Remco Campert

Sissend, knallend en gierend kwam het oude jaar tot stilstand. Ik betastte mijn ledematen, gelukkig niets gebroken, stapte uit en hees me, door weer en wind bestookt, aan boord van het volgende jaar. In me klonk een gedicht na van Ezra Pound: 'Winter is icummen in/ Llude sing Goddamm/ Raineth drop and staineth slop/ And how the wind doth ramm!/ Sing Goddamm.'


Ik probeer altijd de dwang van Oud en Nieuw te ontwijken, omdat ik me niet in een soort tijdsindelingkorset wil laten persen. In mijn belevenis volgt de ene dag gewoon op de andere tot het een keer ophoudt. Maar de door andere mensen met een grotere behoefte aan overzichtelijkheid bedachte kalender is onverbiddelijk. Maak jezelf maar niet wijs dat je je eraan kunt onttrekken: we schrijven 2013 en dat doen we met z'n allen en met elkaar. En de schouders eronder, anders pakken we je keihard aan. Ik hoop, maar heb er weinig fiducie in, dat we van deze politieke terminologie in 2013 verschoond blijven. Hemeltergende clichés, dodelijk voor de aandacht voor het politieke bedrijf.


Afgelopen december mocht ik weer de Arche Kalender ontvangen, een fraai product vol foto's en teksten van overleden schrijvers. De kalender wordt samengesteld door twee energieke vrouwen, Elisabeth Raabe en Regina Vitali, aan wie ik het een en ander te danken heb. Ze zijn er verantwoordelijk voor dat veel van mijn werk, altijd in de eminente vertaling van Marianne Holberg, in het Duits is verschenen. Ik bezocht ze weleens in hun uitgevershuis in Hamburg. Vrolijke, hartelijke middagen met veel hapjes en witte wijn, waar is de tijd gebleven...


Voor de Arche Kalender 2013 heeft men als thema 'de tijd' gekozen. Klaus Mann, Hans Keilson, Sylvia Plath, Proust, Pessoa, Harry Mulisch, Allen Ginsberg, Colette, Nazim Hikmet, enfin, te veel om op te noemen, zeggen hun zegje over de vele facetten van het begrip 'tijd'. Ingeborg Bachmann schreef in een gedicht: 'Er breken hardere dagen aan/ De op oproep uitgestelde tijd/ wordt zichtbaar aan de horizon'. Ze stierf in 1975. Mij trof een fragment uit een brief die Denis Diderot in 1776 schreef aan Friedrich Melchior Baron von Grimm. 'Denk je in: 2 oktober word ik drie-, vier- of vijfenzestig , weet ik het! Dat is een leeftijd, waarop je de jaren telt, en al zeer gauw de maanden, en nog even, dan leef je slechts van de ene dag op de andere. We beginnen allemaal te sukkelen. Als we ons in Grandval aan het ontbijt treffen, heeft de een slecht geslapen en heeft de ander zich bij het opstaan vermoeider gevoeld dan bij het naar bed gaan; de een heeft last van zijn maag, de ander heeft het aan zijn rug of op zijn borst; de tanden willen niet meer, of de ogen. We trekken een ellendige kar voort, waaraan altijd wat rammelt.'


Pogingen om bij de tijd te zijn (in dit geval 31 december 2012), moeten vroegtijdig begonnen worden. Dat gold voor de eindejaarskranten, waarin de gebeurtenissen van het afgelopen jaar, die we juist graag zouden vergeten, omstandig werden opgerakeld. We werden ook op veelsoortige lijstjes getrakteerd, waaronder een lijstje van ons in 2012 ontvallen schrijvers. Eén naam ontbrak, die van Louis Lehmann, componist, geleerde, dichter, gentleman en nog veel meer. De katernen waren al afgesloten, toen hij op 23 december stierf. Omdat hij in 2012 stierf zal hij ook niet voorkomen in de lijstjes die december 2013 zullen verschijnen. Louis is uit de tijd gevallen en blijft zo voor altijd bestaan. Ik eer de dichter die zich afvroeg: 'Kunnen slangen/ en palingen/ in zichzelf/ knopen leggen? Zo ja:/ Zouden zij het doen?/ En weer zo ja: Waarom?'


En bij wijze van toegift: 'Ooit is onvoltooid nooit./ Het stopt, of glijdt/ naar verleden tijd.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden