Russen zetten superzware bommen in

De Russen vieren de verovering van Grozny en zijn optimistisch over uitschakeling van de rebellen...

Van onze correspondent Bart Rijs

In een legertent tussen de puinhopen van Grozny dronken vier Russen in uniform elkaar deze week toe. De bevelhebber van de troepen in Tsjetsjenië Kazantsev, politie-minister Roesjajlo, chefstaf Kvasjnin en Kremlin-woordvoerder Jastrzjembski vierden de verovering van de stad. 'Volgens mijn gegevens zouden de Amerikanen onze tactiek in Tsjetsjenië graag willen overnemen', pochte de chefstaf.

Na bijna vijf maanden bloedige gevechten lijken de Russen eindelijk reden te hebben voor optimisme. De Tsjetsjeense rebellen hebben zware klappen gekregen, en zijn met de Russische tanks op hun hielen het hooggebergte van de Kaukasus ingevlucht. Vrijdag meldde de Russische generale staf dat Sjerzjen-Joert, een rebellenbolwerk in de bergen, al in handen was van het leger. 'In de bergen zullen de bandieten sneller worden uitgeschakeld dan in Grozny', rapporteerde minister van Defensie Igor Sergejev aan de Doema.

Russische straaljagers leggen in de dun bevolkte Kaukasus een bommentapijt waarover het leger snel kan oprukken. Het aantal bombardementsvluchten is de laatste etmalen bijna twee keer zo groot als voorheen. Superzware bommen met 1500 kilo explosieven moeten de Tsjetsjeense strijders onschadelijk maken, die zich hebben verschanst in kloven en grotten. Deze bommen hebben zo'n verwoestende kracht dat het gebruik volgens het Internationale Rode Kruis in strijd is met de Conventies van Genève. 'Ze zijn zeer effectief', verklaarde luchtmachtcommandant Anatoli Koernikov. 'Het leger is opgerukt zonder een schot te lossen.'

Maar de rebellen weigeren zich gewonnen te geven. Op een video die ergens in de bergen is opgenomen, kondigde de Tsjetsjeense president Aslan Maschadov het begin aan van 'een grootscheepse guerrilla'. 'In de bergen, in de vlakte, in elk dorp, waar we maar kunnen.' De strijders beweren dat ze nooit van plan zijn geweest een frontoorlog tegen het Russische leger te voeren. Ze willen de Russen net als in de jaren negentig met hinderlagen en overvallen verslaan.

Maschadovs aankondiging is niet alleen bluf, zoals Moskou beweert. In Argoen, een plaatsje in Tsjetsjenië waar de rebellen al twee maanden geleden verdreven zouden zijn, bliezen guerrillastrijders deze week twee pantsertreinen op. De Russische soldaten in de wagons moesten in het donker vechten voor hun leven voor politiecommando's hen konden ontzetten.

'Overdag is het vredig in de dorpen en steden, maar zodra het donker wordt nemen die mensen de wapens op, en 's nachts schieten ze je in de rug', klaagde politie-minister Roesjajlo tegen de Russische krant Kommersant. Roesjajlo gaat over de Binnenlandse Strijdkrachten, die de moeilijke taak hebben de orde achter het front te bewaren. Alleen al in Grozny zouden zich volgens de Russische stadscommandant driehonderd Tsjetsjeense strijders in ondergrondse gangen verbergen.

De Russische veiligheidsdienst FSB wordt ervan beschuldigd systematisch de mensenrechten te schenden bij de jacht op de guerrillastrijders. Elke Tsjetsjeense man boven de zestien is verdacht. Voor wie geen Russisch paspoort op zak heeft, of bij wie in huis legerkleding wordt gevonden, geldt geen pardon.

Westerse verslaggevers in het naburige Ingoesjetië kregen deze week een brief in handen van een Russische soldaat, die dienst doet in een 'filtratiekamp' in het dorpje Tsjernokozovo. Daar ondervraagt de FSB de Tsjetsjenen die zijn opgepakt omdat ze worden verdacht van aanslagen. De soldaat, die de brief alleen heeft ondertekend met zijn voornaam, schrijft dat martelingen en verkrachtingen in het kamp aan de orde van de dag zijn. 'Je zou het gegil van die sterke mannen eens moeten horen', schrijft hij. 'Als de hel bestaat, dan is dat hier.'

De Russen lijken te beseffen dat ze de Tsjetsjenen door de repressie tegen zich in het harnas jagen. Door de lukrake bombardementen, de pesterijen bij de controleposten en de massale arrestaties is er bijna geen Tsjetsjeen die nog in de Russische beloftes van vrijheid en voorspoed gelooft. Om de Tsjetsjenen weer aan de kant van Moskou te krijgen, keurde de regering donderdag een programma van 150 miljoen gulden goed voor wederopbouw van de republiek.

Maar veel van die hulp komt in de zakken van corrupte functionarissen terecht. Zelfs Ruslands nieuwe sterke man, Vladimir Poetin, moest toegeven dat het opstellen van een programma één ding is, en de uitvoering iets heel anders. 'We hadden graan uit de federale reserves naar Tsjetsjenië gestuurd om in de lente te kunnen zaaien', vertelde hij. 'Het graan is vermalen, en het meel op de zwarte markt van Dagestan verkocht.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden