Nieuws

Rekenkamer maakt gehakt van financieel beleid Hugo de Jonge, hij kan 2 miljard aan corona-uitgaven niet verantwoorden

De Algemene Rekenkamer velt op Verantwoordingsdag een snoeihard oordeel over het financiële beleid van de minister van Volksgezondheid. Hugo de Jonge kan ruim 2 van in totaal 5,1 miljard euro aan corona-uitgaven niet verantwoorden, onder andere omdat de bonnetjes ontbreken.

Minister Hugo de Jonge neemt in maart 2020 de eerste doos met mondkapjes in ontvangst van Steven Cai (Huawei). Het telecommunicatiebedrijf doneerde 800.000 mondmaskers.  Beeld ANP Handouts
Minister Hugo de Jonge neemt in maart 2020 de eerste doos met mondkapjes in ontvangst van Steven Cai (Huawei). Het telecommunicatiebedrijf doneerde 800.000 mondmaskers.Beeld ANP Handouts

De Rekenkamer heeft hierover formeel bezwaar gemaakt bij het ministerie van VWS, een uitzonderlijke maatregel. De jaarlijkse kwaliteitscontrole van de Rijksuitgaven was dit keer geen onverdeeld genoegen voor de boekhouders van de Algemene Rekenkamer. Het demissionaire kabinet heeft in 2020 overhaast tientallen miljarden euro’s uitgegeven om de coronacrisis het hoofd te bieden. Het is niet verwonderlijk dat de verantwoording van die uitgaven er een beetje bij ingeschoten is.

Geen ontvangstbewijzen

De Rekenkamer toont hier begrip voor, maar constateert tegelijkertijd dat de pandemie ‘structurele zwakheden in de bedrijfsvoering’ van het ministerie van VWS heeft blootgelegd. Het komt erop neer dat minister De Jonge onder grote druk miljarden euro’s heeft uitgegeven aan mondkapjes, testmaterialen en beademingsapparatuur voor zorginstellingen, maar dat hij die uitgaven zeer slecht heeft geadministreerd. Daardoor kan de Rekenkamer niet achterhalen of het geld goed besteed is. Het ministerie kan bijvoorbeeld geen ontvangstbewijzen voor geleverde goederen overleggen. Ook is niet meer na te gaan of het aantal coronatesten waarvoor De Jonge heeft betaald, daadwerkelijk is afgenomen. De Volkskrant schetste afgelopen zaterdag al hoe De Jonges ministerie ruim 100 miljoen euro uitgaf aan mondkapjes van ondernemer Sywert van Lienden, terwijl die beschermingsmiddelen achteraf overbodig bleken.

De boekhouders van de regering rekenen De Jonge dit wanbeheer zwaar aan, omdat de Rekenkamer al jaren klaagt dat VWS niet goed vastlegt waaraan zorgsubsidies opgaan. Ook was De Jonge in september al op de gebrekkige administratie van de corona-uitgaven was gewezen, maar kwam hij begin 2021 pas in actie om greep op de uitgaven te krijgen. Naar aanleiding van de berisping van de Rekenkamer heeft De Jonge inmiddels een verbeterplan opgesteld.

Zonder toestemming parlement

Ook andere ministeries die in 2020 de geldkraan openzetten om de coronacrisis te bestrijden, hebben flinke steken laten vallen, stelt de Rekenkamer vast. Over de hele linie is sprake van ‘ernstige tekortkomingen’. De Rekenkamer hanteert als norm dat maximaal 1 procent van de rijksuitgaven als ‘onrechtmatig’ mag worden aangemerkt. Vorig jaar is die norm met 2,5 procent vér overschreden. ‘Dit is sinds 2008, het jaar van de kredietcrisis, niet meer voorgekomen.’ Van nog eens 1,5 procent van de uitgaven is de rechtmatigheid twijfelachtig. Dat houdt in dat het kabinet vorig jaar mogelijk 13,4 miljard euro over de balk heeft gegooid.

De Rekenkamer wijt de potentiële geldverspilling aan gebrek aan controle door het parlement. Het kabinet heeft de Eerste en Tweede Kamer vorig jaar meermaals voor voldongen feiten gesteld door uitgaven te doen voordat het parlement er een klap op had gegeven. Zo sloot Hugo de Jonge grote leveringscontracten af zonder het parlement vooraf om toestemming te vragen. De ministers van Economische Zaken en Landbouw regelden met stoom en kokend water omvangrijke steunregelingen voor ondernemers. De twee Kamers mochten achteraf tekenen bij het kruisje. Het budgetrecht van het parlement is diverse keren met voeten getreden.

Minister Wopke Hoekstra van Financiën lijkt deze kritiek van de Rekenkamer woensdagochtend niet al te zwaar op te nemen. Tegenover de verzamelde pers verdedigt hij het autocratische gedrag van de ministersploeg met een beroep op de crisisomstandigheden: het kabinet moest in het heetst van de crisis nu eenmaal snel handelen.

Voor zulke wegwuivende gebaren toont Rekenkamer-president Arno Visser weinig begrip. Over dat budgetrecht van de Tweede Kamer moet het kabinet niet te lichtvaardig denken, repliceert hij. ‘Hiermee is de hoeksteen van het democratisch bestel in het geding.’ In 2019, vóór de coronacrisis, gaf de Rekenkamer Hoekstra op dit punt ook al een tik op de vingers. Toen kocht de schatkistbewaarder voor 744 miljoen euro een staatsbelang in Air France-KLM zonder het parlement erin te kennen.

Bovendien werden niet alle onparlementaire besluiten vorig jaar in grote tijdnood genomen. Dit is bijvoorbeeld geen geldig excuus voor het besluit de gedupeerde ouders uit de toeslagenaffaire een basisbedrag van 30 duizend euro toe te kennen. Visser: ‘Het kabinet bracht die regeling meteen naar buiten, voordat de Tweede Kamer erover kon debatteren. De ouders rekenden er toen al op. De Kamer werd zo gewoon voor het blok gezet.’

1. Wildgroei aan fiscale aftrekposten

De politiek zou er verstandig aan doen het struikgewas aan fiscale aftrekposten, teruggaven en belastingvrijstellingen radicaal terug te snoeien, schrijft de Rekenkamer. De controleurs van de rijksbegroting hebben dit jaar eens goed gekeken naar de zin en onzin van allerhande fiscale voordeelregelingen voor ondernemers en burgers. Hun oordeel is niet mals. ‘Telkens is de constatering dat de doelstellingen vaag zijn, de onderbouwing gebrekkig, het resultaat onduidelijk en evaluaties zeldzaam.’ Aanpassen of afschaffen dus, luidt het advies.

Het Nederlandse belastingstelsel kent maar liefst 116 fiscale voordeelregelingen. Die zullen de schatkist dit jaar bijna 111 miljard euro belastinginkomsten kosten, terwijl de geraamde belastingopbrengst 194 miljard euro bedraagt. Die enorme belastingderving staat in geen verhouding tot de opbrengsten, suggereert de Rekenkamer. Vooral niet omdat een groot deel van die regelingen niet efficiënt is. De Rekenkamer deed dit jaar specifiek onderzoek naar vier regelingen: de Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA), de lijfrenteaftrek, de aftrek specifieke zorgkosten en de landbouwvrijstelling. De KIA moet MKB-ondernemers helpen hun bedrijf te laten groeien, maar of de KIA (die al 20 jaar bestaat) dat doel ook bereikt, weet niemand. De lijfrenteaftrek moet burgers zonder pensioenvoorziening helpen pensioen op te bouwen, maar slechts 5 tot 10 procent van de doelgroep maakt er gebruik van.

2. Aanpak natuurbranden kan stukken beter

De Rekenkamer adviseert het volgende kabinet lessen te trekken uit het verloop van twee grote natuurbranden in april vorig jaar. Door klimaatverandering zal Nederland in de toekomst vaker met langdurige droogte en hete zomers te maken krijgen, waardoor het risico op zulke branden stijgt. De brandweer is nu niet goed toegerust om natuurbranden effectief te blussen, constateert de Rekenkamer op basis van de ervaringen van vorig jaar.

Tijdens de bestrijding van de branden in de natuurgebieden Deurnese Peel en De Meinweg kwamen er meerdere knelpunten aan het licht. De Deurnese Peel is een moerasgebied en er is in heel Nederland maar één brandweerteam dat branden in moeilijk begaanbaar terrein met de hand kan blussen. Die ene ploeg kon het dagenlange bluswerk nauwelijks aan, laat staan als er in twee moerasgebieden tegelijkertijd brand uitbreekt. Ook zijn er bij Defensie te weinig blushelikopters voorhanden, en zijn er te weinig militairen die de bijbehorende waterzakken kunnen vullen. Daardoor kunnen blushelikopters maar bij één natuurbrand tegelijk worden ingezet. Dat beide natuurbranden toch redelijk snel geblust werden was deels geluk, stelt de Rekenkamer. Door de coronacrisis konden namelijk meer militairen en brandweervrijwilligers helpen blussen dan anders het geval zou zijn geweest.

3. Coronasubsidie scholen verdwijnt in groot zwart gat

Het kabinet heeft miljarden euro’s uitgetrokken om leerachterstanden in het onderwijs te bestrijden. Scholieren en studenten konden in 2020 en 2021 maandenlang geen fysiek onderwijs volgen en dat is vooral ten koste gegaan van het kennisniveau van kwetsbare leerlingen. De intentie om daar iets aan te doen is natuurlijk mooi en prachtig, maar scholen mogen deels zelf bepalen waar ze dat geld aan uit willen geven. De Rekenkamer vindt dat problematisch. ‘De ministers hebben niet duidelijk gemaakt wat precies het doel en de doelgroepen van deze subsidies zijn. Daardoor krijgen zij en het parlement straks geen inzicht in de mate en wijze waarop de onderwijsachterstanden zijn ingelopen.’

De overheid gooit het geld - kortom - bij de scholen over de heg. De onderwijsinstellingen hoeven niet terug te rapporteren hoe zij die middelen besteden. Ook wordt niet geëvalueerd wat de resultaten van deze financiële hulp zijn, dus of de subsidies hun beoogde doel bereiken. De Rekenkamer merkt op dat de Tweede Kamer bewust (via een aangenomen motie van GroenLinks en D66) heeft afgezien van de eis tot ‘bureaucratische verantwoording’ voor scholen. Rapporteren over de uitgaven zou de scholen te veel tijd, en dus geld, kosten, vond de Kamer. Controle op naleving van de subsidievoorwaarden, en daarmee op misbruik, is daardoor vrijwel onmogelijk.

Verbetering: in een eerdere versie van dit artikel stond dat Hugo de Jonge ruim 5 miljard euro onrechtmatig heeft uitgegeven. In werkelijkheid is dat ongeveer 2 miljard euro volgens de Rekenkamer.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden