Regering wil gevangenen met twee maten meten

De noodwet die beoogt het probleem van de bolletjesslikkers aan te pakken, zal een plotseling veel hogere druk op het justitiële apparaat leggen, betoogt Wiene F....

Wiene F. van Hattum

DE commotie rond het doorlaten van een aantal bolletjesslikkers heeft een tekort aan celcapaciteit blootgelegd. Het heeft geleid tot de indiening van een noodwet, de Tijdelijke wet noodcapaciteit drugskoeriers. De wet zal van toepassing zijn op degenen die vanaf de indiening van het wetsvoorstel wegens in- of uitvoer van harddrugs zijn gepakt. Zij worden in speciale noodvoorzieningen gedetineerd.

Het is de vraag of deze wet de nood wel lenigt en niet weer tot nieuwe verstopping van de capaciteit leidt. Bovendien betwijfel ik of de motivering om de wet tot een bepaalde categorie te beperken, wel een houdbare is in het licht van artikel 1 van de Grondwet, het antidiscriminatie-artikel. Ik zal deze beide vragen hieronder ontkennend beantwoorden.

Twee dingen vielen mij bij lezing van dit wetsontwerp op:

1. Deze wet beperkt zich niet tot een kader voor het plaatsen van meer gedetineerden in één ruimte, maar vervangt de bestaande rechtspositieregeling voor gedetineerden door een schraler regiem.

2. De tijdelijke wet is niet ingegeven door de noodzakelijke opvang en medische zorg voor de bolletjesslikkers. De wet heeft het oog op állen die harddrugs in- of uitvoeren.

De huidige rechtspositieregeling van gedetineerden van 18 jaar en ouder staat in de Penitentiaire Beginselenwet (PBW). Voor de strafrechtelijk minderjarigen geldt de Beginselenwet Justitiële Jeugdinrichtingen (BJJ). De PBW en de BJJ bevatten de minimumwaarborgen waaraan de detentie moet voldoen. De wet maakt het mogelijk elke gedetineerde te plaatsen in het regiem dat het best past en de meeste kans biedt voor zijn resocialisatie. Op basis van de bestaande wetgeving is ook het opsluiten in zogeheten meermanscellen mogelijk. De wetgever heeft daar bij de invoering van de PBW zelfs rekening mee gehouden. Het gebruikmaken van de verblijfsruimten voor meer gedetineerden zou volgens de memorie van toelichting op de PBW afhangen van het gebouw. Dergelijke 'cellen' dienen immers wel aan de eisen van een humane leefconditie te voldoen. Meer gedetineerden in één ruimte is derhalve destijds voorzien en op basis van de bestaande wet mogelijk. Alleen, de gebouwen zijn er niet gekomen. Wat de tijdelijke wet nu doet, is het buiten werking stellen van de PBW en de BJJ, om bij het ontbreken van de gebouwen desondanks meer personen in één ruimte te kunnen opsluiten. Het resultaat is een korting op de materiële rechten. De memorie van toelichting geeft daarvan een trieste opsomming. Om een paar voorbeelden te geven: alleen 'indien mogelijk' wordt bij het uitdelen van de maaltijd rekening gehouden met de godsdienst van de gedetineerde. Activiteiten, noodzakelijk uit oogpunt van humaniteit maar ook om de rust in een inrichting te bewaren, worden tot het minimum van een uur luchten per dag beperkt. Er is geen recht op werk. De contacten met de buitenwereld worden afhankelijk gesteld van de bouwkundige en personele omstandigheden. Gedetineerden hebben slechts recht van beklag tegen beperking van de in deze wet aan hen gegeven 'rechten'. Voorts wordt gebroken met principiële uitgangspunten. Zo worden onder de nieuwe wet veroordeelden en onveroordeelden bij elkaar geplaatst, evenals minderjarigen en volwassenen. Er zal, ten slotte, gebruik worden gemaakt van particulier - en dus minder deskundig - beveiligingspersoneel.

Omdat de rechtspositie zo schril afsteekt bij wat in Nederland als het minimum wordt beschouwd, zal zij aanleiding geven tot beklag, en waar die regeling ontbreekt tot het voeren van een kort geding. Dit betekent onnodige druk op de rechter. Maar een groter capaciteitsprobleem is te verwachten van de plotseling veel hogere druk op het gehele justitiële apparaat. De verhoogde vervolgingsintensiteit zal immers beslag leggen op de rest van de strafrechtketen. Op dit bezwaar hebben ook drie leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba gewezen. Zij betogen in het Nederlands Juristenblad niet de koeriers maar slechts de drugs vast te houden. Het is immers reëel te veronderstellen dat de drugshandel daarmee meer slagen worden toegebracht dan met het vasthouden van steeds weer nieuwe koeriers.

Mijn belangrijkste bezwaar tegen het wetsontwerp betreft het tweede punt, de doelgroep. Zij die na 25 januari voor de overtreding van het verbod van in- en uitvoer van harddrugs worden gepakt, zijn de dupe. Alsof zij het probleem veroorzaken. Stel dat wij vandaag besluiten alle fietsendieven te vervolgen en in voorlopige hechtenis te plaatsen, dan hebben wij een levensgroot cellenprobleem. Moeten fietsendieven daarom in een extra schamel regiem worden geplaatst? En wat is de rechtvaardiging om bijvoorbeeld plegers van geweldsdelicten of mensenmokkelaars recht op aangepast voedsel, contact met de buitenwereld en verlof te geven, en die rechten aan drugskoeriers te onthouden?

Als nu aangevoerd was dat een bijzonder regiem voor de categorie 'na 25 januari 2002 opgepakte drugskoeriers' aangewezen is omdat juist deze nieuw aangekomenen een groter ordeprobleem veroorzaken, vluchtgevaarlijker of agressiever zijn dan de koeriers die nu in de gevangenissen zitten, of dat zij meer medische zorg nodig hebben, dan zou dat weliswaar niet hard te maken zijn, maar dan had de minister een deugdelijke argumentatie. Het argument 'dat de drugskoerier het cellentekort veroorzaakt', is echter niet onderscheidend. Elke gedetineerde belast de celcapaciteit.

Het geschetste soberder dan sobere regiem wordt straks van toepassing op een groep gedetineerden, die hoofdzakelijk bestaat uit underdogs. Het wetsvoorstel is door de Tweede Kamer aangenomen en ligt nu bij de Eerste Kamer. Minister Korthals zou graag zien dat de wet per 1 maart in werking trad. Haast is echter een slechte raadgever. Laten de leden van de Eerste Kamer niet vergeten dat in deze wet fundamentele waarden worden losgelaten en dat daarvan een willekeurige groep gedetineerden het slachtoffer is. 'Nood breekt wet', zegt de minister, maar daarmee kan hij toch niet de Grondwet bedoelen?

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden