Nieuwsrede van Mark Rutte

Rutte laat de christen in hemzelf vrijmoedig spreken: ‘Niet ik, ik, ik, maar samen’

Het was eigenlijk een preek die een CDA’er of een vrijzinnig predikant had kunnen uitspreken, de lezing van premier Rutte op Hervormingsdag. Er bestaat niet zoiets als een mislukt leven, zei hij. ‘Iedereen kan goed doen.’

Premier Mark Rutte achter het kansel. Beeld RVD
Premier Mark Rutte achter het kansel.Beeld RVD

‘Mark Rutte is christen’, schreef een columnist van Beam, het jongerenplatform van de EO, enkele jaren geleden. ‘Achter de voordeur dan’, voegde hij daar schamper aan toe. Maar afgelopen zaterdag besteeg de liberale premier bij wijze van uitzondering de kansel - in de Haagse Kloosterkerk. Niet met een preek, maar met een lezing ter gelegenheid van Hervormingsdag (31 oktober), de dag waarop Maarten Luther in 1517 zijn 95 stellingen tegen de rooms-katholieke geloofspraktijk openbaar maakte.

Naar de omstreden kerkhervormer verwees Rutte niet. Wel naar de betekenis van het geloof voor hemzelf en voor de samenleving. Als kind vergezelde Rutte zijn ouders geregeld naar de Nieuwe Badkapel in Scheveningen. Daar voelde hij zich thuis, zei Rutte - al kunnen ‘dominee en kerkgangers zich niet of nauwelijks een kerkgaande Rutte herinneren’, tekende het Nederlands Dagblad daar enigszins zuinig bij op. Hoe het ook zij: Rutte is naar eigen zeggen vergaand gevormd door zijn ‘niet al te zware hervormde opvoeding’. Thuis werd hem bijgebracht dat hij ‘gewoon op de kleine steentjes moest blijven lopen’. Dat hij, met andere woorden, mensen niet op hun afkomst of maatschappelijke afkomst moest beoordelen. In dat verband verwees hij naar de apostel Paulus die de mens in het Bijbelboek Romeinen 12 voorhoudt ‘dat u zichzelf niet hoger moet aanslaan dan u kunt verantwoorden, maar verstandig over uzelf moet denken’.

‘Is een goed leven een perfect leven?’, luidde de titel van Ruttes rede. Hij beantwoordde die vraag ontkennend, want perfectie bestaat niet in het leven (‘gelukkig niet zeg’), en tegen de implicatie ‘dat er zoiets bestaat als een mislukt leven’ komt alles in hem ‘als gelovig mens én als liberaal’ in opstand. ‘Uitzonderingen daargelaten’, betekent iedereen iets voor iemand anders. Rutte gelooft dat ‘iedereen in zijn of haar leven goed kan doen, dus een goed en betekenisvol leven kan leiden, en dat de optelsom van ieders bijdrage meer is dan de som der delen’. ‘Het bezielend verband in de samenleving’, noemde zijn (verre) voorganger Frits Bolkestein dat.

Geduld en compassie

Rutte noemde de behoefte aan ‘gezamenlijkheid’ waarin de kerk juist tijdens de coronacrisis kan voorzien. ‘Die traditie is uiteraard niet exclusief christelijk, maar wel voor een belangrijk deel. En dat werkt heel direct en persoonlijk door, want wie in God gelooft, mag hoop hebben en daar gaat een enorme troost van uit.’ Hij stelde vast dat er ‘nog altijd meer mensen met geduld en compassie zijn, dan met een kort lontje’, maar dat we ‘over dat goede en het geduld in de samenleving weinig in de krant lezen’. ‘Wat de coronacrisis ons sowieso leert’, zei Rutte, ‘is dat het leven, als het erop aankomt, niet draait om meer, meer, meer, en al helemaal niet om meer ik, ik, ik, maar om samen, om verantwoordelijkheid en om aandacht voor de mensen om je heen.’

Premier Mark Rutte. Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
Premier Mark Rutte.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

‘In zijn communicatie van de afgelopen weken miste ik bezieling’, zegt Tim Vreugdenhil, stadspredikant bij Protestantse Kerk Amsterdam. ‘Maar in deze rede, die eigenlijk gewoon een preek was, sprak hij over de noodzaak van een bezielend verband, en wist hij mij mee te nemen in zijn persoonlijke versie van hoe dat er in coronatijd kan uitzien. Twee passages treffen me in het bijzonder. Allereerst is dat de uitleg van Romeinen 12, over jezelf kunnen relativeren en bescheiden blijven. Hier zie je volgens mij de authentieke Mark Rutte. Een man die - in zijn positie hoogst opmerkelijk - vrij blijft van het vermeerderen van bezit en roem. En zijn afsluiting was prachtig: een goed leven is niet per se een gelovig leven.’

‘Het werd een verhaal zoals je dat ooit van CDA’ers gewend was’, schreef het Nederlands Dagblad in zijn recensie van de rede. De spreker gaf blijk van een ‘opvallende gedegenheid’ bij zijn analyse van Romeinen 12 - al was hij daarmee nog geen ‘belijnde gelovige’. De krant schaart Rutte bij de ‘ethische’ vleugel binnen de vroegere Nederlands-Hervormde Kerk (sinds 2004 onderdeel van de PKN, de Protestantse Kerk in Nederland). ‘Niet gericht op ge- en verboden, maar met een sterke nadruk op persoonlijke inspiratie (‘meer de Heer dan de leer’) en op goed doen in de maatschappij.’

Een ‘vrijzinnige dominee’

Op zijn website Christelijke Columns kenschetste Henk van Blijderveen, een late bekeerling die zich in 1990 op 36-jarige leeftijd aansloot bij de volle evangelische gemeente, de premier eerder als ‘een vrijzinnige dominee’. En dat was niet per se positief bedoeld, want vrijzinnigheid is voor hem het synoniem van ‘geloofsafkalving die niet alleen de familie Rutte betreft, maar die exemplarisch is voor heel Nederland’. Voor Rutte en zijn mede-vrijzinnigen is ‘de noodzaak van reiniging van zonde door Jezus’ offer’ verruild ‘voor de behoefte aan rituelen’.

Rutte liet bij eerdere gelegenheden weten zich vooral met de kerk verbonden te voelen vanwege de rituelen en de mooie verhalen. Bij zijn optreden in Zomergasten, in 2016, sprak hij over zijn ontvankelijkheid voor de ‘diepe godsbeleving’ van Bach die doorklinkt in diens Matthäus Passion - ‘de meest goddelijke muziek die er is’. In een binnenkort te verschijnen interview met het PKN-blad Petrus zegt Rutte dat hij als kind onder de indruk was geweest van de tempelsloper Simson, ‘omdat hij zo sterk was’. Tijdens de zogenoemde Preek van de Leek die hij in 2016 hield, noemde hij de wijze Salomo als vroeg rolmodel.

Voor Rutte bestaat het geloof ‘voor 49 procent uit twijfel, en voor 51 procent uit zeker weten’, zei hij bij die gelegenheid. ‘Een soort yin en yang’, schamperde Van Blijderveen in zijn Christelijke Column. ‘Met dit kleine verschil dat de balans niet 50/50 is, maar 49/51.’ Dat laatste percentage neemt overigens eerder toe dan af, zei Rutte in Petrus. In datzelfde interview werd hem gevraagd of hij zich tijdens deze coronacrisis niet soms Mozes voelde, die een morrend volk door de woestijn leidde. ‘Absoluut niet’, luidde het resolute antwoord. ‘Ik blijf een klein mannetje. Met een grote baan weliswaar, maar ik kan me hoogstens laten inspireren door zo’n icoon.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden