INTERVIEW

René ten Bos: 'Filosofie moet woorden geven als er geen woorden meer zijn'

Denker des Vaderlands brengt boek uit over vernietigende invloed mens op aarde

De filosofie moet woorden geven als er geen woorden meer zijn, vindt de nieuwe Denker des Vaderlands René ten Bos. Bijvoorbeeld als het over de vernietiging van de aarde door de mens gaat, het onderwerp van zijn nieuwe boek.

René ten Bos, de Denker des Vaderlands. Beeld Sanne de Wilde

'Er is geen oplossing', zegt René ten Bos - het eerste kopje thee is nog niet eens gebracht maar de toon is meteen gezet. De vraag was hoe het verder moet, met de mens en met de planeet die hij bewoont.

Een onmogelijke vraag, zeker; maar Ten Bos is een gerenommeerde wetenschapsfilosoof die net een boek heeft uitgebracht dat Dwalen in het antropoceen heet en waarin het denken over de vernietigende invloed van de mens op de aarde wordt behandeld. Bovendien werd gisteren zijn benoeming tot Denker des Vaderlands bekend; in april volgt hij arts-filosoof Marli Huijer op. Als de nieuwe Denker des Vaderlands geen oplossingen heeft, wie dan wel?

In uw inleiding spreekt u de hoop uit dat de lezer zich aan het einde van uw boek net zo verloren zal voelen als de schrijver.

'Ja. Het boek begint tamelijk normaal, maar het wordt gaandeweg steeds maffer. Ik stuur mijn publiek met vaste hand het bos in.'

Waarom?

'Omdat ik het zelf ook niet weet! Ik kan wel heel netjes uitleggen wat 'antropoceen' is en waar de discussie over gaat, en dat een beetje systematisch opschrijven - dat doe ik ook, de eerste hoofdstukken zijn voor iedereen te volgen - maar op het einde kom je steeds meer kronkels en paradoxen tegen. En nergens een oplossing, nee. Er ís geen oplossing. Daar moet je mee leren omgaan, met die gedachte.'

Antropoceen: zo hoor je het nooit, zo duikt het overal op. De Volkskrant en Filosofie Magazine pakten er afgelopen najaar mee uit, vervolgens maakte Tegenlicht van de VPRO er een aflevering over en nu ligt er dus het boek van wetenschapsfilosoof René ten Bos (57). Antropoceen betekent zoiets als mensentijdperk (antropos = mens). De term is in 2001 bedacht door de Nederlandse Nobelprijswinnaar chemie Paul Crutzen. Overbevolking, ontbossing en milieuvervuiling hebben volgens Crutzen de planeet zodanig veranderd dat we het 'officiële' geologische tijdperk van het holoceen hebben verlaten en het antropoceen zijn ingegaan.

René ten Bos, een opgewekte Tukker op cowboylaarzen en met twee onbestemde beestjes op zijn onderarmen getatoeëerd, deelt Crutzens zorg. 'Het enige waarover men het eens is, is dat zich een reeks rampen aan het voltrekken is', schrijft hij, en: 'Het ergste moet nog komen', en: 'Het antropoceen is het tijdperk van catastrofes.'

Eretitel

Filosoof René ten Bos (1959) schreef onder meer Dwalen in het antropoceen (2017), Bureaucratie is een inktvis (2015, winnaar Socratesbeker 2016) en Water (2014), alle uitgegeven door Boom. Op 21 april wordt Ten Bos tijdens de Nacht van de Filosofie in Nijmegen gepresenteerd als nieuwe Denker des Vaderlands. Op 10 mei organiseert The School of Life in Amsterdam een avond rond zijn benoeming (schooloflife.nl). De eretitel Denker des Vaderlands is een initiatief van Filosofie Magazine, Stichting Maand van de Filosofie en Trouw. Eerdere Denkers waren Hans Achterhuis, René Gude en Marli Huijer.

U schuwt de alarmerende zinnetjes niet.

'Ik probeer in dit boek wel duidelijk te maken dat er iets aan de hand is, ja. Dat zie je als je reizen maakt. Ik ben deze zomer door Rusland getrokken en dan praat je met mensen die erover klagen dat het klimaat 'zweet', zoals ze dat daar zeggen. Het zwetende klimaat - een mooi beeld. In Irkoetsk wordt het 's winters amper kouder dan min 8, waar het vroeger min 20 was. Hier in Nederland voelen we de gevolgen van de klimaatverandering nog niet genoeg.'

De president van Amerika voelt de gevolgen ook niet.

'Donald Trump voelt alleen zijn eigen pik. Die man is nauwelijks interessant. Wat ik tijdens het schrijven van dit boek wel heb geleerd, is hoe groot het probleem is dat de VS heet. Ik zag in zo'n statistiekje dat de Amerikanen slechts 8 procent van de wereldbevolking innemen maar 35 procent van de menselijke biomassa, waar de Aziaten 61 procent van de wereldbevolking innemen en slechts 15 procent van die biomassa. Ik hoop dat de komst van Trump tot een catharsis leidt en dat dingen nu duidelijker worden. In Amerika komen mensen in actie, dat is positief; het land is weer gepolitiseerd. Dat was onder Obama nauwelijks het geval.'

Het idee voor Dwalen in het antropoceen kreeg René ten Bos in de zomer van 2016. Aan de Radboud Universiteit in Nijmegen, waar hij hoogleraar filosofie is, was een workshop georganiseerd waarbij de beroemde Duitse filosoof Peter Sloterdijk en de even beroemde Franse filosoof Bernard Stiegler met elkaar van gedachten zouden wisselen over het mensentijdperk. Zouden, want uiteindelijk was van een gedachtenwisseling nauwelijks sprake, zegt Ten Bos: 'Ze bakten er helemaal niks van. Hun Engels was belabberd, ze legden niets uit. Stiegler - heel vriendelijke man hoor - zat alleen maar in zijn eigen vocabulaire te praten. En Sloterdijk was vooral aan het neuzelen, zoals zo vaak; hij kraamde half aangeschoten wat bon mots uit, zonder in dialoog te gaan. Ik vond het niet fijn en het publiek evenmin. Ik moest ook spreken op die conferentie, was veel met het onderwerp bezig geweest en ik dacht: ik kan dit gewoon veel beter uitleggen dan die mannen.

'Aanvankelijk wilde ik me in het boek concentreren op antropoceen en cynisme. Dat heb ik laten vallen, maar de vraag blijft interessant: leiden al die catastrofes tot cynisme? Want je kunt de politiek best een zeker cynisme aanwrijven, als ze niet geïnteresseerd is of problemen wegdenkt.'

Maar wie is dan 'de politiek'?

'Ja, dat weet ik niet precies.'

Zoals het ook lastig is 'de mens' verantwoordelijk te houden voor de vernietiging van de aarde - welke mens precies?

'De abstracte algemeenheid hè, zoals Marx zei. Er zijn ontzettend veel bezwaren tegen de naam antropoceen. Mijn collega Pieter Leroy, milieuwetenschapper, vindt het puur narcisme om zo'n naam te gebruiken, want daarmee is de mens toch weer de god die het allemaal doet. En van veel dingen is niet duidelijk hoe het precies zit, bijvoorbeeld klimaatverandering. Iedereen weet natuurlijk wel dat mensen er de oorzaak van zijn dat er zoveel soorten uitsterven, dat momenteel de zogeheten 'zesde massa-extinctie' plaats heeft...'

Ik geloof er niks van dat iedereen dat weet. Media zijn veel drukker met Trump en Wilders dan met de zesde uitroeiingsgolf.

'Mensen zijn van nature veel meer gefocust op bedreigingen van andere mensen dan op bedreigingen die van de natuur komen. En dat is meteen ook een van de problemen die we hebben. Onder wetenschappers is over die massa-extinctie weinig controverse.'

In zijn boek haalt Ten Bos meermaals de Franse filosoof Michel Serres (1930) en de Amerikaanse bioloog en Pulitzerprijswinnaar Edward O. Wilson (1929) aan. Wilson stelde in De halve aarde (2016) voor dat de mens vanaf nu de helft van de planeet uitroept tot natuurreservaat, zodat ecosystemen zich mogelijk nog kunnen herstellen. 'Misschien moeten we in het antropoceen wel met maffe oplossingen durven komen', schrijft Ten Bos. 'Misschien moet je net zo bejaard zijn als Serres en Wilson om alle kritiek die op je wordt afgevuurd, van je af te laten glijden. Misschien zijn het wel juist de mensen die geen lange toekomst meer hebben die iets zinvols over die toekomst te melden hebben.'

Oude mannen die aan het einde van hun leven iets proberen: moet daar dan toch een begin van een oplossing vandaan komen?

'Ik vind dat idee van Wilson een interessant gedachte-experiment. Maar het gaat natuurlijk niet gebeuren. Ik zie niet hoe de politiek, hoe mensen het eens gaan worden. Zo'n idee van een contract met de natuur: gaan we dat regelen op suprastaatsniveau? Ik zie het er niet van komen. Je moet niet denken in termen van maakbaarheid, van yes we can, er is alle reden om twijfels te hebben over climate engineering of andere vormen van radicale actie.

'Mijn dochter is 21, die gelooft helemaal niet meer in democratie; als democratie er niet in slaagt voor dit soort dingen oplossingen te bedenken, wat moet je er dan mee? De democratie hebben we niet omdat ze zo efficiënt is. Democratie is meestal een onhandig systeem. Je hebt te maken met allerlei domoren die ook mee mogen lullen, dat is het kenmerk van een democratie, Plato waarschuwde er al voor. Dat betekent dat als er beslissingen genomen moeten worden, je mag twijfelen over hoe verstandig die beslissingen zijn. Moeten we in vrijheid naar de verdommenis gaan, of kun je beter naar een vorm van ecostalinisme? Dat is een woord dat ik heb gejat van de Duitse klimaatwetenschapper Thomas Behringer, een prachtige term, ecostalinisme. Maar het punt van dat ecostalinisme is dat als je milieumaatregelen gaat opleggen, ze alleen maar méér weerstand oproepen. Niemand wil toch leven in een soort Singapore-model?'

Halverwege zijn boek heeft Ten Bos een voetnoot opgenomen over het kapitalisme, dat hij het 'kapotalisme' noemt 'omdat kapitalisme zo'n heerlijke en intieme relatie heeft met alles wat kapot is en gaat.' Hij wijst naar zijn iPhone. 'De iPhone is een kreng. De Blackberry was veel beter maar ze zijn eruit, omdat ze te duurzaam waren en dat is niet interessant. Mobieltjes, gloeilampen; veel spullen worden door producenten bewust niet duurzaam gemaakt. Ze moeten kapotgaan zodat we nieuwe exemplaren kopen. Dat heet geplande obsoletie.'

U citeert de Britse socioloog Jason Moore, die voorstelt niet te spreken over het antropoceen maar over het capitaloceen.

'Hebzucht en verlangen worden in onze kapitalistische samenleving enorm aangemoedigd. Ergens in de 17de, 18de eeuw is het idee ontstaan dat het niet zo slecht is als het genot hoogtij viert. Tot die tijd dachten mensen dat het voor de maatschappelijke orde beter was als de amor socialis groter was dan de amor privatis, of de amor dei groter dan de amor sui. In de 18de eeuw wordt aan die gedachte getornd. Inmiddels is de hele verlangensstructuur die onder dat kapitalisme zit een van de grote problemen van deze tijd. De kloof tussen verlangen en behoefte. In het kapitalisme moet je kopen wat je wil, niet wat je nodig hebt.'

Het 'zich willen toe-eigenen' dat bij het kapitalisme hoort, is een door en door mannelijke eigenschap, citeert u Michel Serres.

'Ja. Mannen eigenen zich dingen toe, ze omheinen de terreinen met prikkeldraad, zegt Serres, ze plaatsen piketpaaltjes. Ze denken ook dat ze zich een vrouw toe-eigenen door hun zaad in haar te spuiten. Serres verwijst naar de etymologie van het Franse en Engelse woord voor vervuiling, pollution, dat lang zaadlozing betekende. In de 18de eeuw heette zelfbevlekking nog 'the heinous sin of selfpollution'.'

Heeft Serres gelijk, zijn die verschillen tussen mannen en vrouwen er?

'Ik denk het wel, ik ken een paar vrouwen vrij goed en het valt me altijd op dat ze echt heel anders in elkaar zitten dan mannen.'

Hoe anders?

'Ik vind ze meer fluïde, minder geleid door kwaadheid, door bezitterigheid - terwijl we hierover praten, schieten me natuurlijk meteen uitzonderingen door het hoofd. Maar ik denk echt dat vrouwen zich over bepaalde dingen minder druk maken, dat ze minder bewijsdrift hebben. Er zit een soort gemakkelijkheid in hoe ze denken.'

Maar als aan het antropoceen vooral kapitalisme ten grondslag ligt, en aan kapitalisme de toe-eigeningsdrift van de man, dan leven we niet in het antropoceen maar?'

'... in het androceen. Niet in het mensentijdperk maar het mannentijdperk. Inderdaad.'

U behandelt in uw boek vooral het debat over het antropoceen, u citeert de ene filosoof na de andere. Werpen al die woorden niet vooral barrières op?

'Dat is een interessante vraag. Ik denk altijd dat de filosofie van pas komt op momenten dat de rest tekort schiet. Ik heb een soort fundamentele opvatting over filosofie die heel dicht bij me ligt: de filosofie moet woorden geven als er geen woorden meer zijn. De filosofie moet eigenlijk tegen de absurditeit van de werkelijkheid in praten, zoals de Duitse filosoof Hans Blumenberg zegt.'

Met welk doel?

'Als het allemaal niet meer te bevatten en te begrijpen is, is onomastiek - de kunst van het namen geven - het enige wat we nog hebben.'

Is niet juist de taal er de belangrijkste oorzaak van dat we nu in het antropoceen dan wel androceen leven?

Omdat wij ons via de taal werelden kunnen verbeelden en die vervolgens kunnen maken, met als gevolg dat de oorspronkelijke wereld eraan gaat?

'Aan het begin van mijn boek noem ik de Russische film Stalker van Andrej Tarkovski; een schrijver en een professor worden door een stalker een verboden zone in geleid. Het gebied bij het vervuilde Twentekanaal waar ik ben opgegroeid, was ook zo'n verboden zone.

'In Tarkovki's film weten de schrijver en de professor met al hun brains niet te duiden wat er in de verboden zone gebeurt, terwijl de stalker niet zoveel woorden nodig heeft om zich in die maffe wereld thuis te voelen. Aan het eind van de film is discussie over de vraag wat al dat denken eigenlijk vermag.

'Ik vraag me zelf ook vaak af waar al dat denken toe dient. Waarom hebben filosofen zo veel vertrouwen in denken, waarom denken denkers altijd dat denken goed is? Dat heb ik nooit zo begrepen. Tegelijk is het wel mijn instrumentarium.'

Waar hebben we eigenlijk een Denker des Vaderlands voor nodig?

'Je hebt helemaal geen Denker des Vaderlands nodig. Nee. Kom op zeg. Als er een ding is waar ik van doordrongen ben, is het mijn fundamentele overbodigheid.' Box17

René ten Bos, Dwalen in het antropoceen, Non-fictie, Boom; 192 pagina's; euro 20,-.

Lees verder

Wat is er over een miljoen jaar nog over van de mensheid?
We drukken al eeuwen onze stempel op het klimaat, de zee, de bodem. Maar wat is er over een miljoen jaar nog terug te vinden van de mensheid? De vraag leidt inmiddels tot een verbeten woordenstrijd onder geologen. (+)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.