Remkes

Altijd als ik minister Johan Remkes zie, moet ik aan de tandarts denken, of beter gezegd: aan de tandheelkundige zorg in de ruimste zin des woords....

Martin Bril

Johan Remkes maakte deze week een klassieke schuiver. Eerst had hij een mening die hij duidelijk ventileerde. Toen kwam er kritiek op die mening (gevolgd door een telefoontje van de premier) en tot slot zwakte Johan Remkes zijn mening af tot een vaag, zwalkend praatje.

Moet kunnen, was het vroeger.

Schande, klinkt het nu.

De derde etappe van de klassieke schuiver vind ik altijd het mooist, want je ziet de hoogwaardigheidsbekleder dan even in zijn hemd staan. Zelf denkt hij dat hij in krijtstreep is, en vlak voor hij voor de camera's verscheen, schuierde zijn woordvoerder nog even de roos van zijn schouders, maar wij zien hem in zijn hemd staan.

In geval van heer Remkes: een borstrok.

Vanuit die borstrok (helemaal strak rond de ministeriële torso spant het vaak gewassen katoen niet meer) meldde Johan Remkes dus dat hij toch wat minder vierkant achter de AIVD stond dan hij aanvankelijk dacht.

Intussen keek ik naar zijn gebit.

Allereerst moet opgemerkt dat dit gebit natuurlijk niet volop in beeld is als de minister spreekt. Dat zou me wat zijn. Maar toch zijn zijn tanden ongelofelijk aanwezig, ook al zie je ze dus niet, en het is daarom dat ik er altijd naar kijk. Ze staan wat mij betreft een onbevangen perceptie van heer Remkes in de weg.

Wat is er dan?

En, belangrijker, is het erg?

Om met het laatste te beginnen: nee, het is niet erg. Het doet er zelfs niet toe. Het staat in geen enkel opzicht het functioneren van heer Remkes in de weg. Zelfs een klassieke schuiver brengt hij er perfect van af. Laat daar geen twijfel over bestaan.

Het gebitsprobleem van heer Remkes speelt zich af aan de onderkant. In plaats van tanden heeft hij daar een hoop metaal zitten, wat je op het Franse platteland weleens bij een armlastige kruidenier ziet.

Meestal slaagt heer Remkes erin het metaal aan het zicht te onttrekken, maar hij denkt er wel altijd aan, of althans - zijn mond is zich er altijd van bewust. Als hij praat, zie je die mond voortdurend bezig met al dat metaal. Alsof het niet lekker glad is, alsof er altijd wel iets aan vastgehaakt zit, alsof het irriteert. Om het ongemak te camoufleren, praat de minister dus met zijn lippen strak om de tanden.

Een extra complicatie in dit verband is dat heer Remkes zo lang is. Hij moet het hoofd wat laten hangen om op dezelfde ooghoogte als zijn gesprekspartners te komen, automatisch hangt de mond daarbij wat open, en ziedaar die vreemde flitsen van de ouderwetse vullingen; een beetje tandarts zou er allang korte metten mee hebben gemaakt.

Tot slot is er het accent van Johan Remkes. Uit zijn mond klinkt al het Nederlands onvervalst Gronings. Hier heb ik een enorm zwak voor, dat kan ik niet ontkennen. Misschien dat ik daarom een extra oog heb voor de mond van deze minister (er komen ook enkele gouden kronen in voor). Een prachtige talking head vind ik het.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden