Rusland: vergeldingsaanval verergert catastrofe in Syrië

Na de raketaanval zaterdag op Syrië door de VS, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk, bewerkt Moskou – dat het Syrische regime steunt – de publieke opinie in binnen- en buitenland.

Foto epa

Servië 1999, Irak 2003, Libië 2011, en nu Syrië 2018. Dat is de opsomming die de Russische bevolking door Kremlingezinde media opgediend krijgt sinds de raketaanval van zaterdagochtend. De boodschap: het Westen, dat Rusland beschuldigt van schendingen van het internationaal recht, toont bij eigen militaire interventies geen enkel respect voor de letter van de wet.

Rusland maakt geen aanstalten om de westerse raketten op Syrië te beantwoorden met eigen raketten, waar het in afwachting van de aanval wel op zinspeelde. De Russische bevolking, die vorige week veiligheidstips kreeg van de staatskanalen voor het geval van een kernoorlog, kan rustig voor de tv blijven zitten. Daar hakken presentatoren en politici in op de ingreep van de VS, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk.

Het Kremlin vindt dat de drie landen hadden moeten wachten op onderzoek van de OPCW, de VN-organisatie die toeziet op naleving van het verbod op chemische wapens. De OPCW onderzoekt in het Syrische Douma of daar een gifgasaanval plaatsgevonden heeft, zoals de VS, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk stellen.

'Vernietigend'

President Vladimir Poetin stelde in een verklaring dat de westerse aanval ‘de humanitaire catastrofe in Syrië’ verergert. ‘De escalatie rond Syrië is vernietigend voor het hele systeem van internationale relaties.’

Maar het is de vraag of Rusland de onderzoeksresultaten zal respecteren als die de gifgasaanval bevestigen. Het land heeft zijn conclusies al getrokken op basis van onderzoek door eigen deskundigen: de Syrische president Assad, bondgenoot van Rusland, pleegde geen gifgasaanval.

Ook internationaal zwengelt Rusland een debat aan over de legitimiteit van de aanval. Het riep de VN-Veiligheidsraad zaterdagavond bijeen voor een spoedzitting. Daarin pleitte Rusland voor een resolutie die de raketaanval veroordeelt. De Russische VN-ambassadeur Vasily Nebenzia sprak van ‘opzichtige minachting van het internationaal recht’ door de VS en hun bondgenoten. Hij wees op het handvest van de VN, dat stelt dat een militaire aanval op een ander land alleen gerechtvaardigd is als er sprake is van zelfverdediging of van toestemming door de Veiligheidsraad.

De resolutie haalde het, zoals verwacht, niet. Acht leden, onder wie de plegers van de aanval en Nederland, stemden tegen. Wel kreeg Rusland China en Bolivia achter zich.

Voor de eigen bevolking doen de Russische autoriteiten de westerse raketaanval af als amateuristisch. In tegenspraak met berichten van het Amerikaanse Pentagon stellen de Russen dat de meeste van de raketten afgeslagen zijn door luchtafweersystemen uit de Sovjet-Unie die het Syrische leger in gebruik heeft.

Onbetrouwbaar

Organisaties die de gifgasaanval rapporteerden worden als onbetrouwbaar weggezet in Rusland. De Witte Helmen, een hulporganisatie in Syrië, is volgens het Russische ministerie van Defensie een verspreider van nepnieuws.

De raketaanval belooft weinig goeds voor de toekomst, is de toon in Rusland. Het gevaar van een wapenwedloop is nu nog groter, zo stelde de Russische diplomaat Vladimir Jermakov. ‘De voornaamste oorzaak is de onwil van de VS en zijn bondgenoten om de opkomende polycentrische wereldorde te erkennen.’ Moskou nam alvast een voorschot: de eerder gestaakte verkoop van S-300-luchtafweersystemen aan Assad komt er nu waarschijnlijk toch.

Meer over