Rust roest

In de Van Dale staat bij vakantie: 1. (jur.) tijd waarin geen gerechtszittingen plaatshebben, geen rechtpleging geschiedt. 2. (onderwijs) elke van de periodiek terugkerende tijden waarin geen lessen worden gegeven....

Vrije tijd is niet goed voor een mens en zeker niet te lang achter elkaar. Rust roest. En ledigheid is des duivels oorkussen.

(Als kind dacht ik dat het 'oor kussen' was, dus dat je als je lui was geweest bij wijze van zoenoffer je lippen tegen zo'n harig puntoor moest drukken.) Andere, hardwerkende mensen, zoals bovengenoemde juristen en onderwijzers, gun ik hun vrije tijd overigens van harte. Dit in tegenstelling tot mijn grootmoeder die over de laatste beroepsgroep steevast verontwaardigd uitriep: 'En áls ze een keer les komen geven, is het Koningi ¿ nnedag!'

De maanden juli en augustus ben ik volledig van mijn à propos. Alleen al dat stadsbeeld: stuurloos sjokkende toeristen in kampeerplunje. In de eigen omgeving kun je die horde nog enigszins ontlopen, maar ben je zo stom geweest je vleugels (en die van een vliegmachine) uit te slaan, dan kun je nog zo cosmopolitisch uit je ogen kijken, maar voor je het weet ben je ook zelf tot toerist gereduceerd: tot lanterfanter, levensgenieter, vakantieganger tot je er bij neervalt. 'Wat zullen we vandaag weer eens doen? Een tochtje maken? Winkels kijken? Naar het museum?'

Daarom kwam Brugge als geroepen. Niet als museum, maar als filmstadje. In het kielzog van twee bevriende scenarioschrijvers/cinefielen was ik op een zomerfilmcollege, dat eens in de twee jaar wordt georganiseerd door de Vlaamse Dienst voor Filmcultuur. Van het pittoreske Brugge zag ik weinig, maar op het scherm van bioscoopzaal Lumière des te meer. In de moordende hitte werden zo'n 24 films vertoond, met inleidingen en – soms zeer geestig – commentaar. Vooral dat van de Belgische filmregisseur/-deskundige Harry Kümel. Wat sprak hij bevlogen – zijn armen vlogen mee. Ik dronk zijn woorden in, temeer daar ik het bijna in alles met hem eens was.

Onder Kümels bezielende leiding genoten wij van onder andere een bekende soap van Douglas Sirk uit 1955: All that Heaven Allows, met die oersaaie Jane Wyman (ooit getrouwd met Ronald Reagan, nou dan weet je het wel) als oudere weduwe en Rock Hudson (een nicht als een paard) als haar tuinman/minnaar. In Amsterdam had ik net de pastiche/remake Far from Heaven gezien, waarin die tuinman een neger is geworden. Op de cursus werden ook films vertoond in het verlengde van elkaar, zoals twee verfilmingen van werk van Raymond Chandler: The Big Sleep uit 1946 geregisseerd door Howard Hawks. Hoofdrollen: Humphrey Bogart en Lauren Bacall. En daarna The Long Goodbye uit 1973 van Altman met een toen nog verrukkelijke Eliott Gould.

De week werd besloten met 's ochtends Andersons recente film Punch-Drunk Love en 's middags met Swing Time uit 1936. In een zweterig zaaltje zwijmelen bij de pas de deux van Ginger Rogers en Fred Astaire, dat is pas vakantie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden