Ruimhartig en groen

Op Noorderlicht draait het dit jaar om onze relatie met de natuur. Het fotofestival dat eerder weinig vooruitstrevend was, voelt verrassend eigentijds aan.

Het boek The Heath van de Britse fotograaf Andy Sewell is uitverkocht, op een paar extra dure, gesigneerde exemplaren na. Dat zal te maken hebben met de lovende opmerkingen die Martin Parr, beroemd fotograaf en fotoboekengoeroe, erover maakte ('Koop dit boek'). Maar het heeft ook te maken met het onderwerp. The Heath is een persoonlijk fotografisch onderzoek naar de aantrekkingskracht van het Londense park Hampstead Heath, en in bredere zin een zoektocht naar wat de bioloog E.O. Wilson 'biofilie' noemde: de affiniteit die mensen onbewust voelen met de natuur. En dat is anno 2012 een 'syndroom' waar velen van ons, vooral fotografen, aan 'lijden'.


Dat merkte ook het fotofestival Noorderlicht. Nadat bekend was gemaakt dat de internationale manifestatie dit jaar in het teken stond van de relatie tussen mens en natuur, met als titel Terra Cognita, stroomden de inzendingen binnen. Het waren er met 1.700 beduidend meer dan in voorgaande jaren. The Heath van Andy Sewell zat er ook tussen. Vijf tedere foto's uit zijn serie hangen nu in Museum Dr888 in Drachten, één van de vier plekken in Friesland waar het verhaal van Terra Cognita in zes hoofdstukken wordt verteld.


Anders dan de andere jaren, is de hoofdlocatie van het Groningse festival nu eens niet het (zojuist volledig verbouwde) Fries Museum in Leeuwarden. Het basiskamp van deze editie ligt in en rondom Museum Belvédère in Heerenveen, landelijk gesitueerd museum voor 20ste-eeuwse en hedendaagse Friese kunst, met het zwaartepunt op schilderkunst die een relatie aangaat met de groene geving: Landgoed Oranjewoud. Ze hebben er verstilde akkers van Jan Mankes, grijze zeelandschappen van Henk de Vries, en een grote verzameling schilderijen van Robert Zandvliet.


En hoera. Het is deze omgeving waar Noorderlicht ineens méér blijkt te zijn dan 'slechts' een festival voor louter documentairefotografie van de ernstige soort, gerund door mensen met een verstokte en soms ietwat verstikkende voorliefde voor het fotografische beeld - vergeef me deze grove generalisering.


Dat ligt deels aan de eigenwijze directeur van Museum Belvédère. Die bestond het een paar van zijn schilderijen tussen de foto's van Noorderlicht te hangen, wat leidt tot prettige verwarring bij de kijker. Dat ligt ook, en vooral, aan het thema, dat on-Noorderlichts licht en romantisch mag heten (al zijn er uiteraard nog genoeg fotoseries te vinden waarin de relatie tussen mens en natuur lang zo harmonieus niet is, getuige de geënsceneerde apocalyptische taferelen van Sonja Braas, waarin de natuur zich van haar donkerste kant laat zien, of de serie van Anastasia Taylor-Lind, die gaat over de dierentuinen van Gaza, waar opgesloten mensen zorgen voor opgesloten beesten. Je kunt zelfs beweren dat Terra Cognita een modieus thema is. Minder journalistiek dan we gewend zijn van Noorderlicht in elk geval. Het fotograferen van natuur in welke vorm dan ook - van grillig gevormde struiken tot bloemstillevens en van romantische berglandschappen tot moestuinen - is de laatste tijd populair. Veel fotografen, zowel uit de documentaire- als uit de autonome kunsthoek, houden zich bezig met biofilie, met de aantrekkingskracht van het groen. Het hangt in de lucht en het levert beelden op die misschien wel documentair zijn, maar die in eerste instantie voldoen aan een bevredigende vorm van esthetiek en groene romantiek.


Zo'n populair onderwerp trekt altijd fotografen die meeliften op de golf, maar wier werk inhoudelijk weinig toevoegt. Gelukkig scheidde tentoonstellingsmaker Wim Melis in naam van Noorderlicht veel kaf van het koren. Zou het überhaupt kunnen: het bloedserieuze en nuchtere Noorderlicht een enige 'hipheid' toedichten (zonder er overigens het predikaat 'oppervlakkig' aan te verbinden)? Het voelt onwennig.


Toch kun je dat voorzichtig concluderen bij het bekijken van de talloze fotoseries, buiten in het park rondom Museum Belvédère bijvoorbeeld, waar het groen op de foto's vaak een mooi verbond sluit met het groen van de bomen en het gras eromheen. En waar de fotoseries niet allemáál een groot maatschappijkritisch verhaal vertellen, maar gewoon een sfeer beschrijven, zoals de magische bosfoto's van Nick Rochowski, die terugkeerde naar de plek van zijn jeugd en de sprookjes van vroeger probeerde op te roepen.


Ook interessant: gefotografeerde idylles die met hun frisse uiterlijk de kijker bijkans doen watertanden, maar waar een adder onder het gras verstopt zit. Rattana Vandy legde in Bomb Ponds kraters in het Cambodjaanse landschap vast die werden veroorzaakt door illegale Amerikaanse bombardementen tijdens de Vietnamoorlog. Naderhand nam de natuur bezit van de gruwelijke littekens in het bos, maar van arcadische onschuld is hier geen sprake.


Waarschijnlijk is het toeval dat het door bezuinigingen geplaagde fotofestival, dat er ook nog eens van werd beschuldigd te weinig vooruitstrevend te zijn, ineens zo eigentijds aanvoelt. Dat het ineens lijkt mee te doen aan wat de laatste tijd al vaker te zien was: een presentatievorm waarin fotografie naast andere media wordt getoond, uit de geïsoleerde situatie wordt gehaald en een bredere context krijgt.


Misschien is het ook geen toeval. Wat telt is dat het bekijken van Terra Cognita een aangename manier is om een dag, of twee, aan te besteden.


Terra Cognita werd verdeeld in zes hoofdstukken en een appendix, die allemaal op eigen wijze het verhaal van de gefotografeerde natuur belichten. Eén van de hoofdstukken, te zien in de buitenruimte achter Museum Belvédère in Heerenveen, gaat over de natuur van de toekomst. Into The Unknown presenteert twintig fotografen die doken in de wereld van de sciencefiction en de wetenschappelijke experimenten. Fascinerend is het werk van de Amerikaan Christopher Colville. Hij liet kleine hoeveelheden buskruit exploderen op zilvergelatine fotopapier. Het is alsof hij met zijn camera aanwezig was bij de oerknal.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden