Roomse dresscode

De roomse vrouw liet zich niet de kledingwet voorschrijven door de paus .

Kitty de leeuw: Alles Flink Dicht - De invloed van religie en ideologie op kleedgedrag in Nederland

Stichting Zuidelijk Historisch Contact Tilburg; 366 pagina's; € 29,50.


Doorschijnende stoffen waren uit den boze en een jurk moest de lijnen van het lichaam verdoezelen in plaats van benadrukken. De mouwen moesten minstens tot over de elleboog vallen en de hals diende hooggesloten te zijn. De jurk of de rok moest ruim over de knie vallen, in zittende houding. Daaronder diende de vrouw lange kousen te dragen en niet de 'halve kousjes' ofwel kniekousen.


Ziedaar de 'dresscode' voor correct geklede roomse vrouwen en meisjes zoals die paus Pius X in 1914 voor ogen stond toen hij in zijn nieuwjaarstoespraak de door hem vastgestelde onzedigheid van moderne vrouwenkleding tot vraagstuk van levensbelang verhief.


Er stond immers meer op het spel dan kouslengte. Het betrof hier niet alleen een modeprobleem, het gevaar hing nauw samen met modern maar ongewenst gedrag van vrouwen: sporten, zonnebaden, fietsen en dansen. Onzedige kleding zou leiden tot ontwrichting van het gezin, en uiteindelijk tot de ondergang van de gehele moederkerk.


Katholiek Nederland kwam onmiddellijk in actie. De bisschoppen staken vermanend hun vinger op in hun vastenbrieven (die van de preekstoel werden voorgelezen) en nog in hetzelfde jaar werd de vereniging Vrouwenadel opgericht. Die moest het reeds bestaande Voor Eer en Deugd doelgericht steunen in de strijd tegen de 'heidensche uitwassen der heedendaagsche mode'.


De toenmalige bisschop van 's-Hertogenbosch, Arnold Frans Diepen, is de geschiedenis van het rijke roomse leven ingegaan als de meest fervente voorman van dit 'schutten der reinheid'. Zijn beminde gelovigen gaven hem daarom een bijnaam op basis van zijn initialen, en die bijnaam is de titel geworden van de doorwrochte, maar tegelijk zeer genietbare studie die Kitty de Leeuw wijdde aan de invloed van religie en ideologie op kleedgedrag in Nederland: Alles Flink Dicht.


De Leeuw heeft zich niet beperkt tot een welhaast uitputtende geschiedschrijving van de ideologische bezwering van het kledinggevaar. Ze graaft diep in kerkelijke publicaties, in de archieven van de betrokken lekenverenigingen, maar ook in dag- en damesbladen waar het al dan niet zedenbedervende modebeeld herkenbaar is in advertenties voor boven- en onderkleding, in commentaren, cartoons en spotprenten. Of de knip- en naaipatronen waarmee de katholieke vrouw te korte mouwtjes eenvoudig zelf op Vaticaanse lengte kon brengen.


Dit katholieke perspectief krijgt nog meer reliëf als De Leeuw dezelfde problematiek benadert vanuit de standpunten van protestanten, joden, socialisten en liberalen. En alsof dat nog niet genoeg is, volgt dan ook nog een lijvig verslag van de gesprekken die De Leeuw had met tientallen oudere, katholiek opgevoede vrouwen over hun ervaringen met de door vader, meneer pastoor of bovenmeester opgelegde kledingvoorschriften.


De belangrijkste conclusie is niet dat aartsbisschop De Jong al in 1939 overtuigd was dat het allemaal niets had geholpen, maar dat het vrouwelijke katholieke volksdeel minder volgzaam en gedwee is geweest dan we wellicht zouden denken. Meer Eva dan Maria. En waarschijnlijk ook meer modebewust.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden