Nieuwstoeslagenaffaire

Rutte tot commissie Kinderopvangtoeslag: dit was geen taak voor de premier

Op de achtste en laatste verhoordag inzake de Kinderopvangtoeslag komt ook premier Rutte aan het woord. Als enige toppoliticus was hij er al die tijd bij. Dacht hij bij al die gesneuvelde staatssecretarissen nooit: ik moet me meer met dit dossier bemoeien? ‘Nee, dat heb ik niet gedacht.’

Minister Wopke Hoekstra van Financiën wordt gehoord door de parlementaire enquetecommissie Kinderopvangtoeslag.Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant

Een bewindspersoon die verkeerd of onvolledig geïnformeerd wordt door zijn ambtenaren maakt weinig kans zijn ambtstermijn heelhuids vol te maken. Die minister of staatssecretaris verstrekt dan immers – zonder dit te beseffen – onjuiste informatie aan de Tweede Kamer en neemt ook de verkeerde besluiten.

Wie Hans Vijlbrief een lange en vruchtbare politieke carrière toewenst, moet hopen dat de staatssecretaris van Financiën, onder meer belast met fiscale zaken, deze week goed naar zijn drie voorgangers heeft geluisterd. Uit de verklaringen die Frans Weekers, Eric Wiebes en Menno Snel voor de parlementaire ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag hebben afgelegd, is een luid en duidelijk advies aan Vijlbrief te destilleren: vertrouw nóóit blind op de topambtenaren van je eigen Belastingdienst. Weekers en Snel moesten aftreden doordat ze die les nog niet geleerd hadden. Wiebes tastte zijn hele ambtsperiode in het duister over wat er werkelijk gaande was in ‘het paleis van de grote getallen’, concludeert commissievoorzitter Chris van Dam.

Niet doorgekomen

Zo gaat Weekers er voetstoots van uit dat ‘de Belastingdienst zich aan de wet zal houden’, terwijl de dienst dat niet altijd doet bij het stopzetten en terugvorderen van kinderopvangtoeslagen. De VVD’er wordt eind 2013 door zijn ambtenaren ‘op het verkeerde been gezet’. Destijds is er ophef in de Tweede Kamer omdat zo’n honderdduizend toeslaggerechtigden hun toeslag niet op tijd hebben ontvangen. Weekers: ‘In eerste instantie was mij gemeld dat die mensen daar zélf schuldig aan waren, omdat ze geen bankrekeningnummer hadden doorgegeven. Later bleek dat die burgers dat wel hadden geprobeerd, maar dat hun mutatie niet was doorgekomen in het automatiseringssysteem.’

Terugkijkend zegt hij: ‘Wat mij en mijn opvolgers heel veel last heeft bezorgd, is dat informatie bij de Belastingdienst in een of andere leemlaag blijft steken.’ Ook Snel en Wiebes geloven hun ambtelijke top op hun blauwe ogen, als die weer eens bezweert dat de problemen bij de Belastingdienst/Toeslagen nu écht onder controle zijn, of dat er hard aan verbetering wordt gewerkt. Terwijl Wiebes toch precies hetzelfde meemaakt als zijn voorganger: ‘De ergernis van Weekers, dat informatie van de Belastingdienst altijd eerder in de media belandt dan bij de staatssecretaris, is later ook mijn ergernis geworden.’

Premier Mark Rutte legt de eed af voor zijn verhoor door de parlementaire commissie Kinderopvangtoeslag.Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant

De Belastingdienst kampt met een groot cultuurprobleem, analyseert het drietal achteraf. De dienst heeft sterk de neiging reële problemen te bagatelliseren, gevoelige informatie achter te houden en defensief te reageren op kritiek. Directeur-generaal Peter Veld bestaat het zelfs om de nieuwe staatssecretaris Wiebes tussen neus en lippen mede te delen dat Wiebes ‘er alleen is om het geld te regelen’. Met het runnen van de Belastingdienst moet hij zich niet bemoeien, dat kan Veld prima zelf. Wiebes is het daar natuurlijk niet mee eens, want als het misgaat bij de dienst is het zíjn kop die door de Tweede Kamer rolt. Toch zegt geen van de drie staatssecretarissen het vertrouwen op in de leiding van de dienst; ze blijven die tot het einde toe steunen.

Slechte ervaring

De enige die wél met de vuist op tafel slaat is Wopke Hoekstra, zegt Wopke Hoekstra donderdag tijdens zijn eigen verhoor. Op de momenten dat de minister van Financiën het toeslagendossier direct onder zijn hoede heeft, raakt ook hij zwaar gefrustreerd door de onwil of onmacht van de Belastingdienst om essentiële informatie te produceren. Kort na zijn aantreden heeft hij al een slechte ervaring. De dienst biecht in december 2017 plotseling op dat er 400 miljoen euro minder belasting is geïnd dan in de rijksbegroting staat. ‘Dat is een heel groot begrotingsgat waarvoor ze mij véél eerder hadden moeten waarschuwen.’

Hoekstra moet in mei 2019 een keer invallen voor Menno Snel tijdens het Vragenuur van de Tweede Kamer. De minister moet daar de politiek gevoelige vraag beantwoorden of de Belastingdienst aan etnisch profileren heeft gedaan. ‘Ter voorbereiding begeef ik me naar een zaal met belastingambtenaren. Onder hen heerst onenigheid over de vraag wanneer het ict-systeem met de twee nationaliteiten in gebruik is genomen en wanneer de Belastingdienst daarmee is gestopt. Ik krijg dus tegenstrijdige adviezen over wat ik de Kamer moet vertellen. Ik heb na afloop tegen secretaris-generaal Leijten gezegd: ‘Wat ik daar te horen kreeg, is evident onvoldoende om een bewindspersoon voor te bereiden op een Vragenuur.’

Taak van de premier

Menno Snel treedt vlak voor het kerstreces af, waarna Hoekstra tijdelijk zelf verantwoordelijk wordt voor de afwikkeling van de toeslagenaffaire. De minister wil er hoe dan ook voor zorgen dat de eerste driehonderd gedupeerde ouders vóór Kerstmis de toegezegde schadevergoeding krijgen. Maar ook dat gaat volgens Hoekstra ‘niet gemakkelijk’. ‘Adressenlijsten waren incompleet en er ontbraken bankrekeningnummers. De informatievoorziening bij de Belastingdienst is gewoon echt niet op orde.’

Hoekstra begrijpt niet goed waarom de drie staatssecretarissen dat probleem hebben onderschat. ‘Als lid van de Eerste Kamer, maar ook als kranten lezende burger was mij al lang duidelijk dat de Belastingdienst met grote problemen kampt.’ Hoekstra onderschrijft Snels zelfkritiek dat de gesneefde staatssecretaris te lang op de informatie van zijn ambtenaren heeft vertrouwd. Wat overigens de vraag oproept waar een staatssecretaris van fiscale zaken zijn informatie vandaan moet halen als dat niet bij zijn eigen ambtenaren kan.

Wat vindt Mark Rutte, die als laatste in het verhoorbankje plaatsneemt, hier eigenlijk van? Hij noemt Menno Snel een ‘uitstekende’ staatssecretaris die ten onrechte moest aftreden. Als premier vindt en vond hij het niet zijn taak zich inhoudelijk met het toeslagendossier bezig te houden. Hoewel Snel in Ruttes bijzijn gerust verzuchtingen mocht slaken, hoefde hij niet op meer te rekenen dan een bemoedigend schouderklopje. Commissielid Tom van der Lee zit met zijn oren te klapperen. ‘U bent de invloedrijkste politicus van dit tijdperk. U bent premier en de belangrijkste man in de regering. Er komen onder uw bewind drie staatssecretarissen in de problemen. Heeft u echt nooit gedacht: ‘ik moet me meer met dit dossier bemoeien?’ Nee, antwoordt Rutte. ‘Dat heb ik niet gedacht.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden