Samuel Sarphati

Samuel Sarphati gaf Amsterdam allure en schone straten.

Lydia Hagoort: Samuel Sarphati - Van Portugese armenarts tot Amsterdamse ondernemer

Lubberhuizen; 416 pagina's; euro 29,90.


De naam van Samuel Sarphati leeft voort dankzij een in Amsterdam naar hem vernoemde straat, een park en een monument. Maar wat precies de verdiensten waren van de op 2 februari 1813 geboren Sarphati zal niet iedereen onmiddellijk paraat hebben. Een goed idee dus van historica Lydia Hagoort om een biografie te wijden aan deze vooraanstaande 19de-eeuwer.


Een eerder, in 2001 verschenen boek over Sarphati (van Henne van der Kooy en Justus de Leeuwe) beschrijft volgens Hagoort alleen zijn maatschappelijke activiteiten, 'er is geen levensloop of ontwikkeling geschetst'. Haar ambitie om dat wel te doen, was niet eenvoudig, omdat er 'geen persoonlijke brieven, gedichten, overpeinzingen, memoires of iets van dien aard' te vinden waren. 'Het is een waagstuk', constateert de schrijfster, 'want kun je zo iemand in je verhaal tot leven wekken?'


Het antwoord op die vraag kan even kort als duidelijk zijn: nee, dat is niet gelukt. Het persoonlijk leven van Samuel Sarphati, hoe hij zijn jeugd, zijn studententijd in Leiden, zijn huwelijk beleefde, het blijft in nevelen gehuld. Het sterkste aan dit boek is de beschrijving van de sociale context, het 19de-eeuwse Amsterdam dat met zijn contrasten tussen de voorname grachtengordel en de doodarme Jordaan en Jodenhoek gelijkenis vertoonde met een tegenwoordige derdewereldmetropool.


Ook weet Hagoort het geloof in vooruitgang dat de stad vanaf de jaren veertig van de 19de eeuw begon te bezielen goed weer te geven en laat ze zien hoe de uiterst actieve Sarphati door die geest van vooruitgang werd geïnspireerd.


De orthodoxe Portugees-Joodse Sarphati had zijn hart aan de wetenschap verpand. Het was, schrijft Hagoort, 'volgens hem een plicht voor de mens om de natuur door middel van wetenschap te leren kennen, want deze kennis bracht de mens nader tot God'. Vooral de scheikunde boeide hem, maar in plaats van zich op dit vak te storten, werd hij arts en behandelde hij onbemiddelde Portugees-Joodse patiënten in primitieve omstandigheden. Tegelijkertijd interesseerde hij zich erg voor de opkomende nijverheid en voor de stoommachine, de spoorwegen en de telegraaf.


Op z'n 34ste nam hij ontslag als arts en begon hij als ondernemer. Hij nam het op zich in Amsterdam een stadsreiniging op te zetten in de hoop zo bij te dragen aan de hygiëne en de werkgelegenheid. Hij was betrokken bij het opzetten van een Meel- en Broodfabiek, waardoor iedereen die zich dat nooit had kunnen permitteren nu betaalbaar brood kon eten. Maar zijn grote trots was toch wel het door hem bedachte en via een naamloze vennootschap gefinancierde Paleis voor Volksvlijt, een monumentaal gebouw met veel glas, gebouwd door architect Cornelis Outshoorn die ook het Amstelhotel zou ontwerpen.


Het Paleis zou vele tentoonstellingen, muziekfestijnen en manifestaties herbergen, tot het in 1929 door een brand werd verwoest. Lydia Hagoort: 'Sarphati werd in de stad overladen met lof. Hij bleek geen bouwer van luchtkastelen, zoals sceptici hadden gezegd, maar van een werkelijk Paleis dat alle verwachtingen overtrof.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden