Ruimte voor water

Om wateroverlast in de winter te voorkomen, dienen grote oppervlakten in het al overbezette Nederland te worden gereserveerd voor wateropslag....

Marieke Aarden

NOG MAAR twee jaar geleden moesten in Noord-Nederland de zandzakken voor de deur om de waterhausse buitenshuis te houden. In dat natte najaar wisten ook de tuinders in het Westland niet hoe snel ze het water uit hun kassen moesten pompen toen het pijpenstelen regende en de riolen overliepen. In het kassengebied viel in anderhalve dag 140 millimeter regen, een situatie die zich - statistisch gezien - eens in de 250 jaar voordoet.

Premier Kok banjerde weer eens door het water en vreesde opnieuw voor een financiële aderlating van enkele miljarden om de waterschade te vergoeden. Het was ongehoord dat de natuurellende de schatkist zo teisterde, liet hij zijn omgeving weten.

In alle stilte heeft een klein groepje deskundigen de afgelopen maanden gewerkt aan de oplossing van dit waterprobleem. 'We willen ons niet meer laten verrassen door het water, maar zelf bepalen waar overtollig regenwater heen gaat. Geregisseerde waterberging noemen we dit', zegt ing. Ton Heeren, die zich in Gelderland met water en milieu bezighoudt. De plaatsen die bij extreme regenval mogen onderlopen, zijn geïnventariseerd en op de kaart van Nederland gezet. 'Dat is de waterbergingskansenkaart, een vreselijk woord overigens', aldus Heeren.

De provincies - geholpen door het Waterloopkundig Laboratorium in Delft en Alterra, onderzoeksinstituut voor de groene ruimte in Wageningen - zijn sinds juli bezig geweest met hun zoektocht, waarbij de grote rivieren buiten beschouwing zijn gebleven. Hun doel was polders en beekdalen te selecteren die bij extreme regenval van 75 millimeter per etmaal mogen onderlopen. Nu is de infrastructuur ingesteld op gemiddeld 50 millimeter in 24 uur.

Het uitgangspunt van 75 millimeter lijkt fors. Statistisch gezien komt dat eens in de honderd jaar voor, tenminste als de huidige klimaatomstandigheden gelden. Maar die veranderen. Het KNMI houdt ons voor dat het méér gaat regenen in de winter. Elke graad temperatuurstijging - verwacht wordt een stijging van één tot drieënhalve graad Celsius deze eeuw - leidt tot 10 procent meer regen. Want meer warmte leidt tot meer verdamping van water dat stijgt en als regen naar beneden komt.

Een bui van 75 millimeter komt bij zulke grotere regenval al eens in de twintig jaar voor. Heeren voorspelt dat Nederland zoveel regen niet aan kan.

In het zoekproces naar mogelijkheden voor waterberging is een soort zeef gehanteerd. Die begint bij de vraag: waar treedt de wateroverlast op. Vervolgens wordt in de nabijheid daarvan naar geschikte plekken gezocht. Daarna is gekeken hoe groot de economische schade zou zijn als die geschikte plaatsen tijdelijk onder water worden gezet. Zo selecteerden de polders en beekdalen zichzelf uit.

Het resultaat op de kaart lijkt simpel, maar het heeft de makers heel wat hoofdbrekens gekost. 'De eerste tegenvaller was dat de hoogtekaart van Nederland niet meer deugde. En die hadden we nodig om te weten waar de laagste delen liggen, die met water gevuld kunnen worden', zegt dr. ir. Lodewijk Stuyt van Alterra. Zo was bijvoorbeeld de bodemdaling van de afgelopen dertig jaar niet verwerkt. Delen van de Groningse bodem hebben de vorm van een soepbord - het gevolg van gaswinning - maar stonden nog als vlak ingetekend. Een 'soepbord' leent zich wel voor waterberging een vlak terrein niet.

In hoog-Nederland is gekeken naar de opvang van water in beekdalen. Als aan weerskanten een terrein van minimaal vijfhonderd meter beschikbaar is, werd berekend of het watervolume daar inpaste. 'Beken lopen meestal in glooiend terrein en hebben dus verval. Het is logisch dat we eerst water opslaan in het laagste deel van de beek. Maar soms is er ook halverwege een laag terrein. En als beken net als vroeger mogen meanderen is er nog meer ruimte voor waterberging', zegt Stuyt.

De polders in laag-Nederland slaan onder normale omstandigheden hun water uit naar de omliggende boezemwateren. Bij veel regen kan dit proces worden geremd door zo te bemalen dat het water langer in de polder wordt vastgehouden. In dit geval spreekt Heeren van een retentiepolder.

Maar het kan ook gebeuren dat de boezem moet worden ontlast omdat het water daar te hoog staat. Dan dreigen kaden door te breken. In zo'n geval wil Heeren water kwijt in inlaatpolders. Maar hoeveel hij daar kwijt moet, is nog onbekend. Die polders zijn daarom op bijgaande kaart niet verwerkt waardoor met name in Zuid- en Noord-Holland een iets vertekend beeld kan zijn ontstaan.

De plekken die fysiek geschikt werden bevonden, zijn vervolgens bekeken op de verwachte schade. Als in een polder bijvoorbeeld veel bebouwing ligt, is de schade groot. Er is een indeling in vijf klassen gemaakt van geringe tot extreme schade. Alleen de eerste twee klassen, die leiden tot een schadevergoeding van maximaal 6500 gulden per hectare, zijn geselecteerd als kansrijk gebied voor waterberging.

De kansenkaart maakt in één oogopslag duidelijk dat heel Nederland het moeilijk krijgt met de waterberging. Maar het meeste rood is te vinden in Oost-Nederland. Daar staan namelijk de meeste rode strepen, die aangeven dat er onvoldoende plaats is gevonden voor opslag van het wateroverschot. De betrokken provincies moeten nog intensiever gaan zoeken naar bergingsmogelijkheden; bijvoorbeeld in de hogere beekdalen en door beken weer te laten meanderen.

In poldergebieden kan meer berging worden gevonden door polders te compartimenteren, bijvoorbeeld door de bebouwing met een dijk af te schermen, zodat het onbebouwde deel kan onderlopen. Op de kansenkaart is zo'n polder nog niet meegenomen. Als er echt geen ruimte wordt gevonden, moeten de waterschappen harder bemalen en aan het aangrenzende waterschap vragen of ze daar mogen afwateren. Dit afwentelen op de buren wordt echter zoveel mogelijk ingeperkt, omdat als uitgangspunt geldt dat de overlast in de eigen regio moet worden opgelost.

De grotere donkergroene gebieden op de kaart geven aan dat daar tot een kwart van de ruimte nodig is voor waterberging. Daar lijkt dus geen probleem te bestaan, 'Maar vergis je niet', zegt Heeren. 'Zie maar eens een polder te bemachtigen voor dit doel. Een geschikte polder is niet automatisch beschikbaar.' Nu de kansrijke polders voor waterberging op de kaart staan, moeten ze ook nog voor dat doel worden aangewezen. Geen sinecure in Nederland, waar elke vierkante meter al een bestemming heeft en daarmee ook juridisch vastligt.

Hier komt de link met de ruimtelijke ordening op de proppen, legt Stuyt uit. Het is de bedoeling dat minister Pronk de kaart opneemt in de Vijfde Nota over de Ruimtelijke Ordening, een optelsom van alle ruimteclaims in Nederland. Wat in die nota vastligt, is onaantastbaar. Tot dusver telde water niet mee als gegadigde die ruimte opeist. 'Het is een doorbraak dat dit nu wel gaat gebeuren', vindt Stuyt. Water krijgt een volwaardige plaats in de ruimtelijke ordening.

De kansenkaart moet gezien worden als een houvast voor verdere besluitvorming. Het gaat om een kaart voor landelijk gebruik en daarop is de schaal ook afgestemd. De provincies zullen zelf verdere verfijningen aanbrengen.

Waarschijnlijk is dat nodig. Behalve natter in de winter, wordt het juist droger in de zomer. Behalve met vernatting krijgt Nederland met verdroging te maken. Er zijn misschien mogelijkheden beide zaken te koppelen, bijvoorbeeld door wateropslag te combineren met natte natuur en waterrecreatie. Zelfs de landbouw is gebaat bij het bufferen van water in de winter als een spaarpot voor de droge zomer.

Regionale waterberging is nog maar het begin. Want er komen meer waterproblemen. Een voorproef kreeg Nederland in de winter van 1993 toen langs de Maas dorpen onderliepen. En twee jaar later moesten 250 duizend bewoners van de Betuwe evacueren vanwege dreigende dijkdoorbraken. Dit had te maken met de enorme waterafvoer van de Rijn en de Maas. Daarnaast krijgt de laaggelegen delta Nederland deze eeuw met zeespiegelstijging te maken.

Sinds premier Kok een structurele oplossing eiste voor alle waterproblemen is de Commissie Waterbeheer 21ste eeuw aan het werk. Dit voorjaar komt die met een advies aan het kabinet over de vraag of het Nederlandse watersysteem nog deugt. Gezien de kluwen van problemen is die vraag gemakkelijk te beantwoorden.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden