Rel belastingdienst: Congres wil aanklager

President Obama heeft het moeilijk omdat de belastingdienst mogelijk met opzet conservatieve groepen het leven zuur heeft gemaakt. Rechts én links eisen een onafhankelijk onderzoek.

NEW YORK - In het Amerikaanse Congres klinkt de roep om een speciale aanklager die het schandaal rond de belastingdienst (IRS) moet onderzoeken. De top van de dienst weigert verantwoordelijkheid te nemen voor de onrechtmatige focus op conservatieve groepen door de IRS, terwijl duidelijk is geworden dat president Obama door zijn eigen raadgevers in het duister werd gehouden.


De IRS wordt bij wet geacht neutraal te zijn. Maar de dienst heeft de laatste jaren specifiek en kritisch de belastingaangiften van rechtse Tea Party-organisaties onder de loep genomen. Dat is harassment (getreiter), door een invloedrijke tak van de federale overheid.


Zodra het nieuws eerder deze maand naar buiten kwam, reageerden Republikeinen en Democraten in het Congres met verontwaardiging. Ook Obama uitte woede; hij zei niet op de hoogte te zijn geweest van het schandaal. De raadgevers van Obama hebben bevestigd dat zij Obama bewust buiten het overleg over de IRS-zaak hielden. Zo voorkwamen ze dat de president zich kon bemoeien met een gevoelig onderzoek voordat het was afgerond, luidt hun redenering.


Maar hun verdediging van de president - 'hij wist er niet van en draagt dus ook geen schuld' - wordt door critici omschreven als een teken van zwakte en isolement. Volgens Ed Rogers, een voormalige topadviser van president George H.W. Bush, is het niet aannemelijk dat de kabinetschef én de juridische topadviseur van een president weten van belangrijke, controversiële informatie, maar Obama zelf niet. 'Er zijn goede redenen waarom de kabinetschef iets vertelt aan de president, maar ik kan niet één reden bedenken waarom het nieuws hem niet zou bereiken', zegt Rogers. 'Dit is de vreemdste blunder tot nog toe.'


Opponenten dwarszitten

De machtige belastingdienst is vaker door presidenten gebruikt om politieke tegenstanders dwars te zitten; Richard Nixon was een berucht voorbeeld. President Obama ontkent dat daarvan sprake is. Wel zag hij zich gedwongen IRS-voorzitter Steven Miller te ontslaan. In het Congres bood Miller excuses aan voor de misstappen onder zijn toezicht. Dat hielp de afgelopen week niet de controverse de kop in te drukken, zeker toen bleek dat het rapport over het IRS-schandaal in het Witte Huis al weken bekend was voordat het openbaar werd.


Opgewonden hoorzittingen in het Congres resulteerden niet in opheldering. De IRS-topvrouw die direct verantwoordelijk was, Lois Lerner, beriep zich woensdag op haar constitutionele zwijgrecht. Dat deed zij op advies van haar advocaat, maar ondervragers van beide politieke partijen namen er geen genoegen mee. Zij betogen dat Lerner haar zwijgrecht verspeelde toen ze tijdens de dezelfde zitting wel beweerde dat ze 'niets verkeerd' had gedaan. Ze dreigen haar wederom te dagen voor een nieuwe, ongetwijfeld hooglopende hoorzitting.


Obama beloofde bij zijn aantreden een transparante overheid. Voor hem is Lerners stilte slecht nieuws. Een andere oud-topman van de IRS getuigde wel, maar hij weigerde eveneens het boetekleed aan te trekken. Zo blijven de belangrijkste vragen onbeantwoord: wie zette de IRS-ambtenaren ertoe aan rechtse groepen lastig te vallen? Was de harassment politiek gemotiveerd? Wie hoorde wanneer over dit machtsmisbruik? Wat is er aan gedaan?


Om antwoorden te krijgen, is een onafhankelijke, speciale aanklager een logische stap. In een sfeer van ongebruikelijke samenwerking is een groeiend aantal conservatieve en progressieve politici het daarover eens. Een naam die rondgaat is Kenneth Starr: de speciale aanklager die het seksschandaal rond Bill Clinton onderzocht.


De afstandelijke rol van de president - eindverantwoordelijkheid voor wat de IRS doet en laat - blijft verwondering wekken. Om Obama in bescherming te nemen wees zijn topadviseur David Axelrod erop dat de federale overheid 'zo groot' is geworden dat de president onmogelijk zicht kan houden op wangedrag in de ambtelijke machine. Axelrod leek zich niet bewust van de ironie van die redering: Sinds Obama's aantreden zijn de macht en reikwijdte van het federale staatsapparaat sterk gegroeid. Dus als er iemand verantwoordelijk is voor de omvang van 'Washington', waartegen de Tea Party zich zo sterk verzet, dan is het Obama.


In rechtse kringen heerst geen twijfel dat de president schuldig is aan het IRS-schandaal, zij het indirect. Door de Democratische Partij en progressieve media zijn Tea Party-groepen jarenlang als verdacht geportretteerd. Ze zouden 'aan de verkeerde kant van de wet' opereren, 'minder dan respectabel' en zelfs 'terroristen' zijn.


Geen van de aantijgingen werd bewezen. Maar binnen deze cultuur van verdachtmaking ligt het voor de hand dat overheidsinstellingen speciale aandacht schenken aan 'verdachte' groepen, schreef columnist Kimberly Strassel in de Wall Street Journal. Zij citeerde Frank VanderSloot, een ondernemer die - legaal - conservatieve kandidaten steunt: 'Obama prikt een schietschijf op onze rug en is dan verbaasd dat er op ons wordt geschoten.'


Zaterdag in Vonk

Obama in de clinche met de media

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden