Relatiedonoren verkorten wachtlijst

Náomi Leeflang (20) heeft sinds twee jaar drie nieren. Toen haar eigen nieren niet meer bleken te werken, stond haar moeder er een af....

Maar de transplantatie ging door, en met succes. 'Ik heb het gevoel dat ik haar voor de tweede keer het leven heb geschonken', zegt haar moeder.

Frans Lorié (56) kreeg op 12 mei 1998 een nier van zijn vrouw Corrie (58). Jarenlang spoelde hij vier keer per dag zijn buik met een catheter. Transplantatie van een nier van een overledene mislukte door medische complicaties. 'Wie gaat het worden?', vroeg de arts toen hij daarna op controle kwam.

De kinderen waren meteen bereid te doneren, maar dat vond het echtpaar te ver gaan. De nier van Corrie doet het prima: Frans werkt weer fulltime.

De wachttijd voor een donornier is de afgelopen twintig jaar gestegen van één naar vier jaar en dat is voor steeds meer patiënten onaanvaardbaar. Hun gezondheid verzwakt door de dialyse, sommigen overlijden terwijl ze op de wachtlijst staan.

Vandaar de opkomst van de 'relatiedonor': een groeiend aantal ouders, broers, zussen en partners besluit om een nier af te staan. Eenderde van alle transplantaties vindt nu plaats met een nier van een levende donor, tien jaar geleden was dat nog minder dan 10 procent.

Prof. dr. W. Weimar, hoofd niertransplantatie in het Rotterdamse Dijkzigtziekenhuis, zei zaterdag op een congres over nierdonatie dat de grens steeds verder opschuift. De eerste donaties vanburen of goede vrienden zijn al een feit.

Er melden zich zelfs altruïs tische donoren, die een nier willen afstaan aan iemand die ze niet kennen. In een aantal landen wordt zogeheten cross-over donatie toegepast: als een nier vanwege een tekort aan lichamelijke overeenkomsten bij de eigen partner niet past, ruilen donor en ontvanger van nier met een andere donor en ontvanger.

Minister Borst van Volksgezondheid is huiverig voor deze ontwikkeling. Zij heeft de Gezondheidsraad gevraagd de voor- en nadelen van donatie bij leven in kaart te brengen. Borst wil weten waar de ethische grens ligt. Zij vreest dat donoren emotioneel onder druk worden gezet, of dat er geld wordt gevraagd voor een nier.

De Nierstichting is samen met transplantatie-artsen bezig een protocol te ontwikkelen met eenduidige uitgangspunten. 'Het mag niet zo zijn dat de patiënt afhankelijk is van de privé-overtuiging van de arts', zegt prof. dr. H. Akveld, projectleider bij de Nierstichting. 'Laatst hoorde ik van een volwassen donor die een nier wilde afstaan aan één van zijn ouders. De arts weigerde omdat hij dat tegennatuurlijk vond.'

Een protocol biedt de arts echter niet altijd een handvat om immoreel donatiegedrag te ondervangen, zegt Akveld. 'Het is een wereld van gevoeligheid. Staat iemand een nier af om een huwelijk te redden? Hoe goed is die goede vriend die zich vrijwillig als donor aanbiedt? Daar kom je moeilijk achter. En natuurlijk is bij donatie altijd sprake van een zekere emotionele druk. Je ziet een dierbare eraan onderdoor gaan en je weet dat hij met een nieuwe nier is gered.'

De transplantatie-arts behoort altijd apart met de donor en de ontvanger te overleggen. Soms komt daar een psycholoog aan te pas. Als de arts ontdekt dat een donor eigenlijk niet wil, dan zou hij omwille van de goede verstandhouding de patiënt moeten vertellen dat de donor medisch ongeschikt is, vindt Akveld. 'Soms mag de dokter liegen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden