Roomse sloper van 'katholieke lente'

Hij zette grootseminarie Rolduc op, was wars van nieuwlichterij in de r.k. kerk en haast roomser dan de paus. Hij overleefde alle aanklachten van seksueel misbruik. Gijsen werd 80.

In 1979, toen in Nederland heftig werd gedebatteerd over abortus ('Baas in eigen buik!') en twee jaar vóór de abortuswetgeving, waarschuwde bisschop Jo Gijsen van Roermond in het informatiebulletin van zijn bisdom: geen rooms-katholiek die meent voor legalisering van abortus te zijn 'mag zich nog waardig achten zijn Heer in de ogen te zien of zelfs Hem te ontvangen in de Heilige Eucharistie zonder eerst berouwvol zijn fout in dezen te hebben erkend en er vergeving van te hebben bekomen.'

Op 14 april van datzelfde jaar was de bisschopsstad Roermond het toneel van de eerste grote homodemonstratie in Nederland. Aanleiding was de uitspraak van Gijsen dat homoseksuelen geen volwaardige leden van de r.k. kerk konden zijn. Volgens sommigen is in Roermond het begrip 'Roze Zaterdag' geboren.

Euthanasie was de prelaat ook een gruwel. In 1986 noemde hij de voorstanders van euthanasie 'verblind en verdoold'. Actieve euthanasie was voor hem 'het bewerken van de dood, omdat men er niet op wil wachten'.

Joannes Mathijs Gijsen, die maandag op 80-jarige leeftijd overleed in Sittard, was niet alleen conservatief in zijn denken. Hij was ook rechtlijnig en eigengereid in zijn handelen, waardoor hij uitgroeide tot één van de meest omstreden bisschoppen - zo niet de meest omstreden bisschop - die Nederland ooit heeft gekend.

Hij werd in 1972, tot veler verrassing, gewijd tot bisschop van Roermond. Het was de tijd van wat nu 'de katholieke lente' in Nederland zou kunnen worden genoemd. Bij vooruitstrevende katholieken leefde na het Tweede Vaticaans Concilie de verwachting dat de kerk eindelijk ging moderniseren. Zij hoopten op afschaffing van het celibaat of op de wijding van vrouwelijke priesters.

Niets bleek minder waar. Rome greep hard in en benoemde enkele behoudende bisschoppen in de opstandige kerkprovincie, eerst Ad Simonis in Rotterdam, twee jaar later Jo Gijsen in Roermond. De bisschopswijding van Gijsen vond zelfs plaats in de Sint-Pietersbasiliek in Rome door paus Paulus VI, wat uitzonderlijk was.

Oud-docenten van Rolduc in Kerkrade, waar Gijsen godsdienstleraar was geweest, reageerden compleet verrast op zijn benoeming. Zij hadden hem leren kennen als 'een einzelgänger' die intellectueel geen groot licht was én bijzonder slecht communiceerde. 'Hij had de gehoorzaamheid als grootste deugd geadopteerd', zegt oud-collega Harrie Brouwers in het in 2011 verschenen boek Rolduc - De laatste dagen van een kleinseminarie van Twan Geurts. 'Ik heb hem als docent op het grootseminarie in Roermond wel eens horen zeggen: 'Als de bisschop me opdraagt: ga de gang schrobben, dan ga ik de gang schrobben.' Zo dacht hij er ook over toen hij later zelf die functie ging vervullen.'

Onder Gijsen ging er een nieuwe wind waaien in het gemoedelijke, kabbelende bisdom. Hij ontsloeg meteen de staf van zijn voorganger, onder wie de hulpbisschop en de vicaris-generaal. Kort daarna kreeg hij het aan de stok met een groot aantal priesters in zijn bisdom, die tegen zijn behoudende en rechtlijnige beleid in opstand kwamen.

Gijsen, geboren in het Brabantse dorp Oeffelt, maakte korte metten met de progressievere stromingen in zijn bisdom. In 1974 richtte hij zijn eigen priesteropleiding op: het grootseminarie Rolduc. Dat leverde de jaren daarna een gestage stroom van behoudende priesters af, onder wie kardinaal Wim Eijk en bisschop Jos Punt van Haarlem.

Hij schuwde de media en gaf spaarzaam interviews. 'De prelaat heeft lelieblanke handen: met de rechter houdt hij een kloek model pijp omsloten, dat hij gestadig naar de mond brengt. Hij puft gehaast', schrijft Cherry Duyns in een interview in de Haagse Post in 1973. Gijsen was een dankbaar doelwit voor cabaretiers. In één van zijn oudejaarsconferences drijft Wim Kan de spot met de anti-abortuscampagne van Gijsen: 'Als je de sport niet beoefent, moet je je ook niet met de spelregels bemoeien.'

Begin jaren negentig kwam een seksaffaire op Rolduc in het nieuws: een conrector zou een homoseksuele relatie hebben gehad met een oud-seminarist. In 1993 trad monseigneur Gijsen onverwacht terug als bisschop van Roermond, op doktersadvies. 'Mijn lichamelijke conditie laat de onontkoombare lasten van het bisschopsambt op het einde van de 20ste eeuw niet meer toe', zei hij.

Zijn critici reageerden schamper: jaja, Gijsen die ineens wél naar een advies luistert. Volgens hen moeten de negatieve verhalen die de ronde deden over Rolduc, zijn paradepaardje, een rol hebben gespeeld. Zijn vertrek werd met opluchting begroet, en niet alleen door zijn tegenstanders.

'In de periode dat hij leiding gaf aan het bisdom Roermond, was de polarisatie in de Nederlandse kerkprovincie op haar scherpst', schrijft de bisschoppenconferentie maandag in een reactie op zijn overlijden. 'Maar steeds zette monseigneur Gijsen zich met grote moed in om zijn wapenspreuk 'Parate viam Domini' ('Bereid de weg des Heren') waar te maken.'

Gijsen vertrok naar een klooster in Oostenrijk, waar hij zo opknapte dat hij twee jaar later aan de paus mededeelde: 'Hier ben ik weer, u ziet maar wat u met me doet.' Dat werd dus IJsland, waar hij van 1996 tot 2007 bisschop was. Daarna ging hij met emeritaat en keerde terug naar Nederland. 'Hij nam de zielzorg van de zusters Karmelietessen in Sittard op zich en woonde tot aan zijn overlijden in Sittard', aldus het bisdom Roermond.

Tijdens zijn emeritaat barstte de misbruikaffaire in de kerk pas goed los. Ook Gijsen werd beschuldigd van seksueel misbruik. Hij zou in 1959 op het seminarie Rolduc meermalen gegluurd hebben naar een jongen die in zijn bed aan het masturberen was. De klachtencommissie bestempelde het gedrag van Gijsen als 'onbetamelijk' en een grove schending van de privacy, maar verklaarde de klacht ongegrond omdat gluren niet als seksueel misbruik kan worden gezien.

Een tweede klacht - hij zou in 1958 als kapelaan in Valkenburg seksuele handelingen hebben verricht met een 10-jarige jongen - werd door de klachtencommissie ongegrond verklaard wegens gebrek aan 'steunbewijs'. Gijsen heeft het misbruik in beide gevallen ontkend.

De emeritus-bisschop werd vorig jaar nog wel door de IJslandse onderzoekscommissie-seksueel misbruik op de vingers getikt, omdat hij als bisschop een brief van een mogelijk misbruikslachtoffer had vernietigd. Hun verwijt: 'nalatigheid'; hij liet als bisschop na een onderzoek in te stellen.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden