Samen hun tijd ver vooruit

De ene is ondertussen gedotterd, de ander heeft een nieuwe knie. Maar de vrienden zorgen al 27 jaar voor elkaar in hun kleine woongemeenschap.

BUNNIK - Om de oude boerderij staan, in het groen, vier kleinere, in boerenstijl opgetrokken woonhuizen. Hier, aan de rand van het dorp Bunnik aan het riviertje de Krommerijn, vestigden zich 27 jaar geleden vier echtparen van rond 50. De vriendenclub had de jaren daarvoor vaak gepraat over het idee samen oud te worden en voor elkaar te gaan zorgen. In de zomer van 1985 zaten ze met een glas wijn rond een kampvuur en hakten de knoop door: we gaan het doen. Dus kochten ze de grond, bouwden de huizen en doopten het geheel woongemeenschap De Kamp.


Ze waren hun tijd ver vooruit, ontdekken ze nu. De Kamp is een van de eerste en ook kleinste woongemeenschappen voor ouderen in Nederland. Ze doen wat het kabinet eigenlijk van alle Nederlanders verwacht: ze zorgen voor elkaar vanuit 'eigen kracht', met zo min mogelijk hulp van de overheid. Van hun kinderen kunnen ze dat niet verwachten, want die wonen ver.


Hun drijfveer was dat ze het anders wilden doen dan hun ouders. Janny Koops (76) is een milde bedachtzame vrouw, opgeleid als theologe. Toen haar moeder naar het bejaardenhuis ging, dacht ze: 'Dat is niets voor mij.' Medebewoonster Ineke Breeschoten (74) is een energieke vrouw, die opvallend jong uit haar ogen kijkt. 'Wij willen samen op een voor ons aanvaardbare manier oud worden. Toen wisten we dat we het zelf moesten gaan regelen.'


Landelijke idylle

Ze kennen elkaar door en door, hebben elkaars sleutels. Waar nodig helpen ze elkaar, soms kanoën ze naar Utrecht of ze zitten bij mooi weer samen buiten in hun landelijke idylle. Een á twee keer per week eten de bewoners samen. Bij deze 'Kampstamp', zoals ze hun gemeenschappelijke maaltijden noemen, vertellen ze elkaar wat hen de afgelopen week heeft beziggehouden.


De twee vrouwen laten de gemeenschappelijke ruimte zien, een sober ingerichte zaal met een keukenblok. Daarin vieren de bewoners en hun (klein)kinderen feesten en houden ze soms gespreksgroepen, literatuurcursussen en lezingen. Achterin is de ruimte met de gemeenschappelijke wasmachine.


Echtgenoot Wim Breeschoten helpt ondertussen Koops door het gras van haar tuintje te maaien. Natuurlijk zijn er weleens conflicten. Maar die hebben zich beperkt tot de kleur van de muren, de vraag of een hond wel of niet aan de lijn moest en de mate van luxe van gemeenschappelijke voorzieningen.


Onderling hadden ze het er wel eens over wie het eerst zou gaan. Maar wie jong is, heeft er geen idee van wat het is om ouder te worden, beseffen ze nu. 'Dat je energie afneemt, dat je dingen niet meer kunt, dat je geheugen slechter wordt', zegt Koops. Dat ervaren ze aan der lijve, bijvoorbeeld als ze elk jaar meer moeite hebben met het sneeuwruimen. De ene is ondertussen gedotterd, de ander heeft een nieuwe knie.


Drie bewoners zijn overleden. De zorg voor elkaar blijkt soms zwaarder dan gedacht, hebben ze de laatste maanden ervaren. Deze lente is er voor het eerst een huis leeg komen te staan. Eind april is een 81-jarige bewoonster overleden aan leukemie. Haar man was twee jaar daarvoor gestorven. De medebewoners hebben voor haar gekookt, haar was gedaan en zijn vele malen met haar naar het ziekenhuis geweest.


Kort nadat de bewoonster de fatale diagnose kreeg, zijn de vier vrouwen van de woongemeenschap in oktober met elkaar een weekje op vakantie gegaan naar Ommen. Naar het museum, naar de film, toen het nog mogelijk was. 'Wat hebben we een mooie week samen gehad', zegt Breeschoten.


Koops vertelt hoe ze met de zieke de kerkelijke begrafenis heeft geregeld, samen kozen ze de liederen en de teksten uit. De twee hadden een speciale band opgebouwd nadat ze allebei hun man hadden verloren.


Zelfstandig

Haar kinderen hebben de uitvaart prachtig gevonden. 'Mijn ouders hebben het hier fijn gehad', zegt hun zoon, die langs komt om zaken te regelen. 'Zonder de zorg van de medebewoners van De Kamp hadden zij niet tot het laatst zelfstandig kunnen blijven.'


Het drukt nu zwaar dat een huis leeg staat. Ze missen niet alleen de bewoners, maar ook hun kinderen die ze hebben zien opgroeien. 'We wisten dat dit ooit zou gebeuren', zegt Breeschoten. 'Maar tussen weten en ervaren gaapt een groot gat.' Nu moeten ze, na 27 jaar, nieuwe mensen opnemen in hun hechte groep die al zo veel met elkaar heeft meegemaakt.


Ondanks het gedeelde leed raden Koops en Breeschoten eind veertigers en begin vijftigers het aan: denk er nu over na hoe je het gaat doen met je oude dag. Deze vraag wordt volgens de bewoners alleen maar urgenter, nu de zorg van de overheid steeds kariger wordt. Hoe ouder je plannen maakt, hoe moeilijker het wordt deze nog uit te voeren. 'Als de overheid maar wel de medische hulp blijft verzorgen, want die kunnen wij niet opvangen', zegt Breeschoten.


Haar man Wim schuift aan in de binnentuin. Tevreden kijkt hij om zich heen. 'Ongelooflijk dat dit allemaal van ons is, de moestuin, de perenbomen, de notenbomen', zegt hij. 'Zo wonen geeft echt veel. Dat je zo kunt vertrouwen op de mensen om je heen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden