Rembrandts Marten en Oopjen indrukwekkend in een frambozenvla-roze Philips-vleugel

De bink uit het ene tijdperk, zo leert de expositie High Society, was de clown in het volgende

Een indrukwekkende parade van ijdeltuiten in het Rijksmuseum laat zien hoe de machtigen zich door de eeuwen heen lieten portretteren.

Journalisten bekijken de kunstwerken met o.a. Rembrandts huwelijksportretten van Marten Soolmans en Oopjen Coppit op de tentoonstelling High Society tijdens de perspresentatie in het Rijksmuseum. Beeld anp

Om maar te beginnen met de feestvarkens zelf: die stelen de show, moeiteloos. Rembrandts huwelijksportret van Marten Soolmans en Oopjen Coppit wás al spectaculair, en nu, gerestaureerd en voorzien van vers vernis, is het nog net even een stukje indrukwekkender. Het heeft gewonnen aan diepte en nuance, in het bijzonder in de nopjes op Oopjens jurk en de voorheen door de achtergrond opgeslokte donkere zoom van Martens handschoen, en in de stenen plint met barst. Bestaat er zoiets als zwart licht Marten en Oopjen stralen het. Geflankeerd door een kalende Spaanse ridder van de hand van Velázquez en een agressief vrijmoedige lakenkoopman door Frans Hals, houdt het bijna volledig monochroom geschilderde tweetal zich prima staande.

Dergelijke portretten ten voeten uit horen, zoals bekend, tot de meest bewerkelijke, en daardoor ook de duurste en meest schaarse uit de kunstgeschiedenis. Rembrandt schilderde er slechts drie. Hals maar eentje; Nicolaes Maes nul. Anthony van Dyck schilderde er dan weer honderdzeven, de uitslover, maar die deed naar verluidt enkel de koppen en handen zelf. Hoe dan ook, negenendertig van zulke metershoge werken hangen nu in het Rijksmuseum, de eerste expositie in haar soort.

Het is een indrukwekkende parade van ijdeltuiten die de voor de gelegenheid frambozenvla-roze geschilderde, en kleiner dan voorheen ogende Philips-vleugel sieren. Onder hen vindt men onder anderen een graaf met een demonteerbare gouden schakelketting, een mismaakte keizer met centenbakkie en jachthond, een gynaecoloog die voor liefdesgod doorging en een markiezin met een cokeverslaving en twee luipaarden als huisdieren. Zij hebben welbeschouwd niet veel meer met elkaar gemeen dan dat ze ooit rijk, machtig of belangrijk waren, en dat ze op zeker moment poseerden voor de beste portrettisten van hun tijd. Op hun voordeligst. Met decorum.

Dat decorum zag er door de eeuwen heen uiteraard steeds anders uit. Het kreeg gestalte in poses en kleding (en accessoires) die voor het moderne oog vaker wel, dan niet exotisch aandoen. In de Nederlanden in de zeventiende eeuw was er iets met zwarte stof en vooruitstekende ellenbogen. In Shakespeares Engeland kwamen er schoenen met pluizige bolletjes op de wreef aan te pas. In het Engeland van George III: Schotse plaids die in een vorig leven als gordijn dienst deden. De bink uit het ene tijdperk, zoveel toont High Society, was de clown in het volgende, waarbij de Italianen, als door een of andere natuurkracht er doorgaans minder potsierlijk bijlopen dan de Britten, Hollanders en Duitsers. Kleding is een taal, zij het eentje die niet altijd even welluidend in de oren klinkt.

Journalisten bekijken de kunstwerken van de tentoonstelling High Society tijdens de perspresentatie in het Rijksmuseum. Beeld anp

Op Veroneses prachtig verstilde dubbelportret (uit 1552) wel. Voor dubbelportret lees: tweedubbelportret. De poserende graaf en gravin worden namelijk vergezeld door hun oudste zoontje en dochtertje. Er is veel mooi aan dit kwartet: de gevoerde handschoenen van de graaf, de dode steenmarter met gouden masker van de gravin. Maar wat het maakt, is het jongetje: hoe zijn kleine handjes die van zijn vader omklemmen, hoe zijn aandacht wordt getrokken door iets buiten beeld. Z'n ronde kopje roept precies de mengeling van landerigheid en ongeduld op die men bij een kind mag verwachten tijdens zo'n vervelende poseersessie. Pá-pá, hoe lang nog?

Overigens vond ik de toelichting over de totstandkoming van dit portret en eigenlijk van alle bepaald karig. Voor welke technische problemen zo'n werk een portrettist stelde, het aantal sessies dat het vereiste, of het model daarbij de hele tijd lijfelijk aanwezig diende te zijn, en in hoeverre assistenten eraan meeschilderden: men leert er in High Society precies niks over. Dergelijke kennis legt het af tegen sappige roddels over bastaardkinderen en opstapelende drankrekeningen. Een niet zo klein gemis.

High Society

Rijksmuseum, Amsterdam, t/m 3/6.
Catalogus: "High Society: levensgroot, staand en ten voeten uit", door: Jonathan Bikker, €25,-


High Society Uncut

Eigenlijk bestaat High society uit twee tentoonstellingen. Naast het hoofdgedeelte, dat met de portretten ten voeten uit en alle pretentie en brouhaha, is er een tweede, kleiner deel (High Society - uncut) dat geheel bestaat uit prenten waarop de hogere kringen zich van hun meer liederlijke kant laten zien. En met liederlijke kant bedoel ik: roken, drinken en seksen. En met roken, drinken en seksen bedoel ik: zuipen, slempen en sletten. Het is een leuk toegift. Zij is roze uitgelicht. Men vindt er een sectie met 16+ prenten (niets waar de gemiddelde smartphonebezitter van opkijkt) en een hemelbed, en veel werk van de Brit William Hogarth, wiens voornaamste ambitie in het leven leek om iedere denkbare ondeugd op z'n minst éénmaal af te beelden. Willem Basse's prent van Marten en Oopjen als Rembrandt en Saskia ('Marten, wat doe je nu?!') hangt er ook.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.