Rutte III krijgt vorm; de ministersposten zijn verdeeld. Wie zijn ze?

De ministersploeg van Rutte III is compleet. Wie zijn de bewindslieden wiens namen rondzingen over het Binnenhof?

Ingrid van Engelshoven (D66). Beeld Jacques Zorgman

Ingrid van Engelshoven (D66)

Minister van OCW

Ze is pas zeven maanden Kamerlid, maar nu al wordt Ingrid van Engelshoven (51) voor D66 minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in Rutte III. Die snelle promotie is een beloning voor jarenlange trouw aan de partij.

Van 2007 tot 2013 was Van Engelshoven voorzitter van D66, een periode waarin ze samen met lijsttrekker Alexander Pechtold de in het slop geraakte democraten weer nieuw elan gaf. 'Hij deed de buitenboel, ik de binnenboel', zei ze daarover tegen Trouw. Ze maakte de afgelopen maanden ook deel uit van het formatieteam van D66.

Op Onderwijs vindt zij binnenkort Arie Slob aan haar zijde, de voormalige fractieleider van de ChristenUnie die zich met primair en secundair onderwijs gaat bezighouden, alsmede met de mediaportefeuille. Van Engelshoven doet hoger onderwijs, wetenschap, cultuur en emancipatie. Voordat ze in maart Kamerlid werd, was ze zeven jaar lang wethouder in Den Haag. Juist ook van onderwijs, een van de speerpunten waarop D66 zich profileert.

Engelshoven studeerde politicologie in Nijmegen en rechten in Leiden. Ze werd al jong fractiemedewerker van D66, toen Hans van Mierlo nog partijleider was. Daarna was ze lange tijd lobbyist, onder meer bij de Orde van Advocaten, voor de Stichting Verantwoord Alcoholgebruik en bij het bureau Dröge & Van Drimmelen. Op haar lijst met zeven nevenfuncties staat dat Van Engelshoven onder andere bestuurder is van een BV die haar naam draagt.

Ze is een groot voorstander van meer vrouwen in het openbaar bestuur, reden waarom zij minder vaak 'nee' zouden moeten zeggen. Tegen Omroep West zei ze: 'Heel veel dingen komen nooit goed uit. Toch roep ik dan vrouwen op: zeg wat vaker 'ja'. Want meer vrouwen in de politiek kunnen we heel goed gebruiken.' Van Engelshoven komt in een zestienkoppige ministersploeg, van wie er zes vrouw zijn.

Beeld archieffoto AD

Wouter Koolmees (D66)

Sociale Zaken en werkgelegenheid

Zijn post ligt nog niet vast, zeggen ingewijden, maar Wouter Koolmees (40) geldt als de belangrijkste ministerskandidaat voor het ministerie van Sociale Zaken. Zeker is: niemand in de coalitie zal daartegen bezwaar maken. Koolmees staat te boek als een goedlachse man met de nodige zelfspot. Vraagt een journalist wat hij ziet als hij in de spiegel kijkt. Antwoordt Koolmees: 'Dan zie ik een ietwat corpulent, maar wel vrolijk iemand. Ik heb in mijn omgeving te veel mensen gezien die zich blijven vastklampen aan het negatieve. Ik probeer overal de zonnige kant van in te zien.'

Hij was Pechtolds secondant in de formatieonderhandelingen, in de Kamer geldt hij al langer als een grote naam. Koud lid van de Kamer werd Koolmees al Politiek Talent van het jaar 2010. Niemand kent de rijksbegroting zoals hij. Daarbij is hij gespeend van ideologische dwang. Zat hij niet in de politiek dan kon hij zo terecht in het onderwijs om de financiële staatshuishouding aan jongere generaties uit te leggen.

Zoiets zou Koolmees op alle niveaus kunnen, al was het maar omdat hij zelf vrijwel alle lagen van het reguliere onderwijs heeft bezocht, van mavo via havo naar vwo en universiteit. De lange weg door de onderwijsinstellingen lag ook aan thuis. Zijn ouders scheidden toen Koolmees negen jaar was. Zijn moeder betrok met drie kinderen - Wouter de oudste - een flat en kwam in de bijstand terecht. De tering naar de nering zetten - het is een praktijkleerstuk uit die jeugd. Maar Wouter was daarna wel de eerste die naar de universiteit ging. Het gaf Koolmees ook een politieke drijfveer mee: 'De overheid moet er zijn als het even tegenzit. En moet er sterker zijn als het structureel tegenzit.'

Gijs Herderscheê

Wouter Koolmees (D66) is een belangrijke kandidaat voor een ministerspost. Beeld anp
Zijn post ligt nog niet vast, maar Wouter Koolmees geldt als belangrijkste kandidaat voor Sociale Zaken. Beeld anp

Cora van Nieuwenhuizen (VVD)

Infrastructuur en Milieu

Tevreden zal Neelie Kroes niet zijn over één vrouw op zes VVD-ministers, maar die ene komt dan toch in elk geval op Kroes' eigen voormalige post, die van Infrastructuur - sowieso een departement dat sinds de jaren '80 overwegend door vrouwen wordt geleid. Voor Cora van Nieuwenhuizen (54) is het een grote stap in haar lange mars door de VVD. Behalve misschien in Brabant, waar zij enkele jaren provinciebestuurder was, is zij nauwelijks bekend bij het grote publiek. Maar intussen heeft ze toch heel wat politieke en bestuurlijke ervaring bijeen gesprokkeld.

De geboren Ridderkerkse zat op het vwo in Harderwijk en studeerde geografie in Utrecht. Ze werkte bij Credit Lyonnais Bank in Tilburg en in de bedrijfsvoering van de dierenartspraktijk van haar man. Ze kwam in de politiek terecht toen haar gezin voor het werk van haar man verhuisde naar het Brabantse Oisterwijk. Ze kende er niemand en ging naar een lokale VVD-avond 'als een leuke manier om Oisterwijkers te ontmoeten'. Daar bleek haar politieke roeping te liggen. Ze werd burgerlid van een raadscommissie, gemeenteraadslid, fractievoorzitter, lid van Provinciale Staten in Brabant, ook daar fractievoorzitter, gedeputeerde, in 2010 Tweede Kamerlid, in 2014 lid van het Europees Parlement en nu dus minister. Weinig mensen kunnen zeggen dat zij op zoveel politieke niveaus actief zijn geweest.

Voor een minister die heel veel moet samenwerken met decentrale overheden is dat onmiskenbaar een groot voordeel. Infrastructuur is bekend terrein. Dat deed ze ook al in Brabant. Als politicus en in de VVD-hiërarchie verdiende ze haar sporen in de Kamerfractie, waar ze onder meer de altijd brisante portefeuille asiel, migratie en integratie onder zich had. Het ministerschap is voor Van Nieuwenhuizen een grote stap, dat zeker, maar nauwelijks een sprong in het diepe.

Raoul du Pré

Cora van Nieuwenhuizen heeft heel wat politieke en bestuurlijke ervaring bijeen gesprokkeld Beeld anp

Sander Dekker (VVD)

Justitie en Veiligheid

Nu Mark Ruttes vertrouwelingen hem grotendeels verlaten, grijpt hij terug op VVD-vedetten met een minder lange staat van dienst. Net als staatssecretaris Eric Wiebes wordt Sander Dekker (42) gepromoveerd tot minister. Hij verruilt het ministerie van Onderwijs voor dat van Veiligheid. Een wens van D66 komt uit: de onderdelen Veiligheid en Justitie worden weer losgekoppeld. Als minister van Veiligheid wordt Dekker vermoedelijk verantwoordelijk voor zaken als de Nationale Politie, het gevangeniswezen en terrorismebestrijding. De VVD neemt wel een risico door weer (een deel) van Justitie onder haar hoede te nemen. De afgelopen kabinetstermijn sneuvelden op het megadepartement twee VVD-ministers en een VVD-staatssecretaris.

Dekker maakte als belofte in 2012 zijn debuut in het landsbestuur. Zijn staatssecretariaat was bij vlagen een worsteling. Hij verdwaalde in omroepland en zag zijn ambitieuze poging om het publieke bestel op de schop te nemen verwateren tot een tandeloos compromis. Hij verdedigde lange tijd een rekentoets in het voortgezet onderwijs, maar nadat een storm van kritiek was opgestoken beloofde hij een alternatief. De nieuwe coalitie schrapt de toets weer.

Voorheen was Dekker wethouder onderwijs en later financiën in Den Haag. Hij lijkt een onderwijsman pur sang, maar was na zijn studie tien jaar lang onderzoeker en docent aan de Universiteit Leiden op het terrein politie en justitie.

Joost de Vries

Carola Schouten (ChristenUnie)

Landbouw, vicepremier

Een verrassende baan voor Schouten (40). Minister van Landbouw en vicepremier. Lang leek zij voorbestemd om minister van Sociale Zaken te worden. Want daar lag het zwaartepunt van haar werk in de Tweede Kamer. Nu wordt Landbouw voor haar afgesplitst van het ministerie van Economische Zaken. Maar dat maakt geen deel uit van het centrale ministersoverleg - de 'vierhoek' van Algemene Zaken, Financiën, Economische Zaken en Sociale Zaken.

Helemaal wezensvreemd is Landbouw niet voor Schouten. Haar ouders hadden een melkveehouderij. Haar vader overleed toen Schouten 9 jaar was. Daarna zette haar moeder het bedrijf met hulp van haar drie dochters voort. 'Het bedrijfsmatige vond ik leuk, ik had niet zoveel met het boerenleven an sich. Ik weet ook wel hoe ik een koe moet melken. We hadden zeventig melkkoeien. En we verbouwden maïs en bieten als veevoer', vertelde Schouten in 2013. Die ervaring kan helpen bij de voorgenomen 'warme' sanering van de varkenshouderij.

Het eerste bommetje wordt al geprepareerd voor de nieuwe minister. Binnenkort komt Winnie Sorgdrager met een rapport over het verboden fipronil dat in eieren terecht was gekomen. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, die in de affaire een centrale rol speelde, valt dan onder Schoutens politieke verantwoordelijkheid.

Gijs Herderscheê

Helemaal wezensvreemd is Landbouw niet voor Carola Schouten. Beeld anp

Bruno Bruins (VVD)

VWS

Binnenkort herenigd in de ministerraad, het VVD-duo Bruins-Dekker. Bruno Bruins (54), nu nog baas van uitkeringsinstantie UWV, wordt waarschijnlijk één van de twee ministers van Volksgezondheid.

De twee kennen elkaar uit de Haagse gemeenteraad, begin deze eeuw, toen Bruins daar wethouder was en Sander Dekker VVD-fractievoorzitter. In 2016 leidde de vriendschap tot een affaire. Toen wilde Dekker Bruins parachuteren in een riante bijbaan, voorzitter van de raad van toezicht van de publieke omroep. Net op het moment dat hij de nieuwe Mediawet door het parlement moest loodsen. Dekker kwam in zwaar weer: 'Vriendjespolitiek', 'Poolse toestanden'. Bruins zag ervan af.

Voor Bruins is het een terugkeer aan het Binnenhof. Na twee studies, Nederlands recht en Bestuurskunde, in Groningen werkte hij bij vervoersbedrijven voor hij in de Haagse gemeentepolitiek ging. In 2006 was hij een korte periode staatsecretaris van Onderwijs in het rompkabinet-Balkenende III.

De afgelopen zes jaar loodste Bruins het UWV door de ene na de andere bezuiniging en door de crisis, met de sterk oplopende werkloosheid. De banden met de Haagse politiek hield hij als Scheveninger aan. Zo was hij 'informateur' van het Haagse gemeentebestuur en voor het Zuid Hollandse provinciaal bestuur.

Gijs Herderscheê

Bruno Bruins (54), nu nog baas van uitkeringsinstantie UWV, wordt één van de twee ministers van Onderwijs. Beeld anp

Kajsa Ollongren (D66)

Binnenlandse Zaken, vicepremier

Dat Kajsa Ollongren (50) na een Amsterdamse uitstap van drie jaar terugkeert in Den Haag, is geen verrassing. Niet alleen D66-leider Pechtold zal blij zijn met een progressieve vrouw als zijn vicepremier, ook premier Rutte zal naar haar komst uitkijken. Van 2007 tot 2014 werkte ze als topambtenaar op Algemene Zaken, eerst als plaatsvervangend secretaris-generaal, sinds 2011 als Ruttes hoogste ambtenaar.

Vrijwel haar hele werkzame leven bracht ze door in de machinekamers van het landsbestuur. Na studies economie en geschiedenis beklom ze vanaf 1992 gestaag de ambtelijke ladder op het ministerie van Economische Zaken. Om na vijftien jaar over te stappen naar AZ.

Plots verruilde ze in 2014 haar invloedrijke positie op de achtergrond voor de publieke arena in Amsterdam. D66 won de raadsverkiezingen, Ollongren werd wethouder en locoburgemeester. Kon ze ook voor de schermen besturen? Ze kreeg wisselende rapporten. Een van haar taken was het beteugelen van de drukte in de stad, ze slaagde er nog niet in.

Er wordt nog steeds met de posten geschoven, maar waarschijnlijk landt Ollongren op Binnenlandse Zaken. Daar moet ze de manier waarop burgemeesters worden benoemd gaan vernieuwen. Een politiek gevoelige opdracht. D66 is voor de rechtstreeks gekozen burgemeester, ook CDA-leider Buma schaarde zich hier in 2014 achter. De achterbannen van VVD en ChristenUnie zijn verdeeld. Wellicht krijgt ze ook integratie in haar portefeuille, een minstens zo explosief dossier.

Joost de Vries

Waarschijnlijk landt Kajsa Ollongren op Binnenlandse Zaken. Beeld anp

Ferdinand Grapperhaus (CDA)

Justitie en Veiligheid

Helemaal zeker is het nog niet, maar Ferdinand Grapperhaus (57) geldt inmiddels als de voornaamste kandidaat voor het ministerie van Veiligheid en Justitie. Hij wordt dan de Justitieman, naast VVD'er Sander Dekker voor de Veiligheid.

Zou het kunnen dat zijn naam nog niet wordt bevestigd omdat hij nog getest moet worden in gesprekken met CDA-leider Buma en premier Rutte? Grapperhaus is advocaat, gespecialiseerd in het arbeidsrecht en hoogleraar in Maastricht. Maar bovenal is hij een uitgesproken man die zijn blogs, zijn column in het Financieele Dagblad en twitter gebruikt om zijn mening te geven. Over alles. Zoals over Ruttes normen- en waardenoffensief ('DikkeIkPrietPraat, flutpolitiek') over partijen als de PVV, 50Plus en de Partij voor de dieren ('heb ik nog nooit op een waarheid kunnen betrappen') en over de wet op het voltooid leven: 'Het is een zegen dat het kabinet nu komt met een voorstel om ook ouderen, die niet verder willen omdat hun leven voleindigd is, het recht te geven op de zelfgekozen dood.' Dat is niet bepaald het CDA-standpunt.

Een beetje vuur in een kabinet is nooit weg. Maar Rutte zal wel willen onderzoeken of er geen ontploffingsgevaar dreigt.

Raoul du Pré

Arie Slob (ChristenUnie)

OCW (primair en middelbaar onderwijs )

Brandt er niet in elke leraar maatschappijleer een verlangen om ooit minister van Onderwijs te worden? Voormalige ChristenUnie-leider Arie Slob (55) wordt het. Hij zat 11 jaar in het middelbaar onderwijs als leraar geschiedenis en maatschappijleer. Daarna, als Kamerlid, 'deed' hij onderwijs bijna 13 jaar. Zijn vrouw werkt in het speciaal basisonderwijs en nu gaat drs. A. - gewoon Arie - Slob de komende 3,5 jaar als minister het lager en middelbaar onderwijs bestieren.

'Zachtaardig' is wat bij je opkomt als je Arie Slob ontmoet. Zijn congresredes klonken als van een goede voorleesmoeder - alleen het 'jongens en meisjes' ontbrak. Zelfs in de storm van een financiële crisis die chagrijnige gezichten van politici boetseerde, bleef de fractievoorzitter glimlachen, zij het ietwat verlegen. 'We staan tegenover elkaar terwijl we juist naar elkaar om moeten zien. Samenleving moet 'samen leven' zijn.'

Toen Rutte I in 2012 klapte, nam Slob het initiatief tot een vijfpartijenakkoord om liefst 12 miljard te bezuinigen. Toen daarna Rutte II wankelde doordat een senaatsmeerderheid ontbrak, kwam Slob te hulp, samen met D66 en SGP. 'Wie ben ik, dat ik dit mag en moet doen?', zegt hij dan. En: 'Ik ken mijn plaats.'

Robert Giebels

Arie Slob (ChristenUnie) wordt minister van Lager en middelbaar onderwijs. Beeld anp

We gidsen je door het regeerakkoord

Na een historisch lange formatie is het kabinet Rutte III er eindelijk. Wij gidsen je door het regeerakkoord. Hoe wordt het geld verdeeld? Wat hebben de partijen binnengesleept? En op welke punten gaat de coalitie het moeilijk krijgen?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden