Roof-explosie aanleiding tot studie justitie

Justitie in Rotterdam laat een wetenschappelijk onderzoek uitvoeren naar het snel groeiende fenomeen van straatroof. Het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving gaat de karakteristieken van daders, plaatsen van delict en slachtoffers in kaart brengen....

De noodzaak van dergelijk onderzoek werd dinsdag nog eens onderstreept door nieuwe cijfers over straatroven in het stadscentrum. Daaruit blijkt een zeer snelle stijging. Bovendien blijken allochtonen, met name Antillianen en Marokkanen, onder de daders sterker oververtegenwoordigd dan al werd gedacht. 'We moeten daar meer van weten', aldus officier van justitie R. de Rijck. 'We krijgen er nog niet voldoende grip op.'

Eind 1999 stelde Rotterdam het eerste straatroofteam in, dat - aanvankelijk - als doelstelling had het aantal straatroven met een kwart terug te brengen. Het team boekte flinke successen; tientallen mensen werden aangehouden, honderden berovingen opgelost. Desondanks werd in oktober 2001 een verdubbeling van het maandelijkse aantal aangiftes geconstateerd. De doelstelling bleek onhaalbaar en is nu bijgesteld; nu moet het team de 'fors stijgende lijn tot stilstand brengen en zo mogelijk een daling bewerkstelligen'.

Rotterdam heeft zich daarbij voorgenomen jeugdige criminelen voortaan eerder aan te pakken - van de zaken die de Rotterdamse politie in 2002 aanbrengt, moet minstens 15 procent om jeugdzaken gaan. Daarmee komt de gemeente tegemoet aan critici die menen dat het aantal straatroven minder sterk zou zijn gestegen als de politie alerter zou zijn opgetreden tegen beginnende, jonge criminelen. Die worden door die houding feitelijk aangemoedigd in hun verdere carrière. Het normen- en waardenpatroon van toch al sociaal zwakke kinderen zou verder ontregeld raken doordat zij niet worden gecorrigeerd.

Kinderrechter S. De Pauw Gerlings zet echter kanttekeningen bij die visie. 'Aan het normen- en waardenpatroon van de 14- en 15-jarigen die ik voor me krijg, valt vaak al niet veel meer te verpesten. Hooguit zou eerder ingrijpen van de politie hun berekening van de pakkans veranderen. Zo van: ik doe het maar niet, want misschien loop ik tegen de lamp. Maar met normen en waarden - 'dit mag niet' - heeft dat niets te maken.'

Zij pleit dan ook voor nog veel vroeger ingrijpen. 'De basisschool, dát is de vindplaats voor crimineel gedrag. Dan hebben we het over 6-, 7- en 8-jarigen. Níet wachten op de eerste winkeldiefstal. Het eerste gummmetje dat wordt gejat van een klasgenootje, daar moeten we alert op zijn.'

Kinderen worden veel te laat en niet indringend genoeg aangesproken op alarmerend gedrag, vindt de kinderrechter. 'Op het moment dat zo'n kind op de kinderboerderij een konijn de nek omdraait, gaan bij mij alle alarmbellen rinkelen. Dan is het tijd voor een indringend gesprek. Maar dat gebeurt te weinig en te laat.'

Om ervoor te zorgen dat de politie haar doelstelling van 15 procent jeugdzaken haalt, heeft het Openbaar Ministerie beloofd daarvoor alle benodigde capaciteit vrij te maken. 'We gaan frequent overleg voeren met bijvoorbeeld de politie en de Raad voor de Kinderbescherming', zegt officier van justitie R. de Rijck. 'Daar komen dan ook winkeldiefstallen aan de orde. Als er aanleiding toe is, grijpen we in. We willen proberen te voorkomen dat iemand ontspoort en een volgende stap zet in zijn criminele carrière.'

Ten slotte richt de politie speciale wijkteams op en wordt de buurtagent geherintroduceerd; de eerste 240 doen volgende week hun intrede.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden