rondvraag

Rondvraag: 'De Duitserhaat is weg, maar liefde kun je het nog niet noemen'

Door de Duitse verkiezingen zijn de ogen weer gericht op onze belangrijke oosterburen. Lange tijd wilden we niets met Duitsland te maken hebben. Hoe anti-Duits zijn we nu nog? En wat kunnen we van de Duitsers leren? Een rondvraag.

null Beeld thinkstock
Beeld thinkstock

Zangeres Ellen ten Damme:
'Ik ben opgegroeid in Winterswijk, dichtbij de grens. Ik spreek vrij goed Duits en heb me altijd thuis gevoeld in het land, het is een soort tweede natuur. Ik denk dat van alle landen om ons heen, Duitsland toch het meeste op ons lijkt.

'Ik werd ooit gevraagd mee te doen aan de Duitse voorronde voor het Eurovisie Songfestival. Ik zong Plattgefickt, een hard rocknummer met het woord neuken in de tekst. Dat moest dan gecensureerd worden. Het is wat keuriger allemaal, in Duitsland. Op een filmset staan er vier mensen om je heen om je af te schermen tijdens het omkleden. In Nederland sta je in je blote kont tussen honderd figuranten. Dat vinden Duitsers leuk aan Nederlanders, dat brutale en losse.

'Zij hebben een beetje wat Balkenende voor ons wilde, die normen en waarden. In Duitsland rijdt niemand door rood licht, en mensen zetten de vuilnis netjes buiten. Of dat saai is? Soms. Maar Duitsland is een erg fijn land om te werken. Mensen daar hebben respect voor een artiest. En een engelengeduld. Ze kunnen zonder moeite 3,5 uur naar je luisteren tijdens een concert. Ze willen je begrijpen.'

Ellen ten Damme Beeld anp
Ellen ten DammeBeeld anp

Televisiepresentatrice Tooske Ragas:
'Waarom Nederlandse presentatrices als Linda de Mol, Sylvie van der Vaart en ikzelf het zo goed doen in Duitsland? Omdat we spontaan, los en empathisch zijn. Alles wat de Duitsers willen zijn. Maar tegelijkertijd niet echt kunnen. Ik herinner me dat ik voor mijn programma met twaalf tekstschrijvers om tafel zat. Elk woord werd uitgebreid besproken.

Ik vind Duitsers volledig onderschat en ondergewaardeerd hier. Het zijn bijzonder vriendelijke en fatsoenlijke mensen. De mensen zijn heel professioneel, merkte ik tijdens mijn werk als presentatrice voor de Duitse Idols, Deutschland Sucht den Superstar. Hier in Nederland is het soms cool om zo ongeïnteresseerd mogelijk te zijn. Daar schaamt niemand zich ervoor dat ze zich goed voorbereiden. Misschien komt dat ook omdat het er erg hiërarchisch is.

In 2006 toen het WK was, pakte de tabloidkrant Bildzeitung flink met mij uit. Ik deed alles verkeerd. Stonk naar kaas, dat soort dingen. Alle negatieve stereotypen van Nederlanders werden ingezet. Het leek wel alsof rivaliteit tussen Nederlanders en Duitsers weer kwam opzetten. Die was naar mijn idee vanuit de gedachte: is er geen Duitse vrouw die dit kan doen? Waarom weer een Nederlandse presentatrice? Ik ben op de redactie langsgegaan en toen stopte het. Ze kregen ook brieven van lezers die het racistisch vonden hoe Hollanders werden neergezet.

Tooske Ragas Beeld anp
Tooske RagasBeeld anp

Merlijn Schoonenboom, oud-correspondent voor de Volkskrant in Berlijn:
'In mijn boek 'Waarom we ineens van de Duitsers houden' beschrijf ik dat onze houding ten opzichte van Duitsers in tien jaar tijd drastisch is veranderd. De haat is voorbij. De omslag kwam op het moment dat het niet goed ging in Nederland. We waren geen gidsland meer en vroegen ons af: wie zijn wij? We keken naar Duitsland en zagen dat die gekke buren het opeens niet zo gek bleken te doen. De rol van Duitsland werd belangrijker. Ik zie een herwaardering van de Duitse ernst. Lange tijd deden Duitsers hun best ontspannen te zijn, zoals wij. Plots was daar het besef dat 'orde en discipline' iets goeds was. Duitsers hebben vastgehouden aan dingen, ze zijn trots op die ernst omdat het hen veel bracht.

De haat is weg, maar liefde kun je het nog niet noemen. Het gaat om belangen - wat wij aan de Duitsers hebben - en dat kan ook zo weer voorbij zijn. Of we ooit teruggaan naar die ouderwetse haat? Zo'n vaart zal het niet lopen. Duitsland is niet meer het land van verkapte nazi's. Misschien dat het allemaal weer verandert als wij als landen tegenover elkaar komen te staan in Europa. Maar nu zijn we nog de beste bondgenoot van Duitsland en andersom.

null Beeld Merlijn Schoonenboom
Beeld Merlijn Schoonenboom

Riemer van der Veen, medewerker van boekhandel die Weisse Rose, de enige Duitstalige boekwinkel in Nederland: 'Ik heb eigenlijk nog nooit anti-Duitse sentimenten meegemaakt, maar de mensen die naar onze boekwinkel komen hebben natuurlijk affiniteit met Duitsland. Op literair niveau is er veel onderling respect en uitwisseling. Mulisch, de Winter en Palmen zijn heel populair. Cees Nootenboom wordt meer gelezen in Duitsland dan in Nederland. De Duitse literaire traditie is rijker dan de Nederlandse. En Duitsers koesteren dat ook meer. Zo is een boek over Kafka, die herrlichheit des Lebens, daar razend populair. Ik zie dat niet zo snel gebeuren in Nederland: dat een boek over iemand die al honderd jaar dood is opeens een hit wordt.

Martin van Pernis, oud-voorzitter Siemens:
Toen ik in de jaren zeventig in de Duitse industrie begon, hielden wij ons als Duitse firma heel erg op de achtergrond rond 4 en 5 mei. Dat is nu niet meer zo. Het anti-Duitse-sentiment is de afgelopen jaren verdwenen. Ik denk dat het tijd nodig had. De Duitsers zelf zijn er overigens nog heel voorzichtig mee. Ze hebben bijvoorbeeld heel lang geen vlagvertoon gehad. Pas tijdens het WK in Duitsland in 2006 zag je voor het eerst vlaggetjes in voetbalstadia.

Wat we van ze kunnen leren? De kwaliteit van de zaken die Duitsers maken is altijd van een hoog niveau. Duitsers zijn heel zorgvuldig. Ze nemen niet al te grote risico's, ze zijn dus niet de meest innovatieve mensen. Duitsers kunnen gewoon niet iets half doen. Ze doen natuurlijk wel eens iets fout, maar ze voelen zich dan meteen heel schuldig en herstellen het meteen.

Ze zijn natuurlijk van oorsprong machinebouwers. De meeste productiemachines, niet alleen voor auto's maar ook bijvoorbeeld melkpakken, zijn Duits. Duitsland is letterlijk en figuurlijk de motor van Europa.

Iets anders dat we in Nederland zou kunnen overnemen van de Duitsers is de stages op school. Leerlingen van de lagere school lopen mee met een bedrijf. Dat hangt vaak samen met een prijsvraag rond techniek, die de winnaar dan ook echt krijgt uitgereikt door de baas zelf. Het is een combinatie van onderwijs en bedrijfsleven. Leren en werken tegelijk. Zo breng je jongeren dus al heel jong in contact met het Duitse bedrijfsleven. Later denken die kinderen: daar wil ik werken. Heel slim van de Duitsers.

Martin van Penris Beeld anp
Martin van PenrisBeeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden