Ruimteschild moet Europa een zorg zijn

Nu president Clinton heeft besloten pas op de plaats te maken met de bouw van een 'ruimteschild', kan de indruk ontstaan dat het zo'n vaart niet loopt....

Adri Duivesteijn

TERECHT heeft president Clinton deze week het besluit uitgesteld over de bouw van een landelijk 'ruimteschild' tegen nucleaire, biologische of chemische raketaanvallen, het National Missile Defense Program (NMD. Het is om vele redenen een verstandig besluit, zoals ook de Volkskrant in haar commentaar stelt (4 september). Het mag echter niet door Europese politici worden opgevat als een beloning voor hun afwachtende opstelling tot nu toe.

De passiviteit van Europa was en is onterecht en verontrustend, zo merkte ik deze zomer toen ik als lid van de parlementaire assemblee van de West Europese Unie (WEU) te gast was bij de Amerikaanse regering om over het NMD te worden bijgepraat. Onze delegatie werd langs het Pentagon, de denktank IDA, batterijen generaals en admiraals b.d. en de wapenfabrikanten Raytheon, Lockheed en Boeing gevoerd, en overal werd ons hetzelfde verhaal verteld, volkomen synchroon en zonder een spoor van twijfel.

Ik had niet verwacht dat er, na het verdwijnen van het Oostblok, nog zoveel vertoon van geregisseerde eensgezindheid mogelijk was. Ik raakte doordrongen van de vastbeslotenheid waarmee overheid en wapenindustrie het NMD-programma ontwikkelen en propageren.

De belangen zijn dan ook enorm en de kracht waarmee ze worden behartigd is formidabel. Met het NMD hopen de VS, in de onthullende woorden van de verantwoordelijke luitenant-generaal Ron Kadish, space control te krijgen. Het is een doelstelling die veel verder gaat dan die van een defensief schild alleen. Voor de Amerikaanse wapenindustrie betekent het tevens een investeringsstroom van honderden miljarden dollars, met uitzicht op lucratieve orders van over de gehele wereld en versteviging van de Amerikaanse hegemonie op de mondiale wapenmarkt.

Het NMD dreigt een breuk te vormen met de trend die werd ingezet met het Anti Ballistic Missile-verdrag (ABM) dat de VS en de toenmalige Sovjet-Unie in 1972 ondertekenden. Dit akkoord om af te zien van de bouw van intercontinentale raketten veroorzaakte de eerste voorzichtige dooi in de Koude Oorlog.

Met het verdwijnen van de Oost-Westtegenstelling eind jaren tachtig leek er een 'nieuwe wereldorde' denkbaar, zoals president Bush het noemde. De defensieapparaten en defensiebudgetten konden kleiner worden. Gezocht werd naar een mondiaal preventief beleid gericht op bevordering van sociale en economische ontwikkeling, zo nodig aangevuld met peacekeeping en peace-enforcing.

De nieuwe wereldorde bleek geen wondermiddel. Er woeden 'regionale' conflicten en vredesmissies zijn niet altijd succesvol of heilzaam. Het Westen maakt zich zorgen over 'schurkenstaten' als Noord-Korea, Iran en Irak die - op termijn - technisch in staat zijn om met lange-afstandsraketten ook landen buiten de eigen regio te bedreigen. Dat zou vooral reden moeten zijn voor een verhevigd politiek en diplomatiek offensief. De haviken binnen het Amerikaanse politieke spectrum grijpen de zorg over deze staten echter aan als legitimering van het NMD en daarmee van potentiële militaire escalatie. Het ruimteschild kan de triomfantelijke nieuwe missie worden van het 'militair-industrieel complex', zoals de Amerikaanse oud-president Eisenhower het ooit omschreef.

De defensielobby vindt steun bij de Republikeinen die het NMD tot een belangrijk verkiezingswapen hebben gemaakt. Tot voor kort rekenden ze erop dat ze Clinton klem konden zetten, zodat hij niet anders kon dan zijn toestemming geven. Ze hadden sterke troeven, zeker in dit verkiezingsjaar. Volgens een peiling van enkele weken geleden is 53 procent van de bevolking vóór het NMD. In het Congres is de steun nog groter.

De NMD-propaganda speelt schaamteloos in op nationalistische en in Amerika altijd aanwezige isolationistische sentimenten. Met gemeenplaatsen als: the fundamental role of government is to defend their citizens wordt de gematigde Democratische voorkeur voor een 'beperktere' verdediging tegen raketten al bij voorbaat in de verdediging gedrongen.

Er was zelfs een patriottische redenering om nog vóór de verkiezingen een besluit te nemen. Immers, men verwacht dat staten als Noord-Korea in vijf jaar een effectief aanvalsapparaat kunnen opzetten; dus moet het NMD uiterlijk in 2005 operationeel zijn; daartoe moet onder meer in Alaska een radarinstallatie worden gebouwd; dat kan daar alleen gedurende de zomermaanden; en dus moet de bouw in april 2001 beginnen.

Zo leek de ruimte voor een politieke afweging te zijn geminimaliseerd. Dankzij de mislukte tests kon Clinton toch nog de verstandige weg van het uitstel kiezen. Maar wie meent dat van uitstel wel afstel zal komen, onderschat de invloed van de defensielobby op de Amerikaanse politiek. Twijfel aan de technische realiseerbaarheid van NMD is voor Europa evenmin een excuus voor een afwachtende houding.

Hoe dan ook zijn de VS bezig hun militaire positie verder te verstevigen. De politieke consequenties hiervan kunnen enorm zijn. De VS kunnen in de verleiding komen om, sterker dan in het afgelopen decennium het geval was, het accent te leggen op militaire middelen in plaats van de weg van politiek en diplomatie. Met andere woorden, zich onder het eigen militaire schild terug te trekken en de rest van de wereld op afstand te houden.

Maar de rest van de wereld zal niet op afstand blijven, zo maken de internationale reacties op de Amerikaanse plannen nu al duidelijk. Rusland en China hebben al woedend gereageerd. Ook Europa heeft reden tot zorg. De onaantastbaarheid die de VS voor zichzelf willen kopen, zal slechts van tijdelijke aard kunnen zijn.

De PvdA-fractie in de Tweede Kamer sprak in april al haar zorg uit over de ontwikkeling van een NMD, dat 'kan leiden tot een nieuwe wapenwedloop en zelfs tot een wapenwedloop in de ruimte'. Er is weinig fantasie nodig om voor te stellen hoe die zich kan ontvouwen. Andere grote landen zullen een vergelijkbaar defensiesysteem nastreven terwijl tegelijkertijd zal worden gezocht naar nog geavanceerdere, al dan niet nucleaire aanvalssystemen die het ruimteschild kunnen doorbreken, omzeilen of saboteren. De wapenwedloop kan regionale varianten krijgen, in Zuidoost-Azië en het Midden-Oosten.

Ook het als defensief aangeprezen NMD zelf kan in een offensief wapen worden veranderd. Per saldo zal de wapenindustrie de onbetwiste winnaar worden. Zo bouwt Raytheon, de grootste rakettenproducent van de VS, niet alleen mee aan het NMD maar maakt het ook het type aanvalsraketten waartegen het ruimteschild nu juist nodig is. Het NMD mag ondanks de N van 'nationaal' absoluut niet worden afgedaan als een Amerikaanse nationale aangelegenheid. Het grijpt internationaal diep in, ook in de verhoudingen tussen de VS en Europa.

Europa mag het debat hierover daarom niet langer uitstellen. Terecht heeft minister Van Aartsen van Buitenlandse Zaken zich in mei tijdens de ministeriële NAVO-Raad in Florence uitgesproken 'tegen een eventuele eenzijdige invoering van NMD door de VS'.

Maar dat is nog veel te vrijblijvend ten opzichte van het NMD zelf. Dan ging een commissie uit het Britse parlement een stap verder door zich ronduit tegen het NMD op te stellen. Vooralsnog maakt echter de kracht van het Europese debat nauwelijks indruk op de Amerikaanse politiek.

Europa moet zich in deze kwestie veel zelfbewuster opstellen. Het moet het Amerikaanse NMD-programma ook als een eigen zorg onderkennen, en niet alleen omdat de VS Europa nodig heeft voor de bouw van het ruimteschild. We moeten ons ervan doordringen wat het voor de verhoudingen tussen de VS en Europa betekent wanneer de VS de pretentie koestert zich onaantastbaar te maken voor bedreigingen van buitenaf, en dus voor zijn vrede en veiligheid minder dan ooit afhankelijk is van coalities en afspraken.

Gemeenschappelijk uitgangspunt moet zijn dat de mogelijke dreiging van 'schurkenstaten' moet worden afgewend. Maar in de dialoog tussen de VS en Europa moet vooral worden gezocht naar manieren om vrede en democratie op een intelligentere en constructievere manier te dienen. Er zijn dringend nieuwe mondiale veiligheidsarrangementen nodig, waarin wordt vastgehouden aan deëscalatie en pragmatische ontwapening.

Clintons uitstel biedt Europa de unieke kans om haar achterstand in te lopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden