Ronald Giphart

Al vanaf zijn 15de wist Ronald Giphart (35+) twee dingen zeker: schrijver wilde hij worden en vader. Beide doelstellingen heeft hij bereikt en hoe....

'Voor mij was de serie te duur, vroeger. Ik kreeg wel deeltjes van mijn moeder, voor verjaardagen. Maar als ik kon kiezen tussen één Privé Domein en twee echte boeken, dan was de keuze duidelijk. Dat geeft wel aan hoe je tegen die serie aankeek: hoog verheven, chic, elitair. Je kunt je voorstellen hoe het is voor zo'n reeks gevraagd te worden. Het is een droom.'

'Ontzettend blij' was Ronald Giphart met de uitnodiging toe te treden, anders kun je het niet noemen, tot de reeks Privé Domein. Al bijna veertig jaar publiceert de Arbei derspers onder deze verzamelnaam de herinneringen, de dagboekaantekeningen, de brieven van Grote Namen. In dagboekvorm heeft nu Giphart onder de titel Het leukste jaar uit de geschiedenis van de mensheid zijn leven in 2001 geboekstaafd.

Het leukste jaar? Op donderdag 13 september noteert de auteur: 'In het licht van de brand op 11 september blijkt dit een van mijn mindere vondsten.' Toch is de titel omwille van de ironie gehandhaafd.

Giphart: 'Ik heb een weddenschap afgesloten met Broos Schnetz, een van de oprichters van Leefbaar Nederland. Hij was zeer emotioneel na de aanslag op het wtc. We hebben afgesproken dat we op 11 september 2002 een avond drinken en proberen vast te stellen of de wereld werkelijk ingrijpend veranderd is. Mijn stelling was vorig jaar al dat zal blijken dat de wereld amper is veranderd; zijn stelling luidt dat alles revolutionair is omver geworpen. Ik denk dat ik gelijk zal krijgen.'

Het leukste jaar uit de geschiedenis van de mensheid verschijnt volgende week. Volgend jaar mag Giphart het Boekenweekgeschenk verzorgen. Gip is hip, naar het lijkt nu ook in erkende literaire kring.

Wie je zoal voorgingen in Privé Domein:

Céline, Brendan Behan, Léautaud, Jeroen Brou wers, Elias Canetti, Gustave Flaubert. Werd het tijd voor Giphart?

'Ik heb de lijst weleens doorgenomen. Godzijdank stonden er namen bij die mij niets zeiden.

'Ik ben 36. Ik zal tot de jongsten behoren in de serie. Ik heb geldingsdrang, altijd gehad. Als ik Van Basten zag spelen dacht ik: zo wil ik ook voetballen. Als ik een heel goede film zie, wil ik de filmmaker zijn. Het is een zucht om te imiteren.'

Ben je gek, het is de zucht om wereldberoemd te worden.

'Het zal een rol spelen. Maar ik maak al boekjes sinds mijn 8ste jaar. Ik zal toch niet toen al bezig zijn geweest met het vergaren van roem?

'Ik weet sinds mijn 12de dat ik schrijver ben. Ik wil ook wel een heel goeie film maken, en een prachtige tekenstrip, maar als ik iets ben, dan ben ik schrijver.'

Is het niet wat zelfvergrotend om in die reeks te willen schrijven?

'Nee, daarvan heb ik echt geen last. Voor mij is het prettige van te kunnen figureren in die zo respectabele reeks dat ik nu een publiek hoop aan te spreken dat ik met mijn eigen boeken om onterechte redenen nog niet heb weten te raken, namelijk de literaire fijnproevers

'Ik was bij een boekhandelaar in Nijme gen, de man kwam even laten zien dat hij mij herkende, hij kwam een praatje maken, of ik nog nieuwe dingen op stapel had staan, jawel, Privé Domein. Wat!? Privé Domein? Jij!? Ja, dat soort reacties doet me toch wel pijn, hoor, moet ik heel eerlijk zeggen.'

Heb je achteraf niet het verkeerde jaar gekozen? Had je niet liever 2002 genomen, het jaar van de omwenteling, het jaar van Pim?

'Het liefst had ik 2000 genomen, het jaar van de geboorte van mijn tweede kind.

'Op het moment waarop duidelijk werd dat Fortuyn dood was, begon mijn vriendin te huilen voor de televisie. Ze is een apert tegenstander van Fortuyn. Ik trouwens ook. Ik heb niet gehuild, maar ik voelde de tranen wellen. De onmacht was ook zo groot.

'Ondanks het feit dat ik politiek heel erg anti was, vond ik het wel een leuke vent. Ik heb een paar keer met hem te schaften gehad. Het was een keer vervelend, een keer redelijk leuk.

Uit Het leukste jaar, zaterdag 29 september:

'Pim Fortuyn. Ik wil niet meekotsen met de kotsers, maar toch. Vorig jaar zaten we samen in het programma Nieuws aan tafel van Rick Nieman. In de greenroom werd na afloop wat gedronken en nagepraat door de gasten. het gesprek kwam op allochtonen. Fortuyn kraaide: in de buurt waar ik woon stelen ze allemaal (...) Ik heb een keer een Marokkaan gehad met zóóó'n lul. Maar hij ging er wel met mijn portemonnee vandoor.'

'Ik vond het een engerd, absoluut. We zaten daar met Rick Nieman en een aantal mensen van zijn redactie. Het was heel ongemakkelijk. Ik had het gevoel dat je soms in de taxi hebt. De chauffeur maakt onaangename opmerkingen over buitenlanders. Wat doe je dan? Je probeert het weg te redeneren, mompelt: volgens mij zeg je het om te provoceren. Ik denk serieus dat hij het deed om te provoceren. Het kwam over als zuigen en plagen, in ieder geval voor een deel. Maar het bleef een vervelend moment. We zaten erbij als boeren met kiespijn.

'Wat ik heel knap vond aan Fortuyn was dat hij tegelijk de beste kontlikker van heel Europa was, naar eigen zeggen, en onder de stem des volks mateloos populair kon zijn. Hij was een viezerik, een vieze homo in de ogen van de gewone man; tegelijk wist hij golven van sympathie te genereren: hij is dood, maar hij leeft voort in mijn hart. Onvoorstelbaar!

'Ik denk dat Fortuyn een beerput aan racisme heeft opengetrokken, zo eenvoudig is het. Hij moedigde mensen aan om eindelijk hun xenofobe praatjes te spuien. Ze zijn hem er eeuwig dankbaar voor.e'Dit mag de politiek zich nog het meest aantrekken: waarom niet beter uitgelegd dat buitenlanders in Nederland niet of nauwelijks een probleem zijn.'

Dat zien ze in de volksbuurten toch een slagje anders.

'Ik heb twaalf jaar in Zuilen gewoond, een oude arbeiderswijk in Utrecht, zeker de helft was allochtoon, ik weet heus wel waarover ik praat. Ik heb midden in het racistische geweld gewoond. Letterlijk, ik heb volksoplopen meegemaakt.

'Ik persoonlijk zou niet weten hoe je last kunt hebben van buitenlanders om je heen, anders dan dat je het misschien vervelend vindt dat niet zoals vroeger alle hoofdjes in de wijk nog blond en blauwogig zijn. Ja, als je dat vervelend vindt, zal je wel een probleem hebben. Maar waarom zou de overheid met dat soort primaire gevoelens rekening moeten houden?

'Ik vind het gemakkelijk om te zeggen: de kiezer heeft altijd gelijk. Waarom zou je niet mogen zeggen: toevallig had de kiezer in dit geval even geen gelijk. Toevallig heeft hij zich hier laten bedotten door de Fortuynen.'

Er was ook nog die leuke ervaring met Fortuyn.

'Nou, ook gemengd hoor. Ik heb samen met hem in de jury gezeten van een literatuurprijs, de Bol.Com-prijs. Hij was voorzitter. We hadden een eerste bijeenkomst, in een poenig restaurant. Hij was te laat. Wat ik dan charmant vind is dat hij bij binnenkomst in zijn handen klapt en luidkeels roept "Champagne!" Oké, als jullie poenig willen doen, dan doe ik poenig mee. Maar vervolgens komt de kater. Er moet ook gegeten worden. Hij hoeft niet op de kaart te kijken, hij zegt: "Doet u maar het duurste voorgerecht en het duurste hoofdgerecht." Dat is jammer. Dan blijkt de grap dus toch geen grap, dan blijkt het toch een proleet te zijn. Niet dat ik dat erg vind, maar het valt wel op.

'Niettemin was zijn dood een verschrikkelijke schok. Die foto vergeet je nooit. Hij lag daar volkomen dood, in die zin was het een hard beeld. Maar tegelijk was het natuurlijk dé nieuwsfoto.

'Ik zie weleens foto's in de Volkskrant waarvan ik denk: nee, ik wil niet dat Broos dit ziet.

Uit Het leukste jaar, vrijdag 14 september:

'Amerikaanse kinderen van vier hebben tegenwoordig een betere band met hun televisie dan met hun ouders.'

'Ik ben zelf met erg veel televisie opgegroeid. Ik heb het nooit als een probleem ervaren. Maar ik moet toegeven, we proberen de televisie heel vaak uit te zetten. Broos wil constant tv kijken. Het is een voortdurend gevecht. Hij is vier, vierenhalf. Als hij beneden komt is het 't eerste wat hij zegt: tv kijken. En ik heb niet altijd zin om meteen 's ochtends vroeg al mijn indianentooi aan te trekken.'

Het leukste jaar, donderdag 1 november:

'Sinds de geboorte van Broos heeft dood definitief zijn intrede in mijn leven gedaan. Tegenwoordig is er geen dag dat ik niet dagdroom over het sterven van een van mijn kinderen.'

'Mijn belangrijkste ervaring met dood was de dood van mijn moeder (het pvda-kamerlid Wijnie Jabaaij, j.t.) en daarvoor was het mijn marmot die doodging. Dat greep in, maar ik raakte niet bang voor de dood. Ik ben ook niet bang voor mijn eigen dood. Ik ben bang voor de dood van mijn kinderen. Het speelt iedere dag. Elke dag vrees ik hun dood.

'Ik ben natuurlijk heel erg een family man. Nooit gedacht dat ik het niet zou zijn, maar ook nooit gedacht dat het tot een continu angstvisioen zou leiden dat je kroost er niet meer is.

'Veel mensen concluderen op basis van mijn hoofdpersonen dat ik een wild leven ambieer. Misschien is dat waar, maar vanaf mijn 15de weet ik twee dingen zeker: ik wil schrijver zijn en ik wil vader zijn. Ik wilde trouwens niet zomaar vader zijn, ik wilde een goede vader zijn. Dat kwam er nog eens bij. sbs6-thematiek: mijn kinderen zijn het belangrijkste wat ik heb.

'Mijn vrouw deel ik met een hoop anderen, haar familie, haar vrienden. Mijn kinderen zijn mijn eigen genetische programmering. Mijn kind is helemaal van mij. Ik ben mijn zoontje. Het is een fantastisch kunstwerk.

'Ik bespeurde laatst een enge gedachte. Ik hoorde mezelf zeggen: stel dat hij homoseksueel is. Mijn ouders hebben altijd tegen ons gezegd: jongens, als jullie homoseksueel zijn, prima! Mijn vader zei het zo vaak dat ik soms dacht: zou hij misschien willen dat... Dus uiteraard, als mijn zoon homoseksueel is, maakt dat allemaal niets uit. Kom op jongens. Hoewel, diep, diep, diep denk ik toch: alles tot je dienst, maar ik verlang wel kleinkinderen!

'Er hing vroeger bij ons thuis een prent, een foto uit de jaren twintig van een pas geboren baby. De troonopvolger, stond eronder. Vonden wij grappig. Maar intussen is hij het natuurlijk wel, mijn zoon. Hij is de troonopvolger.

'Ik hoop heel erg dat mijn zoon nooit gepest zal worden. Daarom heeft hij ook niet mijn achternaam. Nee, hij heeft niet mijn achternaaam. Hij heeft de naam van zijn moeder. Om die reden. Ik wil hem niet opzadelen met die min of meer bekende naam van mij. Ik weet zeker dat hij daar vroeg of laat mee gepest zou worden.

'Ik heb het er over gehad met een van de zoons van Jan Wol kers. Ik vroeg: wat doet zo'n achternaam met je? Nou, geen probleem, ze werden weleens lullig behandeld, dat wel. Dat moet niet met mijn zoon.

'Mijn vriendin vindt het jammer dat Broos niet mijn achternaam heeft. Zij heeft het kind gedragen, ze had het mooi gevonden als het als een soort geste naar de vader diens achternaam zou hebben gekregen.'

Het leukste jaar, donderdag 22 februari:

'Wat jaagt ons voor onszelf het meeste schrik aan? (...) Dat ik er als schrijver niet uithaal wat erin zit, dat ik niet schrijf wat ik zou kunnen schrijven.'

'Ik verkoop heel goed, ik haal hoge oplages, daarover geen klachten. Ik word niet aangetast door hebzucht. We zijn verhuisd van Utrecht naar De Bilt. Fijn voor de kinderen. Als ik het huis waarin we nu wonen vergelijk met mijn ouderlijke woning van toen, is de situatie ongeveer identiek. Dus wat dat betreft volg ik mijn ouders naadloos.

'We hebben een datsja te Waverveen. Nou ja, een datsja. Het is een houten hutje op een weilandje, het is getekend door de eenvoud. Het is er zompig, het is turfgrond. Zelfs als het weken niet geregend heeft, zak je weg in de modder. Fijn voor de kinderen.

'Het is prettig leven in de wetenschap dat geld geen zorg meer is. Het levert wel weer nieuwe zorgen op. Veel van mijn vrienden zijn schrijver. Het gaat hen minder voor de wind. Ik voel me nog weleens schuldig. Dat probeer ik dan op te vangen door bijvoorbeeld in het café hun drank op mijn rekening te laten zetten. Het valt niet op en je doet toch iets in de sfeer van eerlijk delen.

'Wat me schrik aanjaagt is dus niet de vraag of ik als schrijver voor de kost kan zorgen, maar het is het schrijfproces zelf.

Ge mid deld schrijf ik één bladzijde per dag. Ik vind het een verworvenheid van mijn vak dat ik heel veel in de luie stoel kan zitten, boeken kan lezen, naar buiten mag kijken.

Ik heb de angst dat op een dag het trucje

niet meer werkt, dat ik stilval.

'Voor mij geldt dat mijn dagelijks leven de laatste jaren erg veranderd is. Toen ik 28 was en Giph schreef, zat ik in een bepaalde zin op het toppunt van mijn schrijverschap: ik had geen verplichtingen, geen financiële verplichtingen, geen kinderen, ik werkte als nachtportier, de druk van buitenaf lag nog niet op mijn schouders, ik werd niet beoordeeld op voorgaande boeken, ik was blanco. Toen kon ik nog heerlijk schrijven. Nu weet ik dat ik straks naar huis ga en kinderen tref die tijd eisen, ik heb ervoor gekozen vader te willen zijn, ik heb vaste lasten, ik heb allerlei verplichtingen die ik met me meesleep. Dat schrijft anders, begrijp je.'

Het leukste jaar, dinsdag 27 februari:

'De nps wil een nieuwe serie rondom "talentpunten", dat wil zeggen een acteur, een regisseur of een theatergezelschap. Ook ik mag nadenken over een door mij te schrijven tv-film. Terug in de auto naar Utrecht bal ik even mijn vuist: vijfendertig jaar ben ik, en nog steeds talentpunt!'

'Ik heb veel erkenning nodig. Stel een rangorde op van schrijvers en hun erkenning. Ik denk dat ik op zo'n lijstje niet in de bovenste regionen zou voorkomen. Het hoeft niet, maar het zou wel prettig zijn. En terecht.

'Zoals ik voor mijn kinderen zou knokken als dat nodig is, tot mijn nekharen recht overeind staan, zo wil ik ook knokken voor mijn boeken.

'Ik was met Jeroen van Dommelen in Sa ra jevo. Hij is verslaggever van Radio 1, een ge re formeerde jongen. Hij zei dat het gevloek in mijn boeken hem stoort. Hij vertelde over zijn godsgeloof. Ik vroeg: waar komt toch die drang vandaan om de blijheid die jij voelt aan mij over te dragen? Hij zei: ik ben heel gelukkig met God en ik zou het egoïstisch vinden van mijzelf als ik dat geluk voor mezelf zou houden. Dat gevoel heb ik nu met mijn boeken: ik vind het egoïstisch om het plezier van het schrijven niet te delen met anderen. Ik wil boeken maken die een cadeau zijn. Dat de mensen zeggen: wat is dit een prettig boek, zeg.

'Ik ben heel tevreden over de boeken die ik heb geschreven. Ik kan heel erg genieten van mijn boeken.'

Nu Privé Domein, volgend jaar het Boeken weekgeschenk de lieveling van de pubers promoveert naar de arrivés.

'Maar het is ook nooit mijn ambitie geweest om niet tot de arrivés te behoren. Al ver voor mijn debuut in 1992 had ik mijzelf beloofd een schrijver voor de hoofdprijs te zijn. Ik heb alle doelen die ik mijzelf stelde bereikt. Ik verkoop heel goed, ik ben vertaald, ik ben verfilmd. Er is nog geen Nobel prijs, dat is het enige. Misschien zit die er ook niet in.

'Ik heb mijzelf weleens het volgende voorgesteld: op mijn 40ste ga ik echt beginnen. Dan ben ik uitgewoed, dan zijn mijn kinderen naar school, dan hoop ik financieel onafhankelijk te zijn, dan heb ik de vingeroefeningen achter de rug en dan begin ik aan mijn echte werken. Dan schrijf ik tussen mijn 40ste en mijn 60ste de tien boeken die er werkelijk toe doen.'

Hoe oud word je eigenlijk?

'68 lijkt me een goeie leeftijd om te sterven.'

In Het leukste jaar noteer je: 'Voorbij de 35, onvoorstelbaar oud.' Wat een aanstellerij.

'Ik vind het onvoorstelbaar dat ik over vier jaar 40 ben. Stel je voor dat ik ooit 50 zal zijn. Ik vind dat heel erg.

'Ik kan niet meer in het Nederlands elftal worden opgesteld. Ik zal nooit meer op Man hattan, in New York een appartement hebben en daar filmregisseur zijn. De wijkende haargrens ik zal nooit meer een volle haarbos hebben. Het bestaan wordt benauwder.

'In het café zei ik laatst tegen vrienden: veronderstel nou dat je door een ongeluk je lul verliest. Voordat ik kinderen had zou ik in dat geval gezegd hebben: duidelijke zaak, het leven stopt, ik hoef niet verder. Nu ik kinderen heb zou ik zeggen: verschrikkelijk, nou moet ik door, de beugeltjes in de bekkies van de kinderen moeten betaald worden, ik moet er zijn.

'70 is de metafoor voor voort te moeten leven zonder lul, voor impotent zijn. Daar hoef je toch niet naar te verlangen? 68, dat is een mooie leeftijd voor het einde.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden