Rijdende ramp

In diverse Europese steden rijden tijdelijk weer museumstukken op de tramrails, want de moderne, vernuftige Combino-tram van de firma Siemens blijkt een eersteklas miskoop....

Je hebt stufstoters, frictiepallen en anticondensverdelers.

Maar ook demper-knikscharnieren, het Schwenk-Wankscharnier, de dwarsversnelling, holslijtage, de valse flens en een installatie voor de verspreiding van de frictieverbeteraar. De eerste drie woorden zijn verzonnen, de overige technische begrippen zijn van toepassing op de Combino, een nieuwe tram die letterlijk op instorten staat.

De laagvloerige tram is een product van de firma Siemens, die dacht met de Combino wereldwijd opnieuw een staaltje Duitse Spitzentechnologie te hebben afgeleverd. Op drie continenten, in zeventien steden, werden vanaf eind jaren negentig ruim vierhonderd Combino's verkocht. Amsterdam bestelde er na een proefritje in 2000 meteen 155 en is daarmee de grootste afnemer.

De Amsterdamse order vertegenwoordigde een waarde van circa 510 miljoen gulden, krap een kwart miljard euro. Veel geld, maar aanzienlijk minder dan de toen gangbare trams kostten. Het had nog goedkoper gekund als Rotterdam had meegedaan. Maar daar was het geloof in het Duitse kunnen nog niet doorgedrongen.

Oktober 2004: hele stadswijken ergeren zich aan het striemende piepgeluid zodra de Combino komt aangereden, de carrosserie vertoont haarscheurtjes en in geval van een ernstige aanrijding kan het dak naar beneden komen. Over het comfort heeft het Amsterdamse raadslid Henk Bakker sr. (Leefbaar Amsterdam) de fijnste kwalificatie: 'Het enige sociale aan de Combino is dat je bij elkaar op schoot zit als-ie de bocht om gaat.'

De productie van de Combino is stilgelegd, alle trams moeten terug naar Krefeld, waar de fabriek wordt omgebouwd tot reparatieplaats; Siemens heeft een slordige 300 miljoen euro op het project moeten afschrijven. Volgens het weekblad Die Zeit moet er gesproken worden van de gevreesde GAU, de Duitse afkorting van 'het grootste aan te nemen ongeluk'. Bij de oosterburen heet de tram inmiddels Rumpelbino, vrij vertaald: rijdend wrak.

Potsdam heeft de reeds aan Hongarije verkochte antieke Tatra-tram weer van stal gehaald, Basel reactiveerde verscheidene museumstukken en in Ddorf rijdt weer de oude vertrouwde D een oud trammodel van na de oorlog. Alles beter, blijkbaar, dan de Combino.

Woensdag mocht de Amsterdamse gemeenteraad komen kijken in de onderhoudsgarage van het Gemeentevervoerbedrijf (GVB) in Diemen, waar de Combino in afwachting van repatring naar de Heimat wordt opgelapt. Buiten passeerden een tram zr en eentje met geluidsdempers. Een door het GVB ingehuurde geluidsexpert legde uit dat de Combino (zonder dempers) niet alleen piept, maar tevens 'aan de voorzijde bromt, dreunt en bonkt'.

Een technicus van Siemens produceerde in hoog tempo bovenaan genoemde technische begrippen, die er, kort samengevat, op neerkomen dat de constructie van de tram niet is afgestemd op de krachten die zij oproept. Hij verzekerde niettemin dat na een 'globale ontlasting en totale versterking' alles zal goedkomen. En Siemens betaalt.

Daarvan is CDA-wethouder Hester Maij nog niet zo zeker. Zij is verantwoordelijk voor het GVB en was duoraadslid toen de gemeenteraad destijds het licht op groen zette voor de Combino. Volgens Maij is het uitsluitend een probleem van Siemens ('ze staan voor joker') en kan Amsterdam weinig worden verweten.

Net als veel andere wereldsteden wilde Amsterdam destijds per se een 100 procent-lagevloertram. Uit de raadsvoordracht van 4 februari 1999: 'Vooral voor oudere passagiers, gehandicapten, ouders met kinderen enz. geeft de lage inen uitstap een groot comfort. Naar verwachting zal dit tevens leiden tot kortere halteringstijden, zodat ook exploitatievoordelen kunnen worden behaald.'

Maar er staat ook: 'Gezien de stand van ontwikkeling van de industrie is een 100 procent-lagevloertram met betrouwbare technieken niet of nauwelijks voorhanden; een 70 procent-lagevloertram wel.'

De ingenieurs van Siemens kwamen dus als geroepen.

Zij maakten een tram waarin de techniek in feite onder het dak van de in aluminium opgetrokken carrosserie is geplaatst. Vanwege de lage vloer moesten bovendien speciale wielstellen worden ontwikkeld, die niet met elkaar zijn verbonden door een meedraaiende as.

Een technicus: 'Door de geringe ruimte van onderen heeft de Combino een truckstel in plaats van het traditionele draaistel. Je krijgt daardoor een stootkracht in plaats van mooi geleidelijk opgebouwde krachten. Door het torderen van de wagenbak is het wringen geblazen. Daardoor voel je tijdens het rijden de scheutjes en krijg je versnelde holslijtage.'

De ingenieurs van Siemens dachten er tot voor kort anders over. In de inmiddels van de website verwijdere reclame werd hoog opgegeven over het product.

Zij ontwierpen en leverden ook voor Amsterdam het gevraagde voertuig, over de volle lengte met lage vloer. Ofschoon de eerste passagiers, onder wie verscheidene raadsleden, proefondervindelijk vaststelden dat de nieuwe tram toch niet helemaal was wat ervan werd verwacht, gingen de leveranties door. Ook toen de eerste haarscheurtjes werden ontdekt, bleven dit jaar nieuwe Combino's uit Krefeld komen.

De eerste conducteurs waren inmiddels met rugklachten in de ziektewet beland, aan de tramhaltes was het een gedrang van jewelste omdat de passagiers ineens verplicht waren alleen nog maar halverwege de tram in te stappen, waar je weer niet mocht uitstappen. In plaats van kortere 'halteringstijden' ontstonden lange rijen. En binnenin was de beenruimte zo krap dat het wel leek alsof de voor Hiroshima bestemde Combino's per ongeluk in Amsterdam waren beland.

'Het komt allemaal goed', bevestigde een Nederlandse Siemensdirecteur gisteren enkele malen. Voorwaarde is dat alle Combino's vanaf januari naar Krefeld worden overgebracht voor een 'tweede modificatie'. Dat nu gaat wethouder Maij vooralsnog te ver.

Zij eist de garantie dat de tram na die complete sanering alsnog dertig jaar meekan en niet, zoals eerder dit jaar bleek, al na 120 duizend kilometer (een schijntje voor een miljoenen kilometers verslindend voertuig) het loodje legt. Overigens is deze kritische grens door Siemens inmiddels naar 170 duizend kilometer verhoogd nog steeds veel te weinig.

Vandaar dat Siemens thans binnen zes maanden kunstmatig een Combino dertig jaar oud laat worden. Pas als na deze computersimulaties en testritten blijkt dat de tram alsnog deugt, worden de Amsterdamse Combino's naar Krefeld overgebracht. Met andere, plaatsvervangende Combino's wordt voorkomen aldus Siemens en vooralsnog ook het GVB en wethouder Maij dat de dienstregeling niet in gevaar komt.

Niet iedereen leek gisteren na afloop van de uitleg overtuigd. Hans Bakker (SP, en destijds vde Combino): 'Wat ik er tot nu toe van gezien heb, is het een wanproduct. Destijds is ons beloofd dat het state of the art zou zijn.'

Marius Nijman (PvdA): 'Ik weet het niet, ik ben er niet gerust op. Het is een dossier dat ons potentieel een hoop geld kan gaan kosten. De stad Potsdam schijnt het miljoenen te hebben gekost. Ik denk dat ik maar eens een onafhankelijke expert uit Delft inschakel.'

Weekblad Die Zeit: 'Vroeger verstond men onder service het ter beschikking stellen van een prototype, waarmee de klant in de praktijk kon zien of het product aan de harde dagelijkse werkelijkheid voldoet. Tegenwoordig worden onrijpe producten in serieproductie genomen en verkocht. Ook een vorm van service.'

Wie zich volgens deze Duitse kwaliteitskrant zo'n service laat aanleunen, is medeschuldig aan het debacle. 'De desbetreffende vervoersbedrijven hebben zich in principe niet anders gedragen dan de zo vaak verachte gierig-is-geil consumenten. Ze kochten goedkoop in bij de discounter ofschoon er elders voldoende rijpe modellen te koop zijn.'

Het gepiep van de Combino is trouwens binnenkort afgelopen. Achter 'frictieverbeteraar' blijkt het simpele begrip 'smeerolie' schuil te gaan. Alle wielen van de tram worden regelmatig en op verschillende plekken in de hoofdstad ingespoten met olie. Het resultaat schijnt verbluffend te zijn.

Of dat niet tot extra onderhoudskosten zal leiden, vroeg raadslid Bouwe Olij (PvdA). Directeur Gert-Jan Kroon van het GVB: 'Dat denk ik niet, want de Combino heeft veel minder wielen dan onze oude trams, die ook regelmatig moeten worden nagekeken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden