Reportagecomponist Arvo Pärt

Hij is een van de bekendste componisten. Geliefd bij popmusici. De schuwe Arvo Pärt geeft zelden interviews. Op het podium komt hij tot leven, zeker als zijn nieuwe werk Adam's Lament wordt gespeeld.

DOOR ROBERT VAN GIJSSEL FOTO ELLEN MANDEMAKER

PARADIJSVOGEL - We waren gewaarschuwd. Arvo Pärt, de in sommige kringen tot mythische componist verklaarde Est, is aan de schuwe kant, had zijn agent al laten weten. In woord en daad ongeveer zo sereen en minimalistisch als veel van zijn beste werk.

Praten doet hij dus niet graag. Een interview geven? Uitgesloten. Veel te formeel. 'Daar zijn mijnheer Pärt en zijn vrouw Nora werkelijk te bescheiden voor.'

Als we de presentatie van zijn nieuwe koor- en orkestwerk Adam's Lament, zojuist verschenen bij Pärts platenmaatschappij ECM, dan per se toegelicht willen zien, zo zegt het agentschap, dan kunnen we een korte wandeling met de componist krijgen. Een blokje om in München, waar het echtpaar Pärt 's avonds een uitvoering van het stuk zal bijwonen. Gevolgd door een kop thee.

Op dat aanbod moeten we natuurlijk ingaan. Een wandeling door München met Arvo Pärt, de ongrijpbare meester van de hedendaagse sacrale muziek. De man die met stukken als Tabula Rasa (1977), Passio (1982), Miserere (1989) en Kanon Pokajanen (1997) levens zou hebben veranderd, lees daar de getuigenissen op internet maar op na. De componist die met zijn koorwerken eerst de Estse kerken ontsteeg en daarna de klassieke wereld. Die wordt omhelsd door de popmuziek, de cinema, theatermakers, choreografen, dj's. Van wie wordt gezegd dat hij troost biedt aan terminaal zieken, verlichting geeft bij trauma. De man die de eeuwigheid van een soundtrack voorziet. Ja, die willen we best beter leren kennen.

Dus melden we ons bij het hotel in München, waar het echtpaar Pärt zich in de lobby moet hebben verschanst. Worden we door een heer van de platenmaatschappij meegevoerd en voorgesteld aan precies de man die we ons bij Arvo Pärt (77) hadden voorgesteld. Tenger en breekbaar, een tikje stram. Scherpe, spiedende roofvogelblik boven een niet overdreven vaak bijgeknipte baard. Een monnik die zich in de wereld buiten de kerkbanken ongemakkelijk lijkt te voelen. En die gelijk maar even meldt dat hij geen Engels belieft te spreken. 'Alleen Duits.' Om daarna zijn vrouw omstandig in de winterjas te helpen. Zijn Nora, die, zo was ons al ingefluisterd, graag optreedt als mediator en beschermvrouwe van de componist.

Slagschaduw

De wandeling voert langs de kolossale panden van de Bayerische Staatsoper, langs banken en regeringsgebouwen. Enigszins intimiderend. In de slagschaduw van deze Beierse hoogbouw lijkt het echtpaar Pärt nog fragieler.

Nora neemt het woord. 'We zijn gespannen. De uitvoering van Adam's Lament, vanavond in Duitsland, het land waar we al jaren wonen, voelt als een première.' Het stuk is eerder uitgevoerd in Turkije, maar volgens Nora Pärt kan die 'Uraufführung' beter worden beschouwd als een try-out: ander koor, ander orkest. Vanavond wacht de ideale bezetting: het Lets Radiokoor, Sinfonietta Riga, de Estse dirigent Tönu Kaljuste. Baltische eigenheid.

'Mooi was het wel, in Turkije', zegt haar man. Vooral de locatie, de Byzantijnse kerk Hagia Irene in Istanbul, sprak tot de verbeelding. 'Tijdens de uitvoering hoorde het publiek de regen op het koepeldak kletteren.' Nora: 'De treurnis van Adam kwam letterlijk op ons neer.'

Lichtvoetig is de muziek van Arvo Pärt niet, nooit geweest. De componist kende een moeilijke periode, gedurende de jaren zestig, waarin hij het idioom van Schönbergs twaalftoonstelsel verkende, het stugge serialisme uitbeende. Een kind van zijn tijd en daarom ongewenst in het Estland ten tijde van de Sovjet-Unie. Veel van zijn stukken kwamen niet langs de censuur en Pärt sloot zich op ter bezinning. Vroeg zich af of hij wel componist moest zijn.

Tijdens zijn meditatieve fase ontdekte Pärt de schoonheid van de vroege Europese polyfonie, de meerstemmige samenzang uit de renaissancetijd. Hij zag het licht en ontwikkelde een muzikale taal naar analogie van die vroege religieuze muziek, het Gregoriaanse gezang. Betrekkelijk eenvoudige harmonieën, opgebouwd rond basale drieklanken, rechtlijnige ritmes. Soms schrille en eenduidige vioollijnen, die opkomen vanuit het niets en daarin langzaam weer verdwijnen. En vrijwel zonder uitzondering geschreven onder christelijk religieuze teksten: het Evangelie volgens Johannes, de hymne Te Deum.

Zijn nieuwe werk Adam's Lament schreef Pärt bij een gevonden tekst van de Russische monnik Saint Silouan (1866-1938), waarin deze de eerste mens Adam het verlies van het aardse paradijs laat betreuren, de zondigheid waartoe de mensheid is veroordeeld. 'Een tekst', zegt Pärt, 'die je zo onder je arm kunt steken, waarmee je door het leven kunt wandelen. Een poëtische tekst over de tragedie van de mensheid, over het lijden, de wanhoop. Zo goed en compleet, dat je er de rest van je leven genoeg aan zou moeten hebben.'

De componist was al eerder aan een stuk begonnen rond de woorden van Saint Silouan. 'Kort na mijn werk Miserere, uit 1989. Maar ik zat nog te vol van dat werk, er stond nog een afdruk van Miserere in mij. Ik moest dit stuk maken vanuit leegte en puurheid.'

Twee jaar geleden kreeg Pärt een compositieopdracht van de Turkse overheid, om de verbinding tussen de 'culturele hoofdsteden' Istanbul en Tallinn te vieren. Pärt: 'Ik zocht naar een universele tekst, die niet alleen in de christelijke cultuur zou kunnen worden begrepen. Maar ik kon niets vinden. Zoals gewoonlijk was ik radeloos.' Nora wees haar echtgenoot de weg. 'Adam wacht nog op je', zei ze.

De muziek bij Adam's Lament wordt bij Pärt gedicteerd door de integrale tekst van de orthodoxe monnik. Een traag voortglijdend Gregoriaans zingen, gedragen door de van Pärt bekende etherische vioolklanken. Een stuk dat langzaam aanzwelt tot een wervelende geluidscycloon, en dat de hemelse verstilling uiteindelijk aan stukken scheurt.

Het was een bescheiden loopje van het hotel naar het theecafé. Dat blijkt zich te bevinden in een luxe vijfsterrenhotel: het Kempinski aan de Duits degelijke Maximilianstrasse. Pärt mag de gedaante van een monnik hebben aangenomen, de aardse genoegens laat de componist zich goed smaken. Hij houdt van dure auto's, liet een bevriend musicus zich eens ontvallen.

Cakejes

Als de thee en cakejes zijn geserveerd, verschijnt Pärts vriend en labelbaas Manfred Eicher van platenlabel ECM. De man die Pärt ontdekte tijdens een eenzame autorit, ergens begin jaren tachtig. Op de radio werd Pärts stuk Tabula Rasa uitgezonden en Eicher kon niet anders dan zijn wagen woest langs de weg parkeren. Wat was dit? Een stuk opgebouwd uit stiltes, bellen en ijle violen. Minimalisme, maar met een voor die stijlvorm ongekende emotionaliteit en warmte. Een werk dat de luisteraar onherroepelijk meevoert naar een serene binnenwereld. 'Maar dat je toch raakt als een hamerslag', aldus Eicher, sprekend uit eigen ervaring. Hij zit weer even achter dat stuur.

Eicher sprak af met de enigmatische en nog volslagen onbekende componist van dat stuk, reisde af naar Estland, herkende in Pärt een muzikaal gelijkgestemde en sloot een innige vriendschap met hem. ECM, opgericht als jazzlabel, bracht Tabula Rasa in 1984 uit op cd, de eerste uitgave van de ECM New Series voor hedendaags klassiek. De opnamen werden de grote doorbraak voor Pärt. Eicher: 'De cd werd een bestseller en is dat nog altijd. Een moderne klassieker en een monumentaal werk in onze catalogus.'

Rond de theetafel wordt door Eicher en Nora Pärt wat gefilosofeerd over het succes van Tabula Rasa. De componist zelf houdt zich op de vlakte, maar dan komt hij ineens over de brug met een verrassend heldere uitleg. 'Kijk naar waar Tabula Rasa over gaat. Het leegvegen van de tafel, het schoonmaken van het hoofd, het opnieuw beginnen. Een prettig thema voor de gekwelde mens.'

Tijd om wat herinneringen op te halen, want daarbij voelt Arvo zich behaaglijk, aldus zijn vrouw. 'Weet je nog', zegt Eicher. 'De opnamen die we maakten voor Passio? Er kwamen vliegtuigen over en de wind gierde rond de kerk.' Pärt glimlacht. Eicher: 'Gelukkig had de wind precies de goede toonhoogte, en we hebben het geruis een bescheiden rol gegeven in de muziek. En verdomd: wat schreven de recensenten? Dat onder Passio een prachtig ruisen hoorbaar was, als een windwaarneming. Nou, dat was het dus ook.'

Nora: 'En de opnamen voor Kanon Pokajanen, in die kerk in Tallinn? Die waren zo moeizaam, duurden zo lang, dat we tot diep in de nacht doorgingen. Tot het ineens licht werd buiten en het geluid van vogels door de open ramen kwam. Zo trad het dierenrijk de muziek binnen.'

Arvo: 'Net als bij de uitvoering in Japan. Met dat koor van blinde Japanners, met die geleidehonden, waarvan er één zachtjes begon te janken. Ik heb het niet eens echt lelijk gevonden.'

Het gezelschap recht de rug als het gesprek komt op de muziekkritiek, de status van Pärts werk in de klassieke canon. De man mag dan worden bejubeld als een popster, de verhouding met de harde klassieke kern is niet altijd makkelijk geweest. Werd eigenlijk moeizamer naarmate de populariteit van Pärt buiten die cirkel groter werd. Alsof de klassieke muziekkritiek geplaagd werd door territoriumdrift.

Nora Pärt: 'Wat bijvoorbeeld in Duitsland opvalt: de neiging de muziek van Arvo steeds in te willen delen. Waar hoort het bij, is het dan toch minimal music? Er heerst kennelijk een angst te vertrouwen op de emoties.' De welbespraakte mevrouw Pärt, van joodse komaf, houdt even in en merkt dan fijntjes op: 'En het is ook wel te begrijpen waar dat vandaan komt.'

Pärts werk zou in herhaling vallen, zou te eenvoudig zijn. De componist, enigszins ongemakkelijk: 'Maar wat is er nu mooier en geheimzinniger dan het klare, het heldere? Je kunt aan mijn muziek horen hoe die is gecomponeerd, stap voor stap. Je kunt visualiseren hoe een lege ruimte langzaam wordt gevuld en hoe de muziek uiteindelijk voert naar het niets, naar het zwijgen. Het lot dat ook de mens wacht. Die grondgedachte achter mijn werk, die niet moeilijk te begrijpen valt, maakt mijn muziek misschien zo aantrekkelijk voor een breed publiek.'

's Avonds, bij de uitvoering van Adam's Lament, blijkt dat de oude meester er niet ver naast zit. De statige concertzaal van het Residenztheater loopt vol met een gevarieerd, maar vooral erg jong publiek. De woorden van de monnik Saint Silouan worden in tranen aangehoord, gedempt in het zacht snotteren van de volle zaal.

De ovatie is overdonderend: gejoel en gefluit. Dan voltrekt zich een wonderlijke metamorfose. De componist staat, nee: springt op uit zijn theaterstoel, vouwt de handen samen en steekt die triomferend in de lucht. Dan bestijgt hij het podium, in een ineens opvallend jeugdige tred. Hij laat zich toejuichen, lacht breeduit, zwaait naar zijn vrouw, naar de labelbaas. Hij schudt handen met de eerste violiste, de dirigent, nog een keer de violiste en uiteindelijk alle leden van het koor, en dat zijn er nogal wat.

Bij de toegift, een Ests kinderliedje dat gaat van 'lulla, lulla, lulla', neemt hij plaats op het trapje naast het podium, half verscholen achter de gordijnen. Als een schooljongen die geen kaartje had voor het concert, dolblij dat hij nu toch nog even mag luisteren.

Arvo Pärt is thuis.

Arvo Pärt, Adam's Lament, Lets Radiokoor, Sinfonietta Riga, Vox Clamantis, Ests Filharmonisch Kamerkoor, Tallinn Kamerkoor, olv Tönu Kaljuste. ECM New Series.

MICHAEL STIPE

De sacrale, hedendaags klassieke muziek van Arvo Pärt wordt bejubeld door popsterren. De IJslandse zangeres Björk dweept met de componist en de zanger van R.E.M., Michael Stipe, toonde zich herhaaldelijk groot liefhebber. 'Ik word aangetrokken door de ongelooflijk kalme, maar schitterende muziek en door de ogenschijnlijke eenvoud', zei Stipe tegen The New York Times. 'Als muzikant en artiest begrijp je dat in die eenvoud een ongelooflijke complexiteit schuil gaat. Het is fenomenale muziek.'

GRAFZERKJES

De cd's met het werk van Arvo Pärt zijn door zijn platenmaatschappij ECM opvallend vormgegeven. Minimalistisch: enkel een titel, in een leeg, meestal wit vlak. 'Mijn grafzerkjes', noemt de componist zijn oeuvre. 'Gepast monumentaal. En het is lekker duidelijk.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden