Rob Nanninga 1955-2014

Hij was de luis in de pels van de pseudowetenschap en bleef immer kritisch.

Hij interesseerde zich altijd al voor paranormale verschijnselen. Rob Nanninga nam al in 1988 de lepeltjesbuigerij van de Israëlische mentalist Uri Geller onder de loep en zei onomwonden dat het een goocheltruc was. In 2005 sprak het medium Robbert van den Broeke in het tv-programma Er is zoveel meer met een vrouw wier man zelfmoord had gepleegd. Van den Broeke beweerde dat zij haar man ook in een vorig leven had gekend. De tekst die hij daarbij toonde, bleek van internet afkomstig te zijn. Ook de tikfouten waren overgenomen. De Groningse scepticus Rob Nanninga ontmaskerde het medium, zoals hij dat al met zo veel telepaten, homeopaten, parapsychologen, astrologen of sekteleiders had gedaan. Hij wilde duidelijke scheidslijnen creëren tussen wetenschap, pseudowetenschap en oplichterij.


Nanninga overleed 30 mei achter zijn computer mei aan een hartstilstand. De luis in de pels van de pseudowetenschap is maar 58 jaar geworden. Hij was het enige kind van een Groningse meubelhandelaar. Na de middelbare school ging hij naar de lerarenopleiding, waarna hij les in Engels en Nederlands gaf op een mavo in Oost-Groningen. Hij kon niet opschieten met de tieners die een loopje met hem namen. Daarom stapte hij al snel uit het onderwijs, deed onderzoek naar sektes en schreef een boek over het paranormale.


Toen in 1987 een aantal abonnees van het Amerikaanse tijdschrift Skeptical Inquirer besloot zoiets in Nederland te beginnen, werd hij benaderd. Nanninga zou een jaar later een van de redacteuren van Skepter worden. In 1994 schreef hij een artikel over Wies Moget, de leidster van het Instituut voor Video-Gestalttherapie in Groningen. Deze paranormaal therapeute praatte haar cliënten een gruwelijk incestverleden aan. Deze mensen waren naar haar doorverwezen door de Sociale Dienst in Groningen. Nanninga werd aangeklaagd wegens smaad, maar door de rechter in het gelijk gesteld. Hij probeerde continu de waarheid te achterhalen van parapsychologische bijverschijnselen als bijna-doodervaringen, meditatie en hypnose. Altijd beargumenteerde hij zijn standpunten. Hij was de instigator van Skepsis-experimenten zoals de pendelproef (1992), de astrotest (1995), de homeopathieproef (2004) en de spiertesten (2005 en 2009).


Hij bestudeerde het populaire tv-programma's Het Zesde Zintuig van de KRO en concludeerde daaruit dat 'er geen reden was te denken dat het programma daadwerkelijk paranormale fenomenen op het spoor was'. Het stelde hem teleur dat de KRO de formule weigerde te veranderen: 'Steeds meer televisiemakers willen ons overtuigen van het bestaan van helderziende gaven. Ze maken daarbij misbruik van de onwetendheid van de kijkers.' Niet alleen fileerde hij de paranormale commercie, ook schreef hij in 2006 een artikel over de goeroes van een van de invloedrijkste Nederlanders van dat moment: Herman Wijffels.


In 2002 werd Rob Nanninga hoofdredacteur van Skepter, maar dat veranderde zijn karakter niet. Hij bleef een enigszins schuwe zonderling die wel een vriendin had, maar op zichzelf bleef wonen. 'Hij voldeed niet aan het stereotype van vaste baan, huis, tuin, vrouw, kinderen en had een voorkeur voor psychedelische muziek. Je zou hem een overjarige hippie kunnen noemen', zegt zijn vriend en medewerker van Skepsis Jan Willem Nienhuys.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden