij ons ertegen.'

Niettemin plaatst hij enkele waardevolle kanttekeningen. Over de selectieve verontwaardiging bij de aanvallende NAVO-landen, die vaak onverschillig bleven tegenover gruwelijkheden elders. Over de bittere nasleep in Kosovo, waar Serviërs door Albanezen al net zo worden opgejaagd en vervolgd als indertijd Albanezen door Serviërs. Over de permanente leden van de Veiligheidsraad, die zowel de opperrechters zijn inzake de vrede als de vijf grootste wapenexporteurs ter wereld. Over de geringe bereidheid onder landen om mensenrechtencorvee te doen wanneer dat saaier en minder zichtbaar is dan het op z'n sodemieter geven van een schoft als Slobodan Milosevic.

De boodschap van Pierre Sané is dat de wereld de waarschuwingen van organisaties als Amnesty eerder ter harte moet nemen. Dat voorkomt dat situaties zo uit de hand lopen dat alleen paardenmiddelen nog helpen. 'Zowel interventie als passiviteit is het bewijs van het falen van de internationale gemeenschap.'

Waarmee de lezer blijft zitten met de vraag: wat als passiviteit en ingrijpen onverhoopt wél de enige twee opties zijn?

Toch maakt Anmesty's onduidelijkheid iets duidelijk: namelijk dat de operatie niet zo'n onweerstaanbaar succes was, dat ook de twijfelaars bij nader inzien voor de nieuwe doctrine zijn gezwicht. Sterker: er is helemaal geen nieuwe doctrine. Het verloop van het conflict heeft de lat voor herhaling hoger gelegd. De NAVO meende dat Milosevic na een paar dagen van welhaast symbolische luchtacties wel zou inbinden. Zijn reactie bleek een volstrekt andere. Wat volgde was elf weken totale oorlogsellende.

Indien de keus in maart 1999 was geweest: passiviteit of déze interventie, zou er geen bom zijn gevallen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden