Nieuws Japan en Zuid-Korea

Ruzie Japan en Zuid-Korea over compensatie oorlogsslachtoffers dreigt te ontsporen

De ruzie tussen Japan en Zuid-Korea over compensatie voor slachtoffers van de Japanse bezetting (1910-1945) dreigt uit de hand te lopen. Donderdag kondigde Seoul aan dat het een verdrag opzegt om militaire inlichtingen te delen met Tokio.

Zuid-Koreanen houden een anti-Japanse demonstratie met 'No Abe!'-tekens, ter herdenking van de bevrijding in 1945 van de Japanse koloniale bezetting. Beeld AFP

De Koreaanse maatregel is een reactie op een besluit van Tokio om de export naar Zuid-Korea aan extra controles te onderwerpen. Volgens Kim You-geun, vicedirecteur van de Nationale Veiligheidsraad, heeft dit geleid tot een ‘belangrijke wijziging in onze samenwerking op het gebied van veiligheid’. ‘Het is niet langer in lijn met ons nationaal belang om de overeenkomst te behouden die bedoeld is om gevoelige militaire inlichten te delen.’

Vorige maand besloot Japan om Zuid-Korea te schrappen van een lijst met betrouwbare handelspartners. De maatregel kwam bovenop recent doorgevoerde restricties op de uitvoer van chemicaliën die gebruikt worden voor de productie van onder meer beeldschermen en halfgeleiders. Dit kan leiden tot vertragingen en hogere kosten voor Zuid-Koreaanse elektronicabedrijven zoals Samsung. De elektronicagigant alleen al is goed voor eenvijfde van de totale Zuid-Koreaanse export.

Schadevergoeding individuele claims

Officieel spreken beide landen van een vertrouwensbreuk, maar directe aanleiding voor de ruzie is een uitspraak van het Zuid-Koreaanse Hooggerechtshof. Dat bepaalde vorig jaar dat Nippon Steel & Sumitomo Metal, het grootste Japanse staalconcern, 80 duizend euro schadevergoeding moet betalen aan vier Zuid-Koreanen. Zij werkten tijdens de Japanse bezetting (1910-1945) als dwangarbeider voor een dochterbedrijf van het concern.

Volgens de Japanse premier Abe druist de uitspraak in tegen een akkoord uit 1965, waarmee de twee landen hun betrekkingen normaliseerden. Als onderdeel daarvan gaf Japan Zuid-Korea bijna een half miljard euro in hulp en leningen. Een deel van het geld was bedoeld als compensatie voor voormalige dwangarbeiders en ‘troostmeisjes’, vrouwen die gedwongen werden tot seks met Japanse soldaten in legerbordelen. Het Hooggerechtshof oordeelt nu dat individuele claims nog wel rechtmatig zijn.

Het besluit is een tegenvaller voor de Verenigde Staten, die in 2016 het initiatief namen voor het inlichtingenpact, dat vooral bedoeld is om Noord-Korea in de gaten te houden. Japan en Zuid-Korea verzamelen allebei veel informatie over (illegale) activiteiten van Noord-Korea. In 2012 was een vergelijkbaar pact nog gestrand omdat er in Zuid-Korea te veel weerstand bestond tegen militaire samenwerking met de oude vijand.

Dieptepunt

De relatie tussen Japan en Zuid-Korea, altijd al precair, is nu op het laagste punt in decennia aanbeland. De strubbelingen begonnen toen de Zuid-Koreaanse president Moon Jae-in vlak na zijn aantreden een akkoord uit 2015 over compensatie voor de ‘troostmeisjes’ van tafel veegde.

In Zuid-Korea is inmiddels een boycot gaande van Japanse producten. Onder meer bierbrouwer Asahi en kledingketen Uniqlo zien hun winsten in het land flink dalen. Ook protesteert Seoul tegen een geplande lozing in zee van vervuild koelwater van de Fukushima-kerncentrale. In die centrale vond in 2011 na een verwoestende tsunami een kernramp plaats. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden