Rust en spektakel in kerstcircussen

Meer dan een lamp en een witte achtergrond heeft hij niet nodig. En natuurlijk zijn handen, die hij in de meest fabelachtige standen kan boetseren....

Eerder dit jaar was de magiër uit India te zien tijdens het openingsspektakel van het Nieuwe Luxor Theater in Rotterdam. Het tekent de alertheid van de Utrechtse circusproducent Gerrit Reus dat hij Prasanna direct voor het theater-circus Cascade heeft geëngageerd. Ook de andere onderdelen van het jaarlijkse circus in Utrecht passen in het beeld dat Reus heeft van het moderne circus. De kunstzinnige belichting laat de komische gevechten aan de trapeze, de mini-toneelstukjes op de trampoline, en de opgewekte jongleursact van Ruslan Fomenko fraai uitkomen.

De komische intermezzi worden dit jaar verzorgd door het trio Que-Cir-Que. Vele malen variëren ze op het thema kleren uit-kleren aan. Dat is twee keer aardig, misschien zelfs drie keer, maar dan begint het behoorlijk te vervelen. Zeker omdat de gezichten alle keren in dezelfde treurstand blijven staan.

Reus kiest in deze editie nog meer dan andere jaren voor de poëzie, voor de serene rust.

Toch moet hij oppassen dat het niet te veel ten koste gaat van puur spektakel en spanning. In een circus moet je toch minstens twee keer per avond doodsangsten uitstaan.

In Carré krijgt het publiek al in de eerste minuten een hartstilstand. Vader Carillo maakte het al bont toen hij een paar jaar geleden op zeventig meter hoogte over een draad wandelde boven de binnenstad van Washington, zijn zoons dansen letterlijk hoog in de lucht over de strak gespannen kabel, springen zonder vangnet achterwaarts over elkaar heen, en maken salt'os terwijl beneden de Bengaalse tijgers van dompteur Daniel Raffo zich al aan het warm lopen zijn. En dit alles begeleid door stevige Queen-muziek.

Een aantal Carré-nummers zou ook goed in Utrecht kunnen worden geprogrammeerd, zoals de supersonisch snelle Tsjechische jongleur Mario Berousek, de hand-op-hand en hoofd-op-hoofd acrobatiek van de Portugese Peres Brothers, en de robot-speelgoedmannetjes-act van Les Frères Taquins.

De Russische clown André Nikolaev liet helaas maar in een paar briljante nummers zien dat hij een leerling van Popov is geweest. In de andere acts oogste hij wel erg routineus de lach.

Waarin het Wereldkerstcircus in Carré zich werkelijk onderscheidt van het moderne theatercircus zijn de paarden van de familie Knie, de tijgers, en de olifanten. Zo ouderwets, dat je blij mag zijn dat het een paar weken per jaar op hoog niveau in Nederland te zien is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.