Roma apart? Vergeet het maar

De genen van de van oorsprong Noord-Indiase Roma zitten vol flarden Europees dna. Ook Europeanen zelf blijken helemaal niet zo'n stabiel volkje.

AMSTERDAM - Op de kaartjes ziet het er zo simpel uit. In de Middeleeuwen, zo rond het jaar 500, trok vanuit Noord-India een bevolkingsgroep Europa in. Ze verspreidden zich over de Balkan, en enkele eeuwen later over West-Europa. Een beetje apart volk zou het altijd blijven, de Roma. Nomaden, met donker uiterlijk en een eigen cultuur.


Apart? Vergeet het maar, zegt in Rotterdam moleculair-bioloog Manfred Kayser. 'Ons onderzoek laat duidelijk zien dat er wel degelijk vermenging is geweest met niet-Roma. En de verschillen per land zijn groot. Op het eerste gezicht mogen ze er anders uitzien dan Europeanen, en in veel landen ziet men ze als outcasts, maar hun genen vertellen een heel ander verhaal.'


Deze week publiceerde Kayser met een groot aantal internationale collega's de eerste gedetailleerde studie van het dna van 152 Roma uit 13 groepen. Zoals je uit de schrijfwijze van woorden en achternamen vaak kunt afleiden uit welk land ze stammen, zo valt uit de genetische code van dna af te leiden waar het vandaan komt en onder welke invloeden het zich heeft ontwikkeld.


In het geval van de Roma is het beeld opvallend 'rijk en complex', schrijven Kayser en collega's in het vakblad Current Biology. Niks mooie pijlen op een landkaart, de Roma zijn in golven vanaf ongeveer het jaar 1100 uit de Balkan over Europa uitgewaaierd. Onderweg moeten ze liefdesrelaties hebben aangeknoopt met 'inheemse' Europeanen, want hun van oorsprong Noord-Indiase genen zitten vol flarden Europees dna. In Spanje en Portugal vermengden de Roma wat meer dan in Midden-Europa, in Wales is zelfs een groep Roma die nagenoeg helemaal Europees is.


'We kunnen aan de hand van de genetica onmogelijk zeggen hoe het allemaal precies is gegaan', benadrukt Kayser. 'Misschien hebben er Roma de groep verlaten. Daarvan hebben we geen weet. Maar het lijkt erop dat er toch ook groepen zijn geweest die meer openstonden voor het toelaten van mensen van buiten. Dat zou de vermenging met de Europeanen verklaren.'


Niet dat die Europeanen nu zo'n stabiel volkje zijn. Een ander groot internationaal onderzoeksconsortium diepte vorige week een ander opmerkelijk inzicht op uit de lettervolgordes van ons dna: sinds we aan landbouw doen, heeft ons dna in explosief tempo honderdduizenden piepkleine mutaties opgedaan. Meer dan 1,1 miljoen minieme variaties in de 'schrijfwijze' van genen brachten de onderzoekers aan het licht. Liefst driekwart tot 86 procent daarvan is gedurende de laatste vijf- tot tienduizend jaar ontstaan.


'Blijkbaar kunnen we met heel veel van dit soort kleine beschadigingen in onze genen rondlopen', zegt Peter de Knijff, hoogleraar populatiegenetica in Leiden. 'We hebben genoeg reserve ingebouwd.' En, wie weet, misschien groeit zo'n genetische 'tikfout' ooit uit tot een succes: een bekend voorbeeld is hier dat veel mensen als volwassene melk kunnen drinken dankzij toevallige mutaties in een gen dat de afbraak van melkeiwit regisseert.


De waaier van mutaties bevestigt iets overbekends: namelijk, dat het aantal mensen sinds de landbouw explosief is gegroeid. Meer mensen betekent meer geboorten, en meer geboorten betekent meer baby's die kleine toevalsveranderingen in hun dna kunnen hebben.


Net als bij de Roma is aan die mutaties ook af te lezen dat de mens zich schoksgewijs verspreidde: het zijn er zo veel dat onze voorouders blijkbaar een keer of vijf ergens door een bevolkingsflessenhals zijn gekropen, bijvoorbeeld door een epidemie die de bevolking decimeerde, of doordat een klein groepje mensen wegtrok om elders een nieuwe bevolkingsgroep te stichten. De bevolkingsgroei heeft, kortom, een flinke bom in ons dna laten afgaan - het zal nog heel wat generaties duren voordat het stof is neergeslagen en alle kleine mutaties hun plek in het menselijk dna hebben gevonden of eruit zijn gewied.


Genen, mutaties, variaties - echt simpeler is het er onder de motorkap van ons dna niet op geworden, beaamt De Knijff. 'Vroeger had je een gen, en een paar mutaties in dat gen, en dat was dan de oorzaak van een ziekte. Maar het ligt totaal anders.' Zo denken medici steeds meer in patronen van gen-activiteit, in plaats van in losse genen alleen - een beetje zoals je een muziekstuk niet kunt beoordelen door alleen de viool te bekijken. De Knijff: 'Misschien gaan we wel ontdekken dat als je tien van dit soort kleine mutaties hebt, en ze hebben allemaal te maken met hetzelfde proces in de cel, je er ziek van kunt worden.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden