Registratie allochtonen is noodzakelijk kwaad Werkgevers meten met twee maten

De registratie van allochtone werknemers die sinds vorig jaar is verplicht, stuit bij werkgevers op grote bezwaren. Ten onrechte, menen de kamerleden A....

ZO'N tien maanden bestaat nu de Wet Bevordering Evenredige Arbeidsdeelname Allochtonen (Wbeaa), een initiatiefwet van Rosenmöller (GroenLinks), Groenman (D66) en Dijkstal (VVD). Deze wet verplicht werkgevers met meer dan 35 werknemers te streven naar een betere vertegenwoordiging van allochtonen in hun personeelsbestand.

De wet vraagt werkgevers jaarlijks verslag te doen van het aandeel allochtone werknemers in hun bedrijf en van het op dit punt gevoerde personeelsbeleid. Verder vraagt de wet werkgevers ieder jaar een plan op te stellen hoe zij de doelstelling van evenredige vertegenwoordiging van allochtonen denken te realiseren. De wet vormt een uitwerking van de in artikel 1 van de Grondwet en in de Algemene wet gelijke behandeling vervatte beginselen.

Al voor de behandeling in de Kamer leidde dit initiatief tot veel discussie, vooral vanwege het heftige verzet van de werkgeversorganisaties. Zij vonden de wet een overbodige administratieve belasting. Tegenover de werkgeversorganisaties stonden minderhedenorganisaties en delen van de vakbeweging, die juist wel voorstander waren van wetgeving om de kansen op werk voor allochtonen te verbeteren.

Deze initiatiefwet kreeg de steun van de fracties van de initiatiefnemers en van PvdA en GPV. Op 1 juli 1994 trad de wet in werking.

Nu is er opnieuw commotie. Werkgeversorganisatie VNO-NCW vindt dat de wet alsnog moet verdwijnen. Daarbij speelt naast de administratieve rompslomp het registratiesysteem een belangrijke rol. Het is opvallend dat de centrale werkgeversorganisaties hun campagne tegen deze wet concentreren op het punt van de registratie. Zij spreken zelfs over de 'registratiewet allochtonen'. Daarmee gaan zij voorbij aan het doel van de wet, namelijk de bevordering van evenredige arbeidsdeelname van allochtonen. Het gaat niet om de registratie op zich, maar om gelijke kansen op werk.

Maar omdat het bij registratie, en zeker bij registratie van etnische gegevens altijd nauw luistert, is het van belang de argumenten van VNO-NCW nog eens van een aantal kanttekeningen te voorzien.

- Wetgeving werd noodzakelijk omdat werkgevers en werknemers er niet in slaagden hun voornemen uit 1990 te realiseren om zestigduizend extra banen te creëren voor allochtonen. Met een forsere inspanning in het verleden was de kans op wetgeving klein geweest. Opmerkelijk is in dit verband trouwens dat de werkgeversorganisaties om die oorspronkelijke doelstelling van zestigduizend banen te halen toch ook een vorm van registratie moesten hanteren.

- Doel van de wet is een personeelsbestand in iedere onderneming met meer dan 35 werknemers dat een afspiegeling vormt van het aanbod in de regio. Om na te kunnen gaan in hoeverre bedrijven dit doel realiseren, moeten deze werkgevers elk jaar een openbare rapportage maken waaruit blijkt wat de resultaten zijn. En meten is weten. Daarvoor is registratie (helaas) onontkoombaar.

- Dat deze registratie vragen of zelfs bezwaren oproept bij werknemers is te begrijpen. Maar de wet is met maximale privacywaarborgen omgeven. Registratie mag alleen worden gebruikt voor het doel van de wet - en wie kan daar tegen zijn. De registratie is niet openbaar. De openbare rapportage die op de registratie wordt gebaseerd mag geen gegevens bevatten die tot individuele personen herleidbaar zijn.

- De ervaring leert dat als de werkgever of de personeelsfunctionaris goede informatie verstrekt de bereidheid om mee te werken aan de registratie heel groot is. En dat is ook logisch omdat het slechts gaat om twee vragen: wat is het geboorteland van jezelf en wat is het geboorteland van je ouders. Dat valt nogal mee als je het vergelijkt met wat werkgevers verder allemaal over hun werknemers willen weten.

- Omdat we niet lichtzinnig met bezwaren tegen registratie hebben willen omgaan, is het op grond van de wet voor individuele werknemers mogelijk te weigeren aan de registratie mee te werken. We bevelen dit niet aan. Integendeel, want een zo compleet mogelijk beeld per onderneming is wenselijk om inzicht te krijgen in de inspanning die een werkgever pleegt om meer allochtonen in dienst te nemen.

- Dat registratie stigmatiserend zou werken, is geen overtuigend argument. Het is juist stigmatiserend dat de werkloosheid onder allochtonen zo'n vier keer hoger is dan onder autochtonen. En het is bedenkelijk dat 80 procent van de personeelsfunctionarissen bij gelijke geschiktheid blijkt te kiezen voor een witte sollicitant en niet voor een migrant. Vooroordelen zitten soms dieper dan we zelf willen geloven.

- De wet geldt voor slechts vijf jaar. Als door een serieuze uitvoering van de wet na afloop van deze termijn evenredige vertegenwoordiging van allochtonen bereikt is, zal de wet uiteraard niet hoeven worden verlengd.

- Het is ten slotte opmerkelijk te noemen dat de werkgevers geen bezwaren aanvoerden tegen de vorig jaar ingevoerde identificatieplicht, maar dat zij wel bezwaar maken tegen registratie op grond van deze wet. Dat lijkt op meten met twee maten.

Tegen de sceptici zeggen we: zeer beperkte registratie van gegevens over je geboorteland en dat van je ouders is een noodzakelijk kwaad. Maar de vragen over het middel mogen het realiseren van het doel - betere kansen voor allochtone werknemers - niet naar de achtergrond dringen.

Aan werkgevers en werknemers zeggen we: laat er in Nederland geen onderklasse ontstaan. Laat een ieder de eigen verantwoordelijkheid daarvoor serieus nemen.

Thanasis Apostolou, Louise Groenman, Paul Rosenmöller en Anne Lize van der Stoel zijn leden van de Tweede-Kamerfracties van respectievelijk de PvdA, D66, GroenLinks en de VVD.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.