Rode Khmers bekeerd tot 'oprechte democraten'

De blik gericht op een plas onder aan de teakhouten veranda, filosofeert Kor Bun Heng over de veranderingen in Cambodja van de laatste jaren....

Oudstrijders in

Pailin zijn braaf

gaan stemmen

Van onze correspondent

Toine Berbers

PAILIN

Het klinkt onwaarschijnlijk uit de mond van een Rode-Khmerideoloog die destijds als VN-ambassadeur de uitwassen van zijn leiders vergoelijkte. Maar Kor Bun Heng is niet de enige Rode Khmer die van gedachten is veranderd. Enkele maanden geleden is hij overgelopen naar Pailin, het reformistische bolwerk van voormalige Rode Khmers in het uiterste westen van Cambodja. Hier is iedereen bekeerd tot democraat en de opkomst bij de verkiezingen van afgelopen zondag was hoog.

In Pailin, een mijnstadje van wankele houten huisjes, zijn de dogma's van Pol Pot overboord gezet. De verkiezingsaffiches met symbolen van de drie grote partijen getuigen van nieuwe wind die hier waait.

De verstokte maoïsten van weleer, die mensen plachten te executeren om het onnozelste privébezit, hebben het kapitalisme omhelsd. Op een markt met honderden kramen liggen mobiele telefoons en spijkerbroeken van Versace op kopers te wachten.

De hotels en restaurants zitten vol handelaren die de robijnen, smaragden en andere edelstenen uit de mijnen in de omgeving opkopen. De bordelen schieten als paddestoelen uit de grond.

De opvallendste nieuwkomer in deze vroeger zo puriteinse gemeenschap is een kolossaal casino. Over enkele weken zal Caesar International zijn deuren openen voor de Thaise zakenlieden die de twintig kilometer westwaarts gelegen grens oversteken om deals te sluiten met de herboren Rode Khmers.

Onder de bezielende leiding van Ieng Sary, een zwager van Pol Pot die hem tevens als minister van Buitenlandse Zaken diende, hebben zevenduizend guerrillastrijders het door de oorlog gehavende spookstadje omgetoverd tot een bruisend handelscentrum met ruim dertigduizend inwoners. Afschaffing van de belastingplicht lokte ruim tienduizend gelukszoekers uit andere delen van Cambodja naar Pailin.

Ieng Sary liet zijn oude strijdmakkers in augustus 1996 barsten en liep met zijn hele aanhang over naar het kamp van zijn erfvijand, premier Hun Sen. Koning Sihanouk verleende hem gratie, in ruil voor de belofte dat zijn manschappen de wapens zouden neerleggen.

Sinds de dood van Pol Pot, in april van dit jaar, voeren alleen de drie laatste Rode-Khmercoryfeeën - Ta Mok, Khieu Samphan en Nuon Chea - in het noorden van het land nog een hopeloze strijd. Zij zijn het die zondag een aanval ondernamen op stellingen van het regeringsleger in Anlong Veng, waarbij enkele uren voor het begin van de verkiezingen tien doden vielen.

De edelstenen en het tropisch hardhout waarmee de Rode Khmers jarenlang hun guerrillastrijd bekostigden, worden tegenwoordig voor Pailins eigen gewin gebruikt. Maar de mijnen waar de edelstenen worden gewonnen dreigen uitgeput te raken. Daarom is de Khmer-leiding in zee gegaan met projectontwikkelaars voor de aanleg van wegen en de bouw van fabriekjes.

Ieng Sary toonde zich zondag diep geroerd, toen hij voor het eerst van zijn leven een stembiljet invulde. 'Ons land is eindelijk op weg naar democratie', zei hij. Die opmerking was dichter bij de waarheid dan hij kon bevroeden. In Pailin lijkt de kandidaat van de Rode Khmers, Kak Kan, totaal onverwacht een nederlaag te gaan lijden tegen de kandidaat van de Sam Rainsy-partij, de anti-corruptiebeweging die favoriet is bij de intellectuelen in de steden.

Kak Kan had zich aangesloten bij de Cambodjaanse Volkspartij, de door Vietnam eind jaren zeventig in het zadel geholpen communistische partij waartegen hij vijftien jaar lang verbeten heeft gevochten. De ex-commandant van de geduchte divisie 415 vertelt dat zijn oude strijdmakkers opdracht hebben gekregen op hem te stemmen.

Maar Pailin ging zijn eigen gang. 'Ik heb gekozen voor Sam Rainsy, omdat hij geen leger heeft', zegt een 28-jarige vrouw met één been, die op de markt T-shirts en damesondergoed verkoopt. Toen ze vijftien was werd ze door Rode Khmers ontvoerd. Jarenlang heeft ze als draagster munitie en landmijnen uit Thailand naar het front gesjouwd, door het van malariamuskieten vergeven regenwoud. Haar familie in Sisophon heeft ze nooit teruggezien. Nu wil ze niets liever dan vrede. '

Andere inwoners van Pailin vertellen hoe Kak Kan overal cadeaus heeft uitgedeeld. 'Ik neem Kaks geschenken natuurlijk wel aan, maar ik heb niet op hem gestemd', zegt een oudere vrouw.

Oud-ideoloog Kor Bun Heng heeft wel op Kak Kan gestemd.

Net als de andere Rode-Khmerleiders probeert hij een nieuw, vriendelijk imago uit te dragen. Ook hij zegt niets te weten van de massaslachtingen in de jaren zeventig. 'Wij hadden niet in de gaten wat Pol Pot uitspookte.'

Maar Phnom Penh vertrouwt de Rode Khmers in Pailin niet helemaal. Niemand weet wat ze in hun schild voeren. Nu ze een zo goed als autonoom gebied besturen, is hun positie beter dan toen ze nog in oorlog waren. Bij nieuwe instabiliteit in Phnom Penh zou de vroegere verzetsbeweging weer kunnen uitgroeien tot een formidabele macht.

'Hun Sen weet dat je de Rode Khmers nooit mag onderschatten', zegt iemand die regelmatig met CPP-leiders spreekt. Ieng Sary heeft wel gratie gekregen, maar nu de internationale gemeenschap blijft aandringen op berechting van Pol Pots massamoordenaars kan de regering bij wijze van stok achter de deur dreigen met uitlevering.

Op de veranda in Pailin moet Kor glimlachen om deze gedachte. 'Ons land heeft verzoening nodig, geen nieuwe polarisatie', is zijn weerwoord.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden