Samenwerking bij aanschaf onderzeeërs komt moeizaam van de grond

Bij de aanschaf van nieuwe onderzeeboten heeft Nederland grote moeite een internationale partner te vinden om de kosten te drukken. Tijdens een technische briefing in de Tweede Kamer somde generaal-majoor Schevenhoven een reeks landen op waarmee zou kunnen worden samengewerkt, maar geen van hen bleek goed aan te sluiten op de wensen van de Nederlandse marine. Die wil vier boten die vergelijkbaar zijn met de huidige Walrus-klasse.

Een onderzeeër van het Walrus-type, de Bruinvis. Beeld Maartje Roos / defensie
Een onderzeeër van het Walrus-type, de Bruinvis.Beeld Maartje Roos / defensie

Australië wil 'een grotere boot, die veel duurder wordt', vertelde Schevenhoven; Noorwegen 'heeft boten met een kleinere capaciteit en kijkt naar een ander operationeel gebied'; Zweden idem dito; Canada heeft dezelfde soort boten, maar is vooral bezig met 'levensverlengend onderhoud en gaat dus niet zoals Nederland zijn boten vervangen'; Duitsland zit voor de vervanging 'in een ander tijdspad', Frankrijk houdt het bij nucleaire onderzeeboten en Japan bouwt zelf vergelijkbare boten, maar alleen 'voor eigen gebruik'.

Een partner is essentieel

'Er zijn dus geen opties meer, u vinkt alles af', merkte VVD-Kamerlid Vuijk enigszins verbaasd op. Ook CDA-Kamerlid Knops vroeg zich af hoe het verder moest 'nu alle voorbeelden van samenwerkingspartners worden afgestreept'. Hij vroeg zich, hardop denkend, af of de onderzeeboten 'in een internationale dienst met meerdere landen' zijn onder te brengen. Maar daar moest de baas van de Nederlandse onderzeedienst, Hugo Ammerlaan, duidelijk niets van hebben: 'Wilt u zo'n belangrijk strategisch middel met andere landen delen?', vroeg hij retorisch.

Maar Schevenhoven en Ammerlaan konden desgevraagd geen andere serieuze partners voor Nederland opnoemen: 'We weten dat landen als Vietnam en Algerije bezig zijn met het ontwikkelen van vergelijkbare boten.' Het vinden van een partner is essentieel voor Nederland om de kosten van de aanschaf in de hand te houden, zo heeft minister Hennis in haar vorig jaar gepubliceerde 'Visie op de onderzeedienst' aangegeven. De kosten voor de vier boten die de marine wil, worden in de defensiebegroting geraamd op 2,5 miljard euro, maar experts houden er rekening mee dat die tot vier miljard kunnen oplopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden