Rijk

et staat niet dagelijks op deze plek geschreven, maar wat was het een fraai televisiejaar. Die conclusie trokken ook de verzamelde tv-critici woensdag in Hilversum, op het Mediapark. En het was toch al zo'n blije dag, die ene per jaar waarop tv-critici hun verduisterde hol mogen verlaten om er, de ogen nog wat onwennig knipperend van het daglicht, te jureren voor de Zilveren Nipkowschijf voor 'het beste tv-programma van het jaar'. Omdat het de meest transparante jury van het land is, zijn de leden (tot zekere hoogte) vrij uit de school klappen over wat zoal passeerde aan serieuze kanshebbers.


En dus mag ik zeggen dat mijn drie favorieten bestonden uit onder meer De regels van Matthijs, een NCRV-Dokument van Marc Schmidt over zijn jeugdvriend Matthijs. De autist tracht zich - tevergeefs - staande te houden in een wereld die voor hem steeds chaotischer wordt. Indringend en subtiel gefilmd.


Dat sprak niemand tegen. Maar er was meer (onvergelijkbaar) moois. Het nieuwe Rijksmuseum bijvoorbeeld, de indrukwekkende NTR-reeks van Oeke Hoogendijk over de verbouwing van het Rijksmuseum. Een megaproject dat uiteindelijk tien jaar vergde; uit de zee van materiaal wist Hoogendijk een ongekend spannend, scherp en soms ontroerend vierluik te destilleren. Het beleefde zijn slotaflevering een dag na de officiële opening van het museum, en toch vroeg je je als kijker nog even af of het nog wel zou doorgaan - een grote prestatie.


Van totaal andere orde was Volgens Robert, de VARA-serie over een huisarts (Peter Blok) met een midlifecrisis. Alle clichés komen aan de orde, in een verrassend spel met alter ego's en al of niet bestaande werkelijkheden. Subtiel en ironisch drama, met heerlijk scenario (Maria Goos) en uitmuntend acteerwerk door onder anderen Blok, Tjitske Reidinga als alcoholische therapeute en Hannah Hoekstra als jonge vriendin met haar eigen manie.


En dan was er nog Moeder, ik wil bij de revue, de dramaserie van regisseur Rita Horst over de jonge Bob (Egbert Jan Weeber) en zijn verlangen bij het theater te gaan. Jaren vijftig, platteland versus stad, Wim Sonneveld-liedjes: geheid MAX-materiaal, sterk geacteerd (en gezongen) door onder anderen Weeber, Huub Stapel en - opnieuw - Peter Blok.


Over een maand bepaalt de jury uit de laatste drie genoemde series de winnaar van de Zilveren Nipkowschijf. Tot die tijd gapen de bekende appels en peren ons nog even aan, gelardeerd met zoete druiven als Penoza, Jort Kelders reeks Het snelle geld, De gouden eeuw en de jeugdversie Welkom in de gouden eeuw. Die laatste alvast kreeg een eervolle vermelding, evenals de meesterlijk vertelde documentaire De baby (Joodse omroep) van Deborah van Dam.


Ook op de longlist van zo'n 25 titels ontbrak de commerciële omroep, al waagde één collega nog een moedige poging met The Voice of Holland. Dat werd eerder toch meer als succesvol exportproduct beoordeeld dan als waardevolle televisie die beklijft. Daarbuiten ontwikkelt de Nederlandse commerciële omroep zich meer en meer als een amusement- en emotainmentfabriek waar aan de lopende band formats naar bekend recept worden gekopieerd, rondgepompt en afgeschoten. Alle pogingen tot drama of (steeds vaker vertaalde Amerikaanse) comedy halen het in de verre verte niet bij wat de publieke omroep bracht.


De publieke omroep mag dan steeds krapper bij kas zitten, hij leverde nog altijd een rijk televisiejaar op. Een prijs waard.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden